on Organizational
Reports
Theorievragen (Kennis en Begrip)
1. Het organisatieverslag beschrijft de formele en informele organisatie.
• a. Noem twee voorbeelden van de formele organisatie.
• b. Noem twee voorbeelden van de informele organisatie.
text
**Antwoord:**
text
* **a.** Voorbeelden van de formele organisatie zijn: het organogram (hiërarchie),
functiebeschrijvingen, afdelingsstructuur, officiële communicatielijnen (lijnstructuur) en het
management.
* **b.** Voorbeelden van de informele organisatie zijn: de koffieautomaatgesprekken,
informele leiders, roddelnetwerken, informele samenwerkingsverbanden en de bedrijfscultuur.
2. Leg uit wat een 'lijn-liniefunctie' is en geef een voorbeeld.
text
**Antwoord:**
Een lijn-liniefunctie is een ondersteunende functie die advies geeft aan de lijnfunctionarissen
(bijv. een manager), maar geen directe beslissingsbevoegdheid over hen heeft. De lijnmanager
beslist uiteindelijk.
, * **Voorbeeld:** Een HR-adviseur geeft advies aan de afdelingsmanager over een conflict
tussen medewerkers. De manager neemt de uiteindelijke beslissing over hoe het conflict wordt
opgelost.
3. Noem drie belangrijke kenmerken van een 'matrixorganisatie'.
text
**Antwoord:**
1. Medewerkers rapporteren aan twee bazen: een lijnmanager (bijv. hun afdelingshoofd) en
een projectleider.
2. Het is een combinatie van een functionele- en een project-/productgerichte indeling.
3. Het bevordert flexibiliteit en specialistische kennisuitwisseling, maar kan ook leiden tot
conflicten over prioriteiten (dubbel toezicht).
Inzicht- en Toepassingsvragen
4. Stel, een medewerker is ontevreden over een nieuw ingevoerd softwarepakket. Hij uit zijn
frustratie niet via de formele kanalen, maar vooral bij de koffieautomaat, waar hij veel
collega's beïnvloedt.
• a. Bij welk aspect van de organisatie (formeel of informeel) hoort dit gedrag?
• b. Welk risico loopt de organisatie hierdoor?
• c. Hoe zou de formele organisatie dit probleem kunnen aanpakken?
text
**Antwoord:**
text
* **a.** Dit hoort bij de **informele organisatie**. De communicatie verloopt niet via de
officiële, voorgeschreven kanalen.
* **b.** Het risico is dat er een negatieve sfeer ontstaat, het verzet tegen de software groeit,
de productiviteit daalt en het management het probleem niet (tijdig) signaleert.
* **c.** De formele organisatie kan dit aanpakken door het creëren van een formeel
feedbackkanaal, zoals een tevredenheidsenquête, een verbeterteam of een vast moment
waarop medewerkers problemen kunnen melden bij hun leidinggevende.