Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Nieren en Urinewegen (DB2-NU)

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
51
Geüpload op
28-11-2025
Geschreven in
2025/2026

Het is een samenvatting van het vak Nieren en Urinewegen (DB2-NU). Het vak is van de opleiding Diergeneeskunde van de Universiteit Utrecht en wordt gegeven in periode 1 van jaar 2. De samenvatting is gemaakt in het jaar .

Voorbeeld van de inhoud

NU Samenvatting (Mees Louwen)

Hoorcolleges

HC1: Introductie en functie en bouw nieren en urinewegen

Probleemgerichte aanpak

- Waarneming → interpretatie → plan
o Definities
o Prioriteiten
o Interpretaties (richting DDx)
- Symptomen
o PU/PD
o Braken
o Oedeemvorming/ascites
o Afwijkende mictie
- Laboratorium
o Urineonderzoek (hematurie, SG, proteïnurie, glucosurie)
o Bloedonderzoek (kreatinine, eiwitten, elektrolyten, kreatine/ureum ratio)


Functies nieren
- Excretie van metabolieten, medicijnen en toxinen
- Homeostase van het volume, de osmolariteit, elektrolyten en de pH in bloed
- Endocriene functies zoals productie EPO, RAAS systeem, prostaglandine en
calcitriol (vitamine D).


Ontwikkeling nieren
Nieren ontwikkelen vanuit het mesoderm, en
om precies te zijn het intermediaire
mesoderm.

Het intermediaire mesoderm loopt vanuit de
halsregio helemaal naar caudaal. Hierbij
ontstaan er verschillende gebieden/stadia
(pronephros, mesonephros, metanephros).
De verschillende stadia ontwikkelen
verschillend (zowel locatie als tijd).

,De metanephros (zwart) wordt de uiteindelijke functionele nier in volwassen dieren.
De mesonephros (blauw) is de embryonale nier (oernier) die alleen dan functioneel is.
De pronephros (oranje) heeft bij zoogdieren geen functie behalve aanzet voor
ontwikkeling van de rest. Bij “lagere” dieren vaak wel een functie.

De metanephros ontstaat vanuit de
ureterknop. Deze ureterknop ontstaat uit
de ductus mesonephricus (oernierbuis).
Deze knop gaat groeien richting het
metanefrogeen blasteem (richting
toekomstig nierweefsel) en als hij daar
aankomt zal de knop zich gaan vertakken.

Het klompje cellen rondom de
vertakkingen van de ureterknop gaan
zich ook organiseren en differentiëren.
Daaruit ontstaan de proximale tubuli,
Lis’ van Henle en distale tubuli.

De ureterknop vormt dus de
verzamelbuizen, nierbekken en
kelkjes.
Het metanefrogeen blasteen vormt de
nefronen, interstitium en het kapsel.

Als de knop en het metanefrogeen blasteem meer uitgegroeid zijn dan ontstaan er
lobben. Deze lobben kúnnen gaan fuseren en dit is diersoortspecifiek.
Zeezoogdieren hebben erg veel lobben en het nierbekken is erg vertakt.
Unilobulair zijn gladde nieren waarbij de lobben volledig gefuseerd zijn (paard, kleine
herkauwers, vleeseters, OOK mensen en varkens). Multilobulair zijn er nog meerdere
lobben.
Unipapillair zijn nieren waarbij de papilla ook gefuseerd zijn. Dit is de meest gefuseerde
stap (paard, kleine herkauwers, GEEN mensen en varkens). Mensen en varkens zijn
multipapillair maar dus wél unilobulair.

,De nieren ontstaan in het bekkengebied. Ze blijven niet daar maar migreren naar
craniaal. De rechter nier komt hierbij iets meer craniaal te liggen dan de linker (behalve
bij varken).
Caudaal van de nier komen dan de gonaden te liggen (nieren halen ze in) die onderdeel
worden van het geslachtsapparaat.
Er kan bij de migratie van de nieren nog wel iets verkeerd gaan. Zo kan een nier migreren
of de ander niet (pelvic kidney), of kunnen de nieren gaan fuseren (horseshoe kidney)
waardoor ze blijven hangen achter de arteria mesenterica caudalis. Dit heeft geen
klinische waarde maar wordt als toevalsbevinding gevonden.


Macroscopische bouw + ligging
De kelken (stengels) van de nier worden ook wel calyces genoemd. Bij dieren waarbij de
papillen ook zijn gefuseerd worden deze samen het crista renalis genoemd.
De nieren liggen retroperitoneaal (linker nier hangt iets meer
in het peritoneum), dorsaal en de rechter nier iets meer
craniaal.
Door de magen van het rund liggen de nieren helemaal aan de
rechterkant. De linker nier ligt ook erg rechts. Ze zijn beter te
onderscheiden door de wervels waar ze liggen (rechter nier
dus cranialer (13e thoracale) dan de linker (3e lumbale)).


Microscopische bouw
Een nefron is een functionele eenheid van de nier. Het aantal nefronen is
diersoortafhankelijk.
Een nefron bestaat uit:
- Nierlichaampje = glomerulus + kapsel van Bowman
- Proximale tubulus
- Lis van Henle
- Distale tubulus

In de afbeelding zijn de cortex en
medulla aangeduid. Er zijn twee soorten
nefronen: juxtamedullaire nefronen en
corticale nefronen.
Juxtamedullair wil zeggen dat ze dicht bij
de medulla liggen. Ze hebben dan ook
een Lis van Henle die behoorlijk ver
doorloopt.
Corticale nefronen hebben een veel
kortere Lis van Henle en die komen bijna
niet in de medulla.

, De cortex met glomeruli
In de afbeelding is een microscopische afbeelding
te zien van de cortex van een nier. Hierin zijn de
glomeruli, proximale tubuli, distale tubuli en
kapsel van Bowman zichtbaar.
Dieren die goed hun urine kunnen concentreren
hebben een uitgebreide Lis van Henle met veel
juxtamedullaire nefronen.

Het juxtaglomerulair apparaat (in de buurt van
glomerulus) bestaat uit:
- Macula densa → oefent invloed uit op distale tubulus
(Na-K-2Cl-transporter)
- Juxtaglomulaire cellen (granulaire cellen) → maakt
renine
- Extraglomulaire mesangium cellen
Deze 3 reguleren de glomerulaire filtration rate (GFR).

De afferente arteriole zorgt voor aanvoer, de efferente
arteriole loopt ervan weg.


In de proximale tubulus vindt de reabsorptie en secretie
plaats. >60% van het water wordt hier teruggeresorbeerd en
ook veel opgeloste stoffen (glucose bijv.).
Anorganische ionen worden gesecreteerd.


In de Lis van Henle is er concentrerend
vermogen. In het afdalende/dunne deel is er
grote permeabiliteit van water en dus treedt er
door osmose water uit. Hierdoor concentreert
de inhoud van de Lis.
In het stijgende/dikke deel is er geen
permeabiliteit maar wel actief transport van
NaCl naar het interstitium. Deze NaCl gaat
naar het interstitium en zorgt ervoor dat de
osmotische gradiënt van het dunne deel zo
blijft dat er water blijft bewegen. Dit is counter
current multiplication (zie hiernaast).

Documentinformatie

Geüpload op
28 november 2025
Aantal pagina's
51
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€6,48
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
meesl

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
meesl Universiteit Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
5 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
10
Laatst verkocht
-
Diergeneeskunde Samenvattingen

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen