Social Work blok 1
Werkvelden social work:
Jeugdzorg
Ouderenzorg
Verslavingszorg
Justitiële inrichting
Gehandicaptenzorg
GGZ
Sociologie: onderzoekt de manier waarop mensen samenleven. Kennis van sociologische
theorieën stelt je in staat om op verschillende manieren naar dilemma’s in de samenleving te kijken
en kan je helpen om bepaalde fenomenen te verklaren, die van directe invloed zijn op de mensen die
je in je werkt tegenkomt.
Emile Durkheim: Functionalisme (sociale cohesie, verbondenheid, gebrek aan samenhang, wegvallen
van sociale bindingen, sociale structuur)
Karl Marx: Conflictsociologie (sociale ongelijkheid, verdeling van armoede en rijkdom, ongelijke
verdeling van bezit, macht, kennis en aanzien, maatschappelijke waardering)
Max Weber: Symbolisch interactionisme (sociale gedrag, interacties, rationalisering, modernisering,
gedrag vertonen bij opvattingen/vooroordelen)
Sociale segregatie: mensen van verschillende bevolkingsgroepen hebben in het dagelijks leven
nauwelijks contact met leden van andere groepen. Segregatie kun je zien als een ruimtelijke of
sociale afstand tussen groepen. Sociale segregatie speelt zich af in verschillende domeinen:
School
Wijk
Werk
Huwelijk
Sociale contacten
Dilemma’s in sociaal werk:
Bemoeien versus loslaten
Activeren versus ondernemen
Verschillende waarden en normen
, Afstand en nabijheid
Professionele autonomie en discretionaire ruimte
Informele en formele hulp
Belang client versus de organisatie
Belang van mensen versus maatschappelijke ontwikkelingen
Belang individu versus de samenleving
Een sociaal vraagstuk is een maatschappelijke kwestie of maatschappelijk probleem dat veel mensen
als onwenselijk beschouwen. Het gaat om zaken die meerdere mensen treffen, zoals uitgaansgeweld,
werkeloosheid, criminaliteit, de druk van de vergrijzing op de zorg, ongelijkheid, eenzaamheid,
armoede en schuldhulpverlening, de kloof tussen theoretisch en praktisch opgeleiden, problemen
met wonen, asielopvang en de arbeidsmarktpositie van mensen met een migratieachtergrond.
Sociaal-maatschappelijke problemen kunnen leiden tot psychosociale problemen.
Minimaregelingen
Minimaregelingen zijn voorliggende voorzieningen voor mensen die moeten rondkomen van een
zeer laag inkomen.
Minimaregelingen zorgen ervoor dat mensen in hun levensonderhoud kunnen voorzien of
onvoorziene uitgaven kunnen betalen.
De term ‘voorliggende voorziening’ houdt in dat een inwoner de kosten op een andere manier
vergoed kan krijgen.
Participatiewiel
Het Participatiewiel is door Movisie ontwikkeld.
Het is een leidraad om mensen te ondersteunen bij het meedoen in de samenleving.
De leefwereld van mensen staat centraal.
Je werkt vanuit de behoeften en doelen van de mensen om wie het gaat (en niet vanuit wetten en
regels). Je biedt ondersteuning op maat aan mensen die een steuntje in de rug nodig hebben.
Het Participatiewiel:
● laat zien dat de mens centraal staat, en niet de wet- en regelgeving
● laat zien in welke volgorde je werkt (van binnen naar buiten)
● laat zien welk aanbod van wie bij participatiedoelen past
● laat zien welke wetten bij welke activiteiten relevant zijn.
De kern van het participatiewiel bestaat uit zes doelen die mensen kunnen hebben:
● Zelfstandig functioneren
● Sociale contacten
● Maatschappelijk deelnemen
● Maatschappelijk bijdragen
● Opdoen van vaardigheden
● Eigen inkomen.
Werkvelden social work:
Jeugdzorg
Ouderenzorg
Verslavingszorg
Justitiële inrichting
Gehandicaptenzorg
GGZ
Sociologie: onderzoekt de manier waarop mensen samenleven. Kennis van sociologische
theorieën stelt je in staat om op verschillende manieren naar dilemma’s in de samenleving te kijken
en kan je helpen om bepaalde fenomenen te verklaren, die van directe invloed zijn op de mensen die
je in je werkt tegenkomt.
Emile Durkheim: Functionalisme (sociale cohesie, verbondenheid, gebrek aan samenhang, wegvallen
van sociale bindingen, sociale structuur)
Karl Marx: Conflictsociologie (sociale ongelijkheid, verdeling van armoede en rijkdom, ongelijke
verdeling van bezit, macht, kennis en aanzien, maatschappelijke waardering)
Max Weber: Symbolisch interactionisme (sociale gedrag, interacties, rationalisering, modernisering,
gedrag vertonen bij opvattingen/vooroordelen)
Sociale segregatie: mensen van verschillende bevolkingsgroepen hebben in het dagelijks leven
nauwelijks contact met leden van andere groepen. Segregatie kun je zien als een ruimtelijke of
sociale afstand tussen groepen. Sociale segregatie speelt zich af in verschillende domeinen:
School
Wijk
Werk
Huwelijk
Sociale contacten
Dilemma’s in sociaal werk:
Bemoeien versus loslaten
Activeren versus ondernemen
Verschillende waarden en normen
, Afstand en nabijheid
Professionele autonomie en discretionaire ruimte
Informele en formele hulp
Belang client versus de organisatie
Belang van mensen versus maatschappelijke ontwikkelingen
Belang individu versus de samenleving
Een sociaal vraagstuk is een maatschappelijke kwestie of maatschappelijk probleem dat veel mensen
als onwenselijk beschouwen. Het gaat om zaken die meerdere mensen treffen, zoals uitgaansgeweld,
werkeloosheid, criminaliteit, de druk van de vergrijzing op de zorg, ongelijkheid, eenzaamheid,
armoede en schuldhulpverlening, de kloof tussen theoretisch en praktisch opgeleiden, problemen
met wonen, asielopvang en de arbeidsmarktpositie van mensen met een migratieachtergrond.
Sociaal-maatschappelijke problemen kunnen leiden tot psychosociale problemen.
Minimaregelingen
Minimaregelingen zijn voorliggende voorzieningen voor mensen die moeten rondkomen van een
zeer laag inkomen.
Minimaregelingen zorgen ervoor dat mensen in hun levensonderhoud kunnen voorzien of
onvoorziene uitgaven kunnen betalen.
De term ‘voorliggende voorziening’ houdt in dat een inwoner de kosten op een andere manier
vergoed kan krijgen.
Participatiewiel
Het Participatiewiel is door Movisie ontwikkeld.
Het is een leidraad om mensen te ondersteunen bij het meedoen in de samenleving.
De leefwereld van mensen staat centraal.
Je werkt vanuit de behoeften en doelen van de mensen om wie het gaat (en niet vanuit wetten en
regels). Je biedt ondersteuning op maat aan mensen die een steuntje in de rug nodig hebben.
Het Participatiewiel:
● laat zien dat de mens centraal staat, en niet de wet- en regelgeving
● laat zien in welke volgorde je werkt (van binnen naar buiten)
● laat zien welk aanbod van wie bij participatiedoelen past
● laat zien welke wetten bij welke activiteiten relevant zijn.
De kern van het participatiewiel bestaat uit zes doelen die mensen kunnen hebben:
● Zelfstandig functioneren
● Sociale contacten
● Maatschappelijk deelnemen
● Maatschappelijk bijdragen
● Opdoen van vaardigheden
● Eigen inkomen.