Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Alle casuïstiek domein brein (BBG-2)

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
54
Geüpload op
08-12-2025
Geschreven in
2025/2026

Samenvatting van alle casussen binnen het domein brein tijdens BBG-2

Voorbeeld van de inhoud

Casus 1.

1. DSM-5: stemmingsstoornissen (depressief & bipolair)

Binnen de DSM-5 horen bipolaire en depressieve stoornissen elk tot een eigen cluster; het
onderscheid rust op het wel of niet voorkomen van (hypo)manische episoden.

Bipolaire-I-stoornis: er is ten minste één manische episode geweest; een depressieve
episode is niet vereist maar komt vaak voor.

Bipolaire-II-stoornis: er is minstens één hypomanische én één majeure depressieve episode
geweest, zonder ooit een manie.

Cyclothyme stoornis: er zijn ≥ 2 jaar wisselende subklinische hypomane en depressieve

symptomen die de episodedrempel niet halen, zonder klachtenvrije intervallen >2 maanden.

● Depressieve-stemmingsstoornissen:
○ Depressieve stoornis; Persisterende depressieve stoornis (dysthymie);
Premenstruele stemmingsstoornis
○ Middel/medicatie-geïnduceerd; door somatische aandoening
○ Veelgebruikte specificaties: met angstige spanning, met gemengde
kenmerken, melancholisch, psychotisch, atypisch, katatoon, peripartum-
begin, seizoensgebonden patroon

2. Klinische kenmerken bipolaire stemmingsstoornis

Het beeld is episodisch met manische of hypomane fasen en vaak depressieve episoden;
tussendoor is er vaak herstel.

● Manie (≥ 1 week of opname): abnormaal verhoogde/expansieve of prikkelbare

stemming met verhoogde doelgerichte activiteit/energie; verminderde slaapbehoefte,
spraakdrang, gedachtevlucht, afleidbaarheid, overactiviteit/risicogedrag, grandiositeit
● Hypomanie (≥ 4 dagen): dezelfde richting, milder; geen duidelijke beperkingen of

opname; geen psychose

● Gemengd & rapid cycling: gelijktijdige (hypo)manische en depressieve symptomen; ≥

4 episoden/jaar met mindere medicatierespons.
● Risico’s en uitlokkende factoren: verhoogd suïciderisico (o.a. bij
middelengebruik/angst), circadiane ontregeling (ploegendienst/jetlag),
schildklierstoornissen, stress.
● Diagnostisch: heteroanamnese is vaak nodig; psychotische kenmerken kunnen als
specificatie voorkomen

, 3. Klinische kenmerken depressieve (unipolaire) stoornis

Een depressieve episode duurt minimaal twee weken en gaat gepaard met duidelijke
lijdensdruk en functieverlies.

● DSM-5 (≥ 5/9, incl. sombere stemming óf anhedonie): sombere stemming, verlies
van interesse/plezier, gewichts-/eetlustverandering, insomnia/hypersomnia,
vermoeidheid, psychomotorische agitatie/vertraging, concentratie-/beslisproblemen,
schuld/waardeloosheid, suïcidegedachten
● Symptoomclusters:
○ Affectief: somberheid, anhedonie
○ Somatisch: slaap- en eetlustverandering, energieverlies
○ Cognitief: negatieve denkstijlen, concentratiestoornissen
○ Conatief: psychomotorische veranderingen, initiatiefverlies
● Subtypes/specifiers: melancholisch, atypisch, psychotisch, met angstige spanning,
gemengd, katatoon, peripartum-begin, seizoensgebonden patroon
● Persisterende depressie (dysthymie): ≥ 2 jaar milde maar hardnekkige klachten

zonder klachtenvrije intervallen > 2 maanden

4. Depressieve en bipolaire stoornissen

In beide stoornisgroepen komt biologische kwetsbaarheid samen met psychologische en
omgevingsfactoren; dit bepaalt ontstaan, beloop en terugval.

Etiopathogenese:
Bipolair: dysregulatie van het Behavioral Approach System; circadiane ontregeling kan
episoden uitlokken.
Depressie: HPA-as-ontregeling, veranderingen in monoaminerge transmissie; psychosociale
kwetsbaarheden (vroegkinderlijk trauma, hoge neuroticisme, negatieve denkpatronen).
Overkoepelend: verhoogde ontstekingsmarkers (CRP, IL-6, TNF-α); schildklierfunctie kan
klachten beïnvloeden.

Comorbiditeit:
Bipolair: middelengebruik en angststoornissen komen vaak voor en verhogen het
suïciderisico.
Depressie: frequente co-occurrence met angst; somatiek/medicatie kan klachten initiëren of
onderhouden.

Differentiaaldiagnose:
Bipolair: middel-/medicatie-geïnduceerde (hypo)manie, endocriene/somatische oorzaken,
schizoaffectieve/psychosespectrumstoornissen, borderline-persoonlijkheidsstoornis
Depressie: rouw of aanpassingsstoornis met sombere stemming, somatische aandoeningen,
intoxicatie/onttrekking, delirium/dementie bij prominente cognitieve stoornissen

Epidemiologie:
Bipolaire stoornis: levensprevalentie ~2 – 4%; eerste episode vaak in
adolescentie/jongvolwassenheid; recidiverend beloop.

,Depressieve stoornis: levensprevalentie ~ 1 op 5; vaker bij vrouwen

Erfelijkheid:
Bipolair: sterke genetische component; vroeger begin bij positieve familieanamnese
Depressie: meerdere risicogenen; gemiddeld lagere genetische bijdrage dan bij bipolair


5. Behandeling depressieve en bipolaire stemmingsstoornis

Het principe is volledige remissie met terugvalpreventie via psycho-educatie, psychotherapie
waar passend en somatische behandeling; comorbiditeit en leefstijl worden actief
meegenomen.

● Depressieve stoornis:
○ Licht: psycho-educatie en follow-up; slaap/waak- en dagstructuur; beweging;
e-health/bibliotherapie; probleemoplossende interventies
○ Matig–ernstig of uitblijvend herstel: CGT of IPT; antidepressiva met
effectevaluatie na 4–6 weken; eventueel combineren met psychotherapie
○ Persisterend: Cognitive Behavioral Analysis System of Psychotherapy of
schematherapie; overweeg augmentatie
○ Somatisch: Electroconvulsive therapy (ECT) bij therapieresistentie of
urgentie (ernstige katatonie, voeding-/vochtweigering, zeer hoog
suïciderisico); rTMS/DBS niet routinematig; lichttherapie bij seizoenspatroon
● Bipolaire stoornis:
○ Acute manie: stop antidepressivum; start antipsychoticum (bijv. haloperidol,
olanzapine, quetiapine, risperidon) + lithium of valproaat; kortdurend
benzodiazepine bij onrust/slaapproblemen; ECT bij refractaire/gevaarlijke
manie.
○ Bipolaire depressie: vermijd antidepressivum-monotherapie bij bipolair-I;
effectieve opties: quetiapine, lurasidon, olanzapine, fluoxetine, lamotrigine;
SSRI kan worden toegevoegd met nauwgezette monitoring; lichttherapie bij
seizoenspatroon
○ Onderhoud: lithium als eerste keus (spiegelcontrole + somatische
monitoring); alternatieven/aanvullingen: quetiapine, valproaat, olanzapine,
lamotrigine (beschermt vooral tegen depressieve episoden)
○ Psychosociaal: gestructureerde psycho-educatie (ook voor naasten), stress-
en leefstijlregulatie, beperking middelengebruik, zelfmanagement en
signaleringsplan, CGT of interpersoonlijke sociaal ritme therapie (IPSRT) op
indicatie.
● Farmacologische aandachtspunten (kort):
○ SSRI/SNRI: 1e/2e keus unipolair; onset 2–6 weken

, ○ TCA: effectief maar anticholinerg/antihistaminerg/α1-blokkade en cardiale
bijwerkingen; ongunstig bij suïciderisico
○ MAO-remmers: remmen afbraak 5-HT/NA/DA; tyramine-interactie
(hypertensieve crisis); na staken duurt enzymherstel ±3 weken
○ Lithium: smalle therapeutische breedte; monitor nier/thyreoïd, let op zout- en
vochtbalans; bijwerkingen o.a. GI-klachten, tremor, gewichtstoename

6. Expressed Emotion (EE)

EE beschrijft hoe naasten zich uiten over en tegenover de patiënt; hoge EE wordt bepaald
door veelvuldige kritiek, vijandigheid en emotionele overbetrokkenheid/overbescherming.

● Klinische relevantie: hogere kans op recidief en tragere verbetering, o.a. bij bipolaire
stoornissen
● Aanpak: psycho-educatie en communicatie-/probleemoplossingsvaardigheden met
naasten

7. Inprentingsstoornissen

Inprenting is het encoderen van nieuwe informatie; bij een inprentingsstoornis wordt nieuwe
informatie niet adequaat vastgelegd en faalt latere reproductie, vaak als anterograde
amnesie.

● Neurobiologie: hippocampus en limbisch systeem (incl. amygdala) zijn essentieel;
emotionele arousal via amygdala/HPA-as kan inprenting versterken
● Kliniek/status mentalis: zwak leren/onthouden van nieuwe woordlijsten of
cijferreeksen; werkgeheugen kan relatief intact lijken
● Oorzaken/differentiaal: bilaterale hippocampus beschadiging, intoxicaties
(alcohol/benzodiazepinen), hypoglykemie, TBI, transient global amnesia;
delier/dementie geven vaak bredere cognitieve stoornissen

Documentinformatie

Geüpload op
8 december 2025
Aantal pagina's
54
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€8,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
erroldekoning

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
erroldekoning Maastricht University
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen