Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

ALLE HOOFDSTUKKEN; MBT1 samenvatting + oefententamens, uitwerkingen van individuele en werkgroepopgaves+formulesoverzicht+tabellen

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
224
Geüpload op
19-12-2025
Geschreven in
2025/2026

Behaald met 8,3, Wil jij tijd besparen met samenvatten en opgaves uitwerken? Dit document bevat ALLE HOOFDSTUKKEN; MBT1 samenvatting + oefententamens, uitwerkingen van individuele en werkgroepopgaves+formulesoverzicht+tabellen LET OP GEEN SPSS LINKS!!! je hiermee alleen oefenen met theorie

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Blok 1
Friday, September 19, 2025 8:24 PM




Leerdoelen Page 1

, Onderzoeksmethode en -designs
Friday, September 19, 2025 8:43 PM



Wat is epidemiologie?
Dit is de wetenschap die zich bezighoudt met onderzoek naar gezondheid en ziekte bij mensen. Epidemiologie maakt gebruik van kwantitatieve onderzoeksmethoden. Hierin wordt beschrijvende (wie, wat, waar
en wanneer een ziekte of gezondheidsprobleem voorkomt) en verklarende (waarom een ziekte voorkomt, waarbij oorzaken, risicofactoren en overdrachtsmechanismen worden geanalyseerd om de oorzakelijke
verbanden te onthullen) epidemiologie gebruikt.

• Epi = bij
• Demos = bevolking

Definitie:
Epidemiologie is de studie van de verspreiding (frequentie, patroon) en de verklarende factoren (oorzaken, risicofactoren) van aan gezondheid gerelateerde toestanden en gebeurtenissen
(gezondheidsuitkomsten) in bepaalde populaties op een bepaald moment.
In andere woorden: de studie van hoe en waarom gezondheid en ziekte voorkomen binnen een populatie, op een bepaald tijdstip.
Wat is methodologie?
Methodologie = het proces tussen een wetenschappelijke vraag en het antwoord daarop.

• Alle stappen en keuzes in een onderzoeksproces om een onderzoeksvraag te beantwoorden.
• Doel: het zo inrichten dat de gegevens maar op één manier te interpreteren zijn.

Taak van de academicus / gezondheidswetenschapper

o Onderzoeken mogelijke bronnen van vertekening.
o Beredeneren wat het effect van vertekening is op onderzoeksresultaten.
o Herevalueren van bestaande theorieën op basis van nieuwe inzichten.
o Begrip ontwikkelen van samenhang en (mogelijke) oorzakelijkheid.
• Belangrijk
o Resultaten kunnen altijd beïnvloed zijn door bias → kritisch beoordelen.
o Nieuwe studies met betere onderzoeksopzetten kunnen eerdere theorieën ontkrachten.

Empirisch onderzoek
• Het opkomen van nieuwe onderzoeken door eerdere onderzoeken, wat zich blijft herhalen noem je empirisch cyclus

o 1. Onderzoeksvraag
2. Passend onderzoeksdesign; populatie selecteren, meetinstrument, meetmoment en manier van analyseren
3. Onderzoek uitvoeren
4. Resultaten analyseren
5. Conclusie
6. Discussie

Werkwijze empirisch onderzoek
o Doel van onderzoek
o Uitspraken doen over een hele populatie (bijv. patiëntenpopulatie).
o Probleem
o Hele populatie meten is onmogelijk:
▪ Te groot.
▪ Nieuwe patiënten komen er steeds bij.
▪ Beperkte tijd en middelen.
o Oplossing
o Gebruik van steekproef.
o Soms meerdere steekproeven → meer betrouwbaarheid.
o Steekproef moet een goede afspiegeling zijn van de populatie.
o Vertaal wat je in steekproef vindt terug naar populatie (inferentie)
o Voorwaarden
o Validiteit van metingen binnen de steekproef.
o Representativiteit van de steekproef → resultaten moeten toepasbaar zijn op de populatie.
o In de praktijk zien we alleen de steekproefuitkomsten en hopen we dat de steekproef representatief was, daarom beschrijven on derzoekers het in discussie mocht het afwijken
o Metafoor (slapende poes)
o De werkelijkheid = volledige foto van slapende poes.
o Onderzoek = tekening die niet alles tot in detail weergeeft.
o Belangrijk: de tekening moet voldoende duidelijk maken dat het om een slapende poes gaat → goede representatie

Kwantitatief en kwalitatief onderzoek
Type onderzoek Focus Kenmerk Voorbeeld
Kwantitatief Richt zich op gesloten vragen → ja/nee, • Levert getallen (bijv. bloeddruk meten, aantal infecties Is er een associatie tussen roken en longkanker?
bevestigend/ontkennend. tellen).
• Statistiek wordt gebruikt om vragen te beantwoorden.
• Invloed van onderzoeker is minimaal.
Kwalitatief Richt zich op open vragen → gedrag, motivatie, ervaringen. • Gegevens via interviews, focusgroepen, observaties. Wat zijn de ervaringen van patiënten met een bepaalde
• Onderzoeker heeft grotere invloed. behandeling?


Overeenkomst
• Beide gebruiken een systematische benadering.
• Volgorde: onderzoeksvraag → gegevens verzamelen → analyse → rapporteren.


Biostatistiek
Basisbegrippen
Populatie
• De groep mensen waarover je iets wilt zeggen → doelpopulatie.
Steekproef
• Een selectie van mensen uit de populatie die je daadwerkelijk onderzoekt → onderzoekspopulatie.
• Laat zien naar wie resultaten generaliseerbaar zijn.
Voorbeeld:
Je wilt weten hoe vaak HIV voorkomt in de bevolking van Zuid-Afrika. Je test 8000 willekeurige Zuid-Afrikanen.
Belangrijk: goed beschrijven in onderzoek in hoeverre de resultaten te generaliseren zijn naar de hele populatie.

Inferentie
• Definitie: Het generaliseren van waarnemingen, kenmerken en eigenschappen uit
steekproeven naar de gehele populatie.
o Aanname: de steekproef lijkt op de populatie




Leerdoelen Page 2

, Hoe beschrijf je een steekproef?
Kwantitatieve kenmerken (numeriek/continu)
• Waarden die in getallen worden uitgedrukt, bijv. BMI, lengte, gewicht.
Soorten variabelen

Soort variabele betekenis Voorbeeld
Continue Bestaan uit getallen Lengte, gewicht
Dichotoom Bestaat uit 2 opties Man/vrouw, ja/nee, levend/dood
Categoriaal Variabele die meer dan 2 groepen zijn
Categoriaal Ordinaal Er zit volgorde in Lichaamsgewicht: ondergewicht, normaal, overgewicht, obesitat
Opleidingsniveau:
middelbaar, bachelor, master, phd
Categoriaal Nominaal Er zit geen volgorde in Dieren:
kat, hond, cavia
Kleuren:
rood, blauw, groen, geel
Nationaliteit:
Nederlands, Zweeds, Frans

Percentage = samenvattende maat van de steekproef.

• Toont hoe groot een probleem is.
• Voorbeeld: 1% van de kinderen heeft psychopathische neigingen.
We maken in de epidemiologie een onderscheid tussen frequentiematen. Grofweg zijn er twee frequentiematen, namelijk prevalentie en incidentie.

Bestaande en nieuwe gevallen
Een ziekte kan op drie manieren worden weergegeven:

1. Prevalentie = bestaande gevallen
• Formule: aantal gevallen ÷ omvang populatie.
Voorbeeld:
wat is de prevalentie van verkoudheid onder studenten?
• Steekproef van 50 premaster studenten, genomen op 1 september, rapporteerden er 9 verkoudheid.
• 9 studenten verkouden → 9 ÷ 50 = 0,18 = 18%.
• Dus: 18% van de studenten was op dat moment verkouden.

2. Puntprevalentie
• Percentage van een populatie dat een kenmerk op één specifiek moment heeft.
• = momentopname (transversaal/cross-sectioneel).




Uitwerking: 2 zijn ziek, totaal 8 dus 2/8 = 0.25 x 100 = 25%

3. Periodeprevalentie
• Percentage van een populatie dat in een bepaalde periode de ziekte had (bijv. “ooit gehad”).
Invloed van populatieveranderingen
• Veranderingen in de populatie heeft invloed op de prevalentie. We maken onderscheid in de epidemiologie tussen cohorten en dynamische populaties.
Cohort
• Groep wordt gelijktijdig gerekruteerd.
• Eenmaal in cohort = altijd in cohort.
• Geen nieuwe instroom.
• Wordt in de tijd prospectief gevolgd.
o Voorbeeld: jullie zijn het cohort “Premasters gestart in september 2025"

Dynamische populatie
• In- en uitstroom van mensen mogelijk.
• Samenstelling verandert in de tijd → steekproef kan representatief zijn voor verschillende populaties over tijd.
o Voorbeeld: VU-studentenpopulatie → in 2012 waren er 24.000 studenten, in 2020 bijna 30.000. Door instroom en uitstroom verandert de groep continu.




Uitwerking: 2 zijn ziek in periode 1+2.

Formule puntprevalentie in dynamische populatie:




1. Kijk hoeveel er ziek zijn in de periode
1. Pak gemiddelde van aantal deelnemers begin van periode en einde van periode
2. Zieken/ gemiddelde mensen die meededen
• Dus 2 zieken.
• periode 1 deden er 5 mensen mee.
• periode 2 deden er 7 mee.
• 5+7 /2 = 6 is gemiddelde.
• 2/6 = 0.33



Leerdoelen Page 3

, • 2/6 = 0.33
Beperking van prevalentie
• Probleem: prevalentie laat alleen de bestaande gevallen zien.
• Daardoor is het moeilijk om oorzakelijke verbanden (causaliteit) te onderzoeken.
• Voor causaliteit gebruiken we incidentie.

Incidentie
Cumulatieve incidentie
• Definitie: de proportie nieuwe gevallen in een populatie, gemeten over een bepaalde periode (bijv. 1 jaar).
• Je volgt een groep mensen die bij de start:
o nog niet ziek zijn
o maar wel risico lopen (at risk) om de ziekte te krijgen.
Over de tijd wordt gekeken:
• Wie uit de groep ontwikkelt de ziekte?
• Op basis daarvan bereken je de cumulatieve incidentie.
Formule:




o Uitwerking: aantal nieuwe geval is 1
o Proportie nieuwe gevallen is 1 op 7, 4 telt niet mee want we beginnen met mensen die at risk zijn en 4 had al ziekte dus 1 ui t 7 = 1:7 = 0,14

• Voordeel cumulatieve incidentie:
o Te gebruiken voor zeldzame aandoeningen
o Wie krijgt aandoening over de tijd en wie niet
• Nadeel cumulatieve incidentie:
o Tijd tot ontwikkelen van ziekte wordt niet gebruikt
o Uitval wordt niet meegenomen in berekening
o Niet bruikbaar bij dynamische populatie, latere instromers worden niet meegerekend
o Niet zeldzame aandoeningen
o Voorbeeld:




Dan gebruik je incidentiedichtheid!
• Incidentiedichtheid: aantal nieuwe gevallen per persoonstijd zie document wiskunde

Verklarende epidemiologie
• Richt zich op het onderzoeken van associaties.
• Maakt onderscheid tussen:
o Determinant (onafhankelijke variabele) → factor die een effect kan hebben op een uitkomst. Vaak een risicofactor.
o Uitkomst (afhankelijke variabele) → vaak een ziekte of gezondheidstoestand.




Voorbeelden:

o Risicofactor: roken
o Uitkomst = ziekte: longkanker
o Demografische factor: opleidingsniveau
o Uitkomst = leefstijl

Associatie
• Factoren die wellicht verbanden met elkaar hebben maar niet oorzakelijk zijn voor elkaar.
Associatiematen
o Onderzoeken of er sprake is van associatie
• Risico’s
o Een risico staat voor een kans dat ‘iets’ optreedt over een bepaalde tijdsperiode
o Cumulatieve incidentie, de kans dat er een nieuw geval optreedt in een bepaalde tijdsperiode
o Voorbeeld: risico op griep is 2% dit seizoen, risico om miljonair te worden is 0.000001% (zelfs als het positief is , maken w e gebruik van risico!)
• Odds
o Relatieve kans, kans op x ten opzichte van de kans niet x
Formule Odds



o Voorbeeld: het is 3 tegen 1 dat Ajax kampioen wordt
o Oftewel 75% kans wel tegen 25% niet
o Odds 3:1 = 3
Formule kans




3/(1+3)= 0,75
o Odds > 1 → gebeurtenis waarschijnlijker dan niet-gebeurtenis
Odds < 1 → gebeurtenis minder waarschijnlijk dan niet-gebeurtenis



Leerdoelen Page 4

Documentinformatie

Geüpload op
19 december 2025
Aantal pagina's
224
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€14,48
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
yuliaa Avans Hogeschool
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
20
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
20
Laatst verkocht
2 dagen geleden

3,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen