Maatschappij
Ik laat de arbeidssociologie beginnen met de politieke economie, zoals deze
door Marx en Engels rond 1850 werd beschreven. Deze 2 mannen hebben op
dit moment politiek gezien wellicht vrijwel afgedaan, maar het zou jammer zijn
als daarmee ook hun belangrijke bijdrage aan de arbeidssociologie zou worden
ontkend.
Het verlagsysteem bleef in de Duitse textielnijverheid tot diep in de 19e eeuw
bestaan. Het veroorzaakte veel armoede en werkloosheid, omdat de Duitse
spinners en wevers niet opkonden tegen de concurrentie van de veel verder
gemechaniseerde en beter georganiseerde Britse textielindustrie.
De combinatie van wonen en werken zoals Engels die aan de orde stelt, is
zonder meer briljant te noemen. Het ontstaan van een industriële proletariaat
is in zijn analyse niet alleen het volg van de organisatie van de arbeid in
manufactuur en fabriek, maar ook van de afschuwelijke woonomstandigheden
zoals die in steden als Manchester en Glasgow bestonden.
Bovendien hebben de arbeiders slecht zittende kleren aan hun lijf die totaal
niet voldoen in het koude en vochtige Britse klimaat. Ze droegen lompen die
niet meer gerepareerd konden worden. Vandaar het woord
Lumpenproletariaat, in lompen gehulde arbeiders aan de onderkant van de
samenleving, een term die door Engels is bedacht.
De laatste 20 jaar van de 19e eeuw werden gekenmerkt door crises,
hongersnood, dalende lonen. Wat men toen de sociale quaestie noemde, ging
de gemoederen steeds meer bezighouden.
De meerderheid van de conservatieve burgerij was hier echter nog lang niet
aan toe. Tegen stakingen en demonstraties werd met harde hand opgetreden.
Naar aanleiding van die strijd werd een parlementaire enquete gehouden en
werden commissies aan het werk gezet die de arbeidersellende moesten
inventariseren.
Onder druk van het arbeidsproces en geïnspireerd door de rapporten kwamen
de eerste arbeidersbeschermingswetten tot stand. Dit leidde in Belgie en in
Nederland tot de oprichting van de arbeidsinspectie, die moest toezien op de
naleving van de wetten met betrekking tot de arbeidsomstandigheden. Een
gescheiden, maar niettemin belangrijk begin van toenemende
overheidsbemoeienis met de kwaliteit van de arbeid die uiteindelijk in Belgie
leidde tot wetgeving op gebied van welzijn in de arbeid.
,In Nederland kwam in 1980 de Wet op de Arbeidsomstandigheden tot stand.
De eerste zorg betrof in 1890 vooral de gezondheidstoestand van de werkende
bevolking: de eerste arbeidsinspecteurs in Nederland waren alledrie medicus.
De tegenweer tegen het toenemende verzet van ontwakende arbeidsmassa’s
bestond uit:
1. Het de wind uit de zeilen nemen van de opkomende vakbeweging, onder
andere door het oprichten van de personeelsafdelingen in de grotere
bedrijven
2. Het verschaffen van koopkracht aan de werknemers, waarmee beide
partijen gediend waren, zoals verlichte werkgevers hun sceptische
collega’s voorhielden
3. Het toepassen van systemen om de beheersing van het arbeidsproces in
handen van het management tehouden
Arbeidstaak beheersing verwijst naar de mogelijkheid beslissingen te nemen
over zaken die de voorbereiding en uitvoering van werkzaamheden betreffen.
In de kern gaat het bij arbeidstaakbeheersing om empowerment , wat in dit
boek beslissingsruimte wordt genoemd. Het gaat daarbij om de ruimte die
mensen, zowel leidinggevenden als uitvoerende in hun werk hebben om eigen
keuzes te maken en beslissingen omtrent de uitvoering van hun taken te
nemen. Het arbeidsproces beheersen betekent op de juiste wijze en te rechter
tijd in dat proces ingrijpen en het bijsturen als dat nodig mocht zijn.
De beslissingen die bij de voorbereiding en uitvoering van taken van het
meeste belang zijn betreffen ten eerste het arbeidsdomein, ten tweede de
werkmethode en werkwijze, en ten derde de totaliteit van het productieproces.
De operationele definitie van arbeidstaakbeheersing luidt:
- De mogelijkheid tot het beheersen van het domein waarop mensen
werkzaam zijn
- Het bepalen van de aanpak en de methode van uitvoering
- Het hebben van overzicht over de totaliteit van het productie proces
Een managementsysteem dat zich ten doel stelde een zo groot mogelijke
scheiding aan te brengen tussen enerzijds de uitdenkers en de leidinggevenden
in een productieproces en anderzijds de uitvoerders ervan is bekent geworden
onder de benaming taylorisme of wetenschappelijke bedrijfsvoering.
, Bij een mensbeeld gaat het om een voorstelling hoe alle mensen van aar zijn.
Dat wil zeggen dat men bepaalde biologische en psychische eigenschappen en
behoeften aan ieder mens toeschrijft die men als oorzaken of drijfveren
verantwoordelijk stelt voor zijn gedrag en voor sociale verschijnselen als
uitvloeisel of gevolg van dat gedrag.
Taylor was het erom te doen verspilling van menselijke arbeidskracht tegen te
gaan. Daartoe moest het management greep krijgen en houden op het
technologisch steeds geavanceerder wordende productieproces.
Arbeiders moesten alleen maar uitvoeren vond Taylor. Zijn ideeën waren sterk
behavioristisch van aard, dat wil zeggen dat hij ervan uitging dat zijn arbeiders
direct zouden reageren op prikkels die van buiten hen kwamen, zoals de
geldprikkel. Een aanname die ook onze regeerders en managers niet vreemd is.
Samengevat bestond het managementsysteem van Taylor uit 5 elementen
1. Voorbereidende stappen, onder andere het opstellen van regels voor
inkoop en voorraadbeheer, standaardisatie van gereedschappen,
verbetering van boekhouding, kostprijsberekening en
lopendebanonderhoud.
2. Controle op het productieproces gebaseerd op een aparte afdeling
Planning: er kwam een fabriekskantoor, een legertje klerken, planborden
en gedetailleerde instructiekaarten
3. De aanstelling van functionele voorlieden, die onder andere tot taak
hadden het productie tempo te bewaken en de discipline te handhaven,
wat een inbreuk betekende op het gezag van het lijnmanagement.
4. Het verrichten van tijdstudies met behulp van de stopwatch
5. De introductie van een premieloonstelsel met gedifferentieerd stuk loon
en bonussystemen naar prestatie
De voornaamste principes van Taylor zijn wetenschappelijke bedrijfsvoering:
1. Het eerste principe is de scheiding van de organisatie van het productie
proces van de kennis en de kunde van de arbeiders. Vroeger berustte de
productiemethode op de traditionele kennis van materialen,
grondstoffen en gereedschappen die bij de arbeiders aanwezig was.
Vanouds werden de werkplaatsen door vakarbeiders geleid, die de
productie naar eigen goeddunken ten behoeve van de ondernemer
organiseerden, dikwijls in onderaanneming.
2. Het tweede principe in de scheiding tussen uitdenken en uitvoeren. Ieder
denkwerk moet uit de werkplaats worden verwijderd en naar aparte
plannings- of werkvoorbereidingsafdelingen worden gebracht.