Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Toepassing van Onderzoeksmethoden en Statistiek Universiteit Utrecht

Beoordeling
-
Verkocht
9
Pagina's
47
Geüpload op
31-01-2026
Geschreven in
2024/2025

Deze samenvatting van TOE bevat de stof uit de hoorcolleges, een gedeelte uit het boek en onderaan staat de belangrijkste informatie uit de GRASPLE lessen.

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting Toepassing van Onderzoeksmethoden en Statistiek
1.1 Correlationeel Onderzoek

In dit hoorcollege:
 Voorbeelden van verschillende soorten data
 Verschillende typen surveys
 Itemscores en schaalscores

KOM overzicht:
 Kwalitatief onderzoek
- Mensen in hun natuurlijke omgeving bestuderen
- Holistische aanpak
- Interviews, focus groepen, tekst analyses
- SPI(C)E
 Correlationeel onderzoek
- Kwantitatief
- Verbanden tussen variabelen bestuderen
- Moeilijk om causaliteit te onderzoeken
- CAPS
 Experimenteel onderzoek
- Manipulatie door onderzoeker
- Vergelijkt experimentele groep met
controlegroep
- Kwantitatieve metingen
- Geschikt voor causaal onderzoek
- PICO

Doel ontwerpen onderzoek en verzamelen gegevens:
1. Sociale werkelijkheid beschrijven
2. (Causale) relaties bestuderen
3. Generaliseren doelpopulatie
Inferentiële doelen: Beschrijven, causaliteit en voorspellen.

Survey: Sociaal onderzoeksmethode waarbij onderzoekers paar vragen stellen aan groepje mensen.
Primaire dataverzameling: Wanneer onderzoekers eigen ontworpen data gebruiken voor onderzoek.
Secundaire dataverzameling: Wanneer onderzoekers data gebruiken uit bestaande bronnen.

Key-informant: Persoon die gewoonlijk vrij centraal of populair is in de onderzoeks-setting en die zijn of
haar kennis deelt met onderzoeker; een persoon met professionele of speciale kennis over de sociale
omgeving.
Zelf-afgenomen vragenlijst (SAQ): Type enquête of vragenlijst die respondenten zelfstandig invullen,
zonder hulp van een onderzoeker of interviewer. Vaak via de mail of online.
Mode of administration (wijze van afname): De manier waarop je data verzamelt (bijv. online, face-to-
face, telefonisch).

,Closed-ended question: Een vraag met vooraf bepaalde antwoordopties (bv. Ja/Nee, Likert-schaal).
 Response categories (antwoordcategorieën): De specifieke antwoordopties bij een gesloten
vraag (closed-ended question, bijv. 'Nooit', 'Soms', 'Vaak').
Open-ended question (open vraag): Een vraag waarbij de respondent zelf zijn of haar antwoord moet
formuleren.

Afnamevorm surveys:
 Face-to-face (persoonlijk): Survey persoonlijk afgenomen door een interviewer die direct in
contact staat met de respondent (PAPI & CAPI).
 Post: Survey per post naar de respondenten gestuurd.
 Telefoon: Telefonische interviews waarin de onderzoeker de vragen stelt (CATI).
 Internet: Survey die via het internet wordt afgenomen.
 Mixed-mode: Combinatie van verschillende afnamevormen om
een bredere respons te verkrijgen.

Voordelen en nadelen:
 Face-to-face en telefonische surveys bieden vaak hogere
responspercentages en betere controle over de kwaliteit van
antwoorden, maar zijn ook tijd- en kostbaar.
 Post- en internet surveys zijn kosteneffectiever en sneller,
maar kunnen een lagere responsgraad hebben.
 Mixed-mode surveys bieden flexibiliteit, maar kunnen
complexer zijn in uitvoering en analyse

Verschillen tussen typen surevys:
 Mate van betrokkenheid interviewer
 Mate van interactie met repsondent
 Mate van privacy
 Communicatiemogelijkheid (visueel/auditief)
 Gebruik technologie

Vier belangrijkste fouten die vaak voorkomen bij surveys:
1. Nonresponse: Fouten die ontstaan door geen reacties van respondenten.
2. Meetfout: Fouten die voortkomen uit onjuiste metingen (bijv. onduidelijke vragen).
3. Dekkingsfout: Fouten die optreden wanneer de steekproefgroep niet de gehele doelpopulatie
bevat.
4. Steekproeffout: Fouten die ontstaan door een niet-representatieve steekproef.

Cross-sectional survey: Gegevens op één tijdstip.

Herhaald cross-sectioneel onderzoek: Onderzoek over langere periode waarbij bij elk meetmoment een
andere groep respondenten wordt ondervraagd.
 Inhoud van vragenlijsten is meestal hetzelfde
- Vragen kunnen toegevoegd of aangepast worden aan actuele gebeurtenissen, nieuwe
inzichten, etc.

,  Voordelen: Beschrijven leeftijds-, periode- en cohorteffecten, goedkoper, minder uitval (attrition)
en geen leereffecten.
 Nadelen: Binnen-persoon veranderingen kunnen niet gemeten worden.
 Doel: Begrijpen hoe bepaalde variabelen/factoren op dat moment met elkaar samenhangen.
 Doel: trends over tijd onderzoeken zonder dezelfde respondenten te volgen.

Longitudinaal onderzoek (panel): Onderzoek over een langere periode waarbij bij elk meetmoment
dezelfde groep respondenten wordt ondervraagd.
 Inhoud van de vragenlijsten is meestal hetzelfde
- Vragen kunnen toegevoegd of aangepast worden aan actuele gebeurtenissen, nieuwe
inzichten, etc.
 Voordelen: Beschrijven leeftijds-, periode- en cohorteffecten en meten binnen-persoon
veranderingen.
 Nadelen: Uitval (attrition) en panelconditionering/leereffecten.
 Doel: Veranderingen in individuen of groepen kunnen analyseren en het effect van verschillende
factoren in de tijd kunnen bestuderen.

Attrition (uitval): Het verlies van deelnemers tijdens het onderzoek (dood/afhaken).
Panel conditionering: Is gericht op de invloed van herhaalde deelname aan een panel, waarbij
respondenten hun antwoorden gaan aanpassen op basis van verwachtingen.
Leereffecten: Verwijzen naar de verbetering van het vermogen van de respondent om vragen te begrijpen
en te beantwoorden na herhaalde blootstelling aan die vragen.

Operationaliseren: Om een theoretisch begrip te meten, moeten onderzoekers bepaalde stappen volgen:
 Theoretisch begrip (construct) > conceptuele definitie (betekenis begrip) > operationele definitie
(hoe begrip meten) > variabele (meetbaar element).

Een variabele creëren door de schaalscore te berekenen van een vragenlijst.
Schaalscore: Gemiddelde over alle items (+ omgepoolde items indien aanwezig).
 Maak van omgekeerd geformuleerde items > omgepoolde items (1 wordt 4, 4 wordt 1).
Het gemiddelde van de scores van de items wordt gebruikt als nieuwe variabele in het onderzoek.

Om causaliteit vast te stellen moet studie aan drie criteria voldoen:
 Covariantie van oorzaak en gevolg: Er is een relatie tussen oorzaak en gevolg/effect.
 Tijdelijke precedentie/voorrang: De oorzaak komt vóór het gevolg/effect.
 Interne validiteit: Andere factoren die het gevolg/effect beïnvloeden, zijn uitgesloten.

Overige termen boek:
Poll: simpele survey > ja of nee.
Split-ballot ontwerp: Een ontwerp waarbij de enquête wordt gesplitst in verschillende versies om
variaties in antwoorden te testen.
Responspercentage: Het percentage van de geselecteerde deelnemers dat daadwerkelijk reageert op een
enquête.
Interviewer-effecten: De invloed van de interviewer op de antwoorden van de respondent.
Interviewprotocol: Het schema of de lijst van vragen voor het interview.

, Paradata: Gegevens over het proces van gegevensverzameling.
PAPI: Een interviewmethode met papieren formulieren. Onderzoeker stelt vragen en noteert antwoorden
van respondent in voorgedrukt exemplaar van enquêteboekje.
CAPI: Face-to-face interview waarin onderzoeker laptop gebruikt die voorgeprogrammeerd is met alle
enquêtevragen en antwoordcategorieën (computerondersteunend).
Showkaart: Visuele weergave van antwoordopties in een interview.
Overslaan patroon (skip pattern): Instructies voor het overslaan van vragen o.b.v. eerdere
antwoorden/een vraag of reeks vragen i.v.m. voorwaardelijke reactie op een eerdere vraag.
 Begint met screener vraag (question)
Screener vraag: Een vraag die dient als toegangspoort tot een vervolgvraag (filtervraag).
Sociale wenselijkheidsbias: Het geven van sociaal wenselijke antwoorden i.p.v. eerlijke antwoorden.
ACASI: Interview waarin respondent laptop gebruikt om naar vooraf opgenomen vragen te luisteren en
beantwoorden (audio computerondersteunend).
CATI: CAPI maar dan via telefoon (computerondersteunde telefonische enquête).
Afnamewijze-effecten: De invloed die de wijze van afname van een enquête of interview heeft op de
antwoorden van de respondenten.
Een bivariate correlatie is een statistische maat die de sterkte en richting van de relatie tussen twee
variabelen beschrijft (samenhang 2 variabelen).
Effectgrootte: Maat voor de sterkte van een effect (hoe groot het verschil is).
Replicatie: Het herhalen van een studie om te zien of de resultaten consistent zijn.
Restriction of Range: Beperking van de variëteit in de gegevens, wat de resultaten kan verstoren.
Curvilinear Association: Een niet-lineaire relatie tussen twee variabelen (zoals een U-vorm).
Directionality Problem: Onzekerheid over welke variabele de andere beïnvloedt, welke eerst kwam.
Third-Variable Problem: verwijst naar de mogelijkheid dat een derde, onbekende variabele zowel de
twee onderzochte variabelen beïnvloedt, waardoor het lijkt alsof er een relatie tussen die twee variabelen
bestaat. Dit maakt het moeilijk om te concluderen dat er daadwerkelijk een causaal verband is tussen de
twee variabelen.
Spurious Association: Schijnbare correlatie tussen twee variabelen door een derde variabele.
Moderator: Een variabele die de sterkte of richting van de relatie tussen twee andere variabelen
beïnvloedt.


1.2 Correlationeel Onderzoek

In dit hoorcollege:
 Validiteit en betrouwbaarheid beoordelen
 Betrouwbaarheidsanalyse
 Enkelvoudige lineaire regressie

Betrouwbare meting: Meerdere metingen tonen dezelfde data.
 De consistentie en herhaalbare aard van de meting.
Valide meting: Het meetinstrument meet wat je wilt meten.
 De coorectheid van de meting.
Begripsvaliditeit: Mate waarin hetgeen dat je gemeten hebt overeenkomt met het begrip dat je wilt
meten.
Indruksvaliditeit: Hoe beoordelen experts dit meetinstrument?

Documentinformatie

Geüpload op
31 januari 2026
Aantal pagina's
47
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€9,48
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
jillstokkelaar

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
jillstokkelaar Universiteit Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
11
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
4 dagen geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen