Strafrecht samenvatting (keuzevak)
Hbo Rechten
(In 2025 geschreven)
1
,Inhoudsopgave
Strafrecht samenvatting (keuzevak)........................................................................................................1
Week 1 (misdrijf, overtreding, art. 27 Sv (verdachte), art. 348 jo. 350 Sv (rechterlijk beslissingsmodel))
................................................................................................................................................................4
1. De student kan met behulp van de wet uitleggen of een delict valt onder een misdrijf of
overtreding en waarom dit onderscheid van belang is voor het strafrecht........................................4
2. De student kan met behulp van de wet de belangrijkste procesdeelnemers uit het
strafprocesrecht en diens rechten en plichten opnoemen.................................................................4
3. De student kan in een gegeven casus aangeven of sprake is van een verdachte krachtens artikel
27 Sv....................................................................................................................................................5
4. De student kan de acht vragen van het rechterlijke beslissingsmodel van art. 348 en 350 Sv
toepassen op een gegeven casus en de bijbehorende uitspraken van de rechter voorspellen...........6
Jurisprudentie week 1.....................................................................................................................7
Week 2 (350 Sv (strafbaar feit), causaliteitsleren, verwijtbaarheidsvormen (culpa/opzet))...................8
1. De student kan uitleggen uit welke vier componenten / voorwaarden / lagen het strafbaar feit is
opgebouwd en kan deze koppelen aan artikel 350 Sv.........................................................................8
2. De student kan de vier causaliteitsleren opsommen en de geldende causaliteitsleer toepassen op
een gegeven casus..............................................................................................................................8
3. De student kan met behulp van de definities van verschillende verwijtbaarheidsvormen in een
gegeven casus herkennen welke van de verschillende verwijtbaarheidsvormen van toepassing is en
welk strafbaar feit de gedraging van de verdachte oplevert..............................................................9
Jurisprudentie week 2...................................................................................................................11
Week 3 (strafbare poging (art. 45 jo 46b Sr), deelnemingsvormen).....................................................14
1. De student kan de voorwaarden die de wet en jurisprudentie stelt aan een strafbare poging en
voorbereiding toepassen op een gegeven casus en voorspellen welk strafbaar feit de gedraging
oplevert.............................................................................................................................................14
2. De student kan met behulp van de definities van de verschillende deelnemingsvormen in een
gegeven casus voorspellen welk strafbaar feit de gedraging van de verdachte oplevert.................15
Jurisprudentie week 3...................................................................................................................18
Week 4 (strafuitsluitingsgronden, beslissingsmodel)............................................................................20
1. De student kan in een gegeven casus met behulp van de wet en jurisprudentie aangeven op
welke van de tien strafuitsluitingsgronden de verdachte met succes een beroep kan doen en wat
de gevolgen hiervan zijn voor de uitspraak van de rechter...............................................................20
2. De student kan in een gegeven casus het rechterlijke beslissingsmodel van de art. 348 en 350 Sv
toepassen en voorspellen wat de uitspraak van de rechter is (herhaling van een leerdoel).............22
Jurisprudentie week 4...................................................................................................................23
Week 5 (opsporingsbevoegdheden, ontvankelijkheidsvraag (art. 348 jo 349 Sv))................................25
2
,1. De student kan in een gegeven casus met behulp van de wet aangeven wat de voorwaarden
(zoals bijvoorbeeld wie, wat, wanneer en welke termijnen) zijn om gebruik te maken van
opsporingsbevoegdheden en dwangmiddelen..................................................................................25
3
, 2. De student kan in een gegeven casus met behulp van de wet onderzoeken of er
vervolgingsbeletselen zijn en daarmee de uitspraak van de rechter bij de ontvankelijkheidsvraag
krachtens art. 348 jo 349 Sv van het Openbaar Ministerie voorspellen............................................28
Week 6 (stappen onderzoek der terechtzitting, bewijs).......................................................................30
1. De student kan de verschillende stappen vanaf de dagvaarding tot aan het einde van het
onderzoek ter terechtzitting uitleggen..............................................................................................30
2. De student kan in een gegeven casus de vier deelvragen (bewijs aanwezig, bewijs toegelaten,
bewijs voldoende en bewijs overtuigend) van de bewijsvraag toepassen en voorspellen of de
rechter tot een bewezenverklaring komt...........................................................................................32
3. De student kan in een gegeven casus na de bewezenverklaring met behulp van de wet motiveren
welke straf of maatregel passend is bij de gedraging van de verdachte...........................................33
Jurisprudentie week 6...................................................................................................................35
Week 7 (rechtsmiddel OM/verdachte, EVRM)......................................................................................37
1. De student kan in een gegeven casus aangeven of en welk rechtsmiddel (gewoon of
buitengewoon) ingezet kan worden door de verdachte of het OM en deze beslissing motiveren met
behulp van de wet............................................................................................................................37
2. De student kan in een gegeven casus met behulp van de voorwaarden die in de jurisprudentie
zijn ontwikkeld aangeven of het recht op een eerlijk proces (art. 6 EVRM) of privacy (art. 8 EVRM) is
geschonden.......................................................................................................................................39
4
Hbo Rechten
(In 2025 geschreven)
1
,Inhoudsopgave
Strafrecht samenvatting (keuzevak)........................................................................................................1
Week 1 (misdrijf, overtreding, art. 27 Sv (verdachte), art. 348 jo. 350 Sv (rechterlijk beslissingsmodel))
................................................................................................................................................................4
1. De student kan met behulp van de wet uitleggen of een delict valt onder een misdrijf of
overtreding en waarom dit onderscheid van belang is voor het strafrecht........................................4
2. De student kan met behulp van de wet de belangrijkste procesdeelnemers uit het
strafprocesrecht en diens rechten en plichten opnoemen.................................................................4
3. De student kan in een gegeven casus aangeven of sprake is van een verdachte krachtens artikel
27 Sv....................................................................................................................................................5
4. De student kan de acht vragen van het rechterlijke beslissingsmodel van art. 348 en 350 Sv
toepassen op een gegeven casus en de bijbehorende uitspraken van de rechter voorspellen...........6
Jurisprudentie week 1.....................................................................................................................7
Week 2 (350 Sv (strafbaar feit), causaliteitsleren, verwijtbaarheidsvormen (culpa/opzet))...................8
1. De student kan uitleggen uit welke vier componenten / voorwaarden / lagen het strafbaar feit is
opgebouwd en kan deze koppelen aan artikel 350 Sv.........................................................................8
2. De student kan de vier causaliteitsleren opsommen en de geldende causaliteitsleer toepassen op
een gegeven casus..............................................................................................................................8
3. De student kan met behulp van de definities van verschillende verwijtbaarheidsvormen in een
gegeven casus herkennen welke van de verschillende verwijtbaarheidsvormen van toepassing is en
welk strafbaar feit de gedraging van de verdachte oplevert..............................................................9
Jurisprudentie week 2...................................................................................................................11
Week 3 (strafbare poging (art. 45 jo 46b Sr), deelnemingsvormen).....................................................14
1. De student kan de voorwaarden die de wet en jurisprudentie stelt aan een strafbare poging en
voorbereiding toepassen op een gegeven casus en voorspellen welk strafbaar feit de gedraging
oplevert.............................................................................................................................................14
2. De student kan met behulp van de definities van de verschillende deelnemingsvormen in een
gegeven casus voorspellen welk strafbaar feit de gedraging van de verdachte oplevert.................15
Jurisprudentie week 3...................................................................................................................18
Week 4 (strafuitsluitingsgronden, beslissingsmodel)............................................................................20
1. De student kan in een gegeven casus met behulp van de wet en jurisprudentie aangeven op
welke van de tien strafuitsluitingsgronden de verdachte met succes een beroep kan doen en wat
de gevolgen hiervan zijn voor de uitspraak van de rechter...............................................................20
2. De student kan in een gegeven casus het rechterlijke beslissingsmodel van de art. 348 en 350 Sv
toepassen en voorspellen wat de uitspraak van de rechter is (herhaling van een leerdoel).............22
Jurisprudentie week 4...................................................................................................................23
Week 5 (opsporingsbevoegdheden, ontvankelijkheidsvraag (art. 348 jo 349 Sv))................................25
2
,1. De student kan in een gegeven casus met behulp van de wet aangeven wat de voorwaarden
(zoals bijvoorbeeld wie, wat, wanneer en welke termijnen) zijn om gebruik te maken van
opsporingsbevoegdheden en dwangmiddelen..................................................................................25
3
, 2. De student kan in een gegeven casus met behulp van de wet onderzoeken of er
vervolgingsbeletselen zijn en daarmee de uitspraak van de rechter bij de ontvankelijkheidsvraag
krachtens art. 348 jo 349 Sv van het Openbaar Ministerie voorspellen............................................28
Week 6 (stappen onderzoek der terechtzitting, bewijs).......................................................................30
1. De student kan de verschillende stappen vanaf de dagvaarding tot aan het einde van het
onderzoek ter terechtzitting uitleggen..............................................................................................30
2. De student kan in een gegeven casus de vier deelvragen (bewijs aanwezig, bewijs toegelaten,
bewijs voldoende en bewijs overtuigend) van de bewijsvraag toepassen en voorspellen of de
rechter tot een bewezenverklaring komt...........................................................................................32
3. De student kan in een gegeven casus na de bewezenverklaring met behulp van de wet motiveren
welke straf of maatregel passend is bij de gedraging van de verdachte...........................................33
Jurisprudentie week 6...................................................................................................................35
Week 7 (rechtsmiddel OM/verdachte, EVRM)......................................................................................37
1. De student kan in een gegeven casus aangeven of en welk rechtsmiddel (gewoon of
buitengewoon) ingezet kan worden door de verdachte of het OM en deze beslissing motiveren met
behulp van de wet............................................................................................................................37
2. De student kan in een gegeven casus met behulp van de voorwaarden die in de jurisprudentie
zijn ontwikkeld aangeven of het recht op een eerlijk proces (art. 6 EVRM) of privacy (art. 8 EVRM) is
geschonden.......................................................................................................................................39
4