Iemand met een verstandelijke beperking heeft ondersteuning nodig, omdat zij niet in staat zijn om
een optimaal welzijn of een optimale gezondheid te realiseren. Het gaat niet alleen om de
lichamelijke en geestelijke gezondheid, maar ook om het welbevinden. Om dit te weten te kunnen
komen kun je :
- Vragen aan de zorgvrager.
- De zorgvrager goed observeren als iemand niet kan praten.
- De familie erbij betrekken.
- Rapportages goed lezen.
Omgevingsfactoren
Bijkomende beperkingen die extra maatregelen vragen zijn :
- Motorische beperkingen : Makkelijk te bereiken en te bedienen deuren, brede doorgangen
zonder scherpe randen, geen losse kleedjes, aangepast bestek en een goede verlichting.
- Zintuiglijke beperkingen : Vaste plaats meubilair, een touw langs de muur of verschillende
kleuren voor de oriëntatie.
- Epilepsie : Geen scherpe hoeken en punten, juist gedoseerde impulsen en geen vloertegels of
stenen vloer.
- Ouderen : Geen drempels, hulpmiddelen bij in en uit bed stappen, geen losse kleedjes,
herkenningspunten en extra zitmogelijkheden.
- Specifiek gedrag : Plaats van schoonmaakmiddelen, medicijnen, planten sloten op de kasten
en deuren en attent zijn op kleine voorwerpen.
een optimaal welzijn of een optimale gezondheid te realiseren. Het gaat niet alleen om de
lichamelijke en geestelijke gezondheid, maar ook om het welbevinden. Om dit te weten te kunnen
komen kun je :
- Vragen aan de zorgvrager.
- De zorgvrager goed observeren als iemand niet kan praten.
- De familie erbij betrekken.
- Rapportages goed lezen.
Omgevingsfactoren
Bijkomende beperkingen die extra maatregelen vragen zijn :
- Motorische beperkingen : Makkelijk te bereiken en te bedienen deuren, brede doorgangen
zonder scherpe randen, geen losse kleedjes, aangepast bestek en een goede verlichting.
- Zintuiglijke beperkingen : Vaste plaats meubilair, een touw langs de muur of verschillende
kleuren voor de oriëntatie.
- Epilepsie : Geen scherpe hoeken en punten, juist gedoseerde impulsen en geen vloertegels of
stenen vloer.
- Ouderen : Geen drempels, hulpmiddelen bij in en uit bed stappen, geen losse kleedjes,
herkenningspunten en extra zitmogelijkheden.
- Specifiek gedrag : Plaats van schoonmaakmiddelen, medicijnen, planten sloten op de kasten
en deuren en attent zijn op kleine voorwerpen.