Economie van Experiences |Albert Boswijk, Ed Peelen en Steven Olthof
Hoofdstuk 1 en 4 t/m 10
Hoofdstuk 1 Innovatie
Industriële economie diensteconomie economie van experiences en netwerkeconomie
(wereldwijd informatie delen)
2 ontwikkelingen binnen de netwerkeconomie (die fundamenteel de maatschappelijke en
economische machtsbalansen veranderen):
Een netwerk- en platformeconomie (gebaseerd op communities of practice, communities of
interest en peer 2peer-productie)
Een peer2peer-maatschappij; draagt bij aan de ‘commons’: het groter maatschappelijk
geheel
De deeleconomie (meestal): een effectieve wijze van distributie tegen lage kosten op basis van
deelprincipes, waarbij sprake is van netwerkkapitalisme
Een ‘economie van betekenis’: het hogere doel belangrijker dan materiële transactie en winst
door dematerialisatie: minder grondstoffen nodig om onze economische functies te vervullen.
Hierbij worden waardigheid voor de mens en maatschappij de key differentiator.
3 gebieden van dematerialisatie:
Digitalisering
Eco-efficiency
(Toename van) immateriële consumptie
Toenemende transparantie van de maatschappij, manier van zaken doen en de totale
hyperconnectiviteit (alles is met elkaar verbonden) machtsverschuiving en uiteindelijk in een
democratisering van de maatschappij
Van het tijdperk van fysieke goederen en industriële macht een tijdperk van gedigitaliseerde
economie; de ‘flow economy (Rifkin) /zero based cost economy’, waarbij de economische
machtsbalans verschuift van de producerende partijen naar de gebruikers en gebruikersnetwerken.
Relevantie, betekenis (fair value) en gedeelde waarde tegenover focus op transactie en share of
wallet
Om te voorkomen dat grote partijen zoals Google, Facebook en Amazon machtiger worden als
regeringen (door hun toenemende bezit van data) is er behoefte aan een ethische code.
Waardeverschuiving: het vertrouwen in de hiërarchie van traditionele instellingen en grote
gevestigde bedrijven neemt af nieuwe waardes zoals wereldburgerschap, communicatieve
zelfsturing en co-creatie komen op.
(Echter neemt de aanschaf van materiële goederen niet af).
De logica van ons gevoel en de psychologie van onze eigen ervaringen worden de nieuwe
navigatoren in ons leven i.p.v. gestuurd en geleid te worden door instituten, autoriteiten en grote
merken dwingt bedrijven zich te heroriënteren op hun focus en verdienmodellen; uitdaging
hierbij is om onderscheidend te zijn.
,Een businessmodel bestaat o.a. uit: proposities (bewering), competenties, activiteiten, partners,
klantrelaties en kosten- en prijsstructuren.
(incrementeel: niet revolutionair, maar een kleine toevoeging aan iets dat er al is)
De waardeketen van het ecosysteem zal uiteindelijk kantelen, waarbij de eindconsument, zijn
netwerk en bijdrage aan de maatschappij centraal komen te staan.
Ervaringen zijn inherent aan de condition humain: zonder ervaringen en beleving is er geen gevoel,
geen emotie en geen bewust leven.
Het ‘laten ervaren’ heeft een grote invloed op de aankoopbeslissing (bijv. een proefrit)
In het industriële tijdperk (eind 19e eeuw) werd de economische waarde voornamelijk gegenereerd
door industriële productie en massaconsumptie daarvan nadelen: het verlies aan biodiversiteit,
enorme vervuiling en negatieve klimaateffecten, en grote kloof tussen arm en rijk
Steeds moeilijker voor bedrijven gebaseerd op het industriële verdienmodel om continuïteit en groei
te kunnen waarborgen in markten die in toenemende mate verzadigd zijn (groot aanbod).
1998: begin Experience Economy (ook in China en Japan); wanneer de welvaart een bepaald niveau
bereikt, verschuift de aandacht van goederen en diensten naar ‘experiences’.
Commoditisering
Pine en Gilmore (1999) noemen experiences een nieuwe bron van waardecreatie; de vierde
economische propositie
Bij een experience staat een (unieke, persoonlijke) memorable gebeurtenis centraal en staan
goederen en diensten op de achtergrond (aanvullend op de experience), bijv. bij een theaterstuk
Michael Wolf: het entertainmentkarakter van producten wordt de key differentiator
Ralph Jensen: het verhaal rondom het product speelt een belangrijke rol; zorgt voor beleving,
diepgang, uniciteit en persoonlijkheid
Diane Nijs en Frank Peters: imagineering/verbeeldingskunde (geïnspireerd door Disney) ; het creëren
van belevingswerelden
Shaun Smith en Joe Wheeler: het verbeteren van klantcontacten toename klanttevredenheid en
loyaliteit
Vanuit cocreëren komt een unieke waardepropositie voor elk individu tot stand.
De acht ontwikkelingsfasen van de emotiemarkt (p. 18)
1. Het babystadium
2. Het kinderstadium
3. Het stadium van onderscheid mijn en dijn
4. Het sociale stadium
5. Het puberstadium
6. Het volwassen stadium
7. Het ouderstadium
8. Geweten
Samenvatting hoofdstuk 1 + theoriën/schrijvers op pagina 21.
,Hoofdstuk 4 Verschuivingen in de samenleving
Offshoring: het uitbesteden van diensten naar lageloonlanden
Invloed op gedrag/ontwikkeling van de klant/customer experience:
Heterogene markten en globale supply chain, culturele diversiteit, emerging regions met
andere percepties van waarde, wereldwijde competitiveness, behoefte aan global leadership
Veranderende rollen, producent-consument relatie, noodle networks, powershift,
verandering van het karakter van de organisatie, nieuwe business modellen, co-creatie
Totale connectiviteit, peer 2 peer communicatie, communities, sociale media, ik & de media,
I space transparantie, zelfsturing
Nieuwe technologieën, digitalisering, ambient technieken, narratives, deep design,
augmented reality, multiverse, oneindige mogelijkheden
Nieuwe spelers in de wereldeconomie: BRIC-landen; Brazilië, Rusland, India en China. Deze landen
hebben ook een groter investeringsvermogen dan Europese landen (bijv. die van India > Amerika).
eChoupals: een breed netwerk van internetkiosken (in India) waarmee boeren de (inter)nationale
marktprijzen kunnen volgen voor hun gewassen, zodat ze het beste moment voor verkoop van hun
oogst kunnen bepalen + hun gewassen kunnen laten controleren op afstand
De ontwikkeling in de gentechnologie (genomica; de studie van het DNA) zal in de toekomst ervoor
zorgen dat DNA-structuren kunnen worden aangepast, heeft enorme impact op de gezondheidszorg
en brengt ethische kwesties met zich mee.
Ubiquitous computing: de tegenhanger van virtual reality, waarin systemen worden ingezet om de
werkelijkheid te faciliteren.
DSM: begon met kolenmijnen, later ook actief in biotechnologie voor voeding, energie, medicijnen
en in nieuwe materialen voor industriële en medische toepassingen.
Koninklijke Ten Cate: van textielbedrijf naar een zeer innovatief hoogwaardig hightech bedrijf;
productie vezels ten dienste van veiligheid, duurzaamheid en het milieu.
Technologische ontwikkelingen en innovaties vergen zulke grote investeringen dat bedrijven
precompetitief samen dienen te werken.
Ambient Technology: men hoeft de techniek niet te begrijpen, de techniek begrijpt jou en leert van
jouw voorkeursgedrag.
Ambient technologie: ingebed, sensitief voor omgeving, personalisatie, adaptief en lerend.
The internet of things/Smart living
Ondanks de enorme economische groei in landen zoals India, is er een groot verschilt tussen arm en
rijk. Volgens Prahalad gelden voor arme landen de volgende basisprincipes:
1. Bewustzijn over wat er mogelijk is. Welke producten, diensten en toepassingen bestaan en zijn
beschikbaar?
2. De toegang tot de producten. Hoe komen landen aan deze producten?
3. De betaalbarheid van de producten.
4. De beschikbaarheid van de producten
In deze landen zijn mensen dus veel minder bezig met de immateriële waardecomponent en
meer met de functionaliteitswaarde.
, Bedrijfsmaatregelen tegen de vergrijzing: flexibele arbeidskrachten, leeftijdsbewust
personeelsbeleid, kennis- en ervaringsverlies tijdig opvangen, medewerkers blijven binden en
boeien.
Digitalisering: het omzetten van fysieke objecten naar elektronische signalen, naar niet-tastbare
data.
Eco-efficiency: optimalisatie van processen om overtollige productie te reduceren.
De eerste sector die het ‘slachtoffer’ werd van de dematerialisering en digitalisering was de
muziekindustrie als gevolg van het downloaden en onderling verspreiden van muziek.
De visie van Coimbatore Krishnarao Prahalad
We moeten ons richten op:
Next practices en niet op best practices
De zwakke signalen en deze vervolgens langzaam versterken
Het proces van waardecreatie
De interactie met de klanten
Het wereldwijde perspectief en met name sociale innovatie (bottom of the pyriamid) en
duurzaamheid
Vier grote kansen voor innovatie en groei volgens Prahalad:
1. Co-creatie van waarde
2. Ontwikkelen en managen van duurzaamheid
3. Inclusive growth, groei die niet ten koste gaat van andere waarden, maar waarde toevoegt
4. Een nieuwe benadering van globalisatie
De visie van Josephine Green
We moeten ons richten op:
Sociale innovatie
Toekomstresearch op basis van co-creatie
Nieuwe conceptuele modellen over mogelijke nieuwe ordeningen door gebruik van
verbeeldingskracht en creativiteit
De maatschappij verandert van piramides naar ‘pannenkoeken’: meer gelijkheid en zingeving;
beyond consumption en beyond technology: de context economy
Producten (1970) Experiences (2000) Transformatie (2020)
(Paradigma: een stelsel van modellen en theorieën)
De visie van Willem de Ridder
Het denken in continuïteit, rendement en beheersing van bedrijfsprocessen is achterhaald. De kern
van de nieuwe strategische bedrijfsvorming richt zich op het vormgeven aan de
toekomstbestendigheid van de organisatie in een wereld van zeer krachtige netwerken en een totale
transparantie.
Hoofdstuk 1 en 4 t/m 10
Hoofdstuk 1 Innovatie
Industriële economie diensteconomie economie van experiences en netwerkeconomie
(wereldwijd informatie delen)
2 ontwikkelingen binnen de netwerkeconomie (die fundamenteel de maatschappelijke en
economische machtsbalansen veranderen):
Een netwerk- en platformeconomie (gebaseerd op communities of practice, communities of
interest en peer 2peer-productie)
Een peer2peer-maatschappij; draagt bij aan de ‘commons’: het groter maatschappelijk
geheel
De deeleconomie (meestal): een effectieve wijze van distributie tegen lage kosten op basis van
deelprincipes, waarbij sprake is van netwerkkapitalisme
Een ‘economie van betekenis’: het hogere doel belangrijker dan materiële transactie en winst
door dematerialisatie: minder grondstoffen nodig om onze economische functies te vervullen.
Hierbij worden waardigheid voor de mens en maatschappij de key differentiator.
3 gebieden van dematerialisatie:
Digitalisering
Eco-efficiency
(Toename van) immateriële consumptie
Toenemende transparantie van de maatschappij, manier van zaken doen en de totale
hyperconnectiviteit (alles is met elkaar verbonden) machtsverschuiving en uiteindelijk in een
democratisering van de maatschappij
Van het tijdperk van fysieke goederen en industriële macht een tijdperk van gedigitaliseerde
economie; de ‘flow economy (Rifkin) /zero based cost economy’, waarbij de economische
machtsbalans verschuift van de producerende partijen naar de gebruikers en gebruikersnetwerken.
Relevantie, betekenis (fair value) en gedeelde waarde tegenover focus op transactie en share of
wallet
Om te voorkomen dat grote partijen zoals Google, Facebook en Amazon machtiger worden als
regeringen (door hun toenemende bezit van data) is er behoefte aan een ethische code.
Waardeverschuiving: het vertrouwen in de hiërarchie van traditionele instellingen en grote
gevestigde bedrijven neemt af nieuwe waardes zoals wereldburgerschap, communicatieve
zelfsturing en co-creatie komen op.
(Echter neemt de aanschaf van materiële goederen niet af).
De logica van ons gevoel en de psychologie van onze eigen ervaringen worden de nieuwe
navigatoren in ons leven i.p.v. gestuurd en geleid te worden door instituten, autoriteiten en grote
merken dwingt bedrijven zich te heroriënteren op hun focus en verdienmodellen; uitdaging
hierbij is om onderscheidend te zijn.
,Een businessmodel bestaat o.a. uit: proposities (bewering), competenties, activiteiten, partners,
klantrelaties en kosten- en prijsstructuren.
(incrementeel: niet revolutionair, maar een kleine toevoeging aan iets dat er al is)
De waardeketen van het ecosysteem zal uiteindelijk kantelen, waarbij de eindconsument, zijn
netwerk en bijdrage aan de maatschappij centraal komen te staan.
Ervaringen zijn inherent aan de condition humain: zonder ervaringen en beleving is er geen gevoel,
geen emotie en geen bewust leven.
Het ‘laten ervaren’ heeft een grote invloed op de aankoopbeslissing (bijv. een proefrit)
In het industriële tijdperk (eind 19e eeuw) werd de economische waarde voornamelijk gegenereerd
door industriële productie en massaconsumptie daarvan nadelen: het verlies aan biodiversiteit,
enorme vervuiling en negatieve klimaateffecten, en grote kloof tussen arm en rijk
Steeds moeilijker voor bedrijven gebaseerd op het industriële verdienmodel om continuïteit en groei
te kunnen waarborgen in markten die in toenemende mate verzadigd zijn (groot aanbod).
1998: begin Experience Economy (ook in China en Japan); wanneer de welvaart een bepaald niveau
bereikt, verschuift de aandacht van goederen en diensten naar ‘experiences’.
Commoditisering
Pine en Gilmore (1999) noemen experiences een nieuwe bron van waardecreatie; de vierde
economische propositie
Bij een experience staat een (unieke, persoonlijke) memorable gebeurtenis centraal en staan
goederen en diensten op de achtergrond (aanvullend op de experience), bijv. bij een theaterstuk
Michael Wolf: het entertainmentkarakter van producten wordt de key differentiator
Ralph Jensen: het verhaal rondom het product speelt een belangrijke rol; zorgt voor beleving,
diepgang, uniciteit en persoonlijkheid
Diane Nijs en Frank Peters: imagineering/verbeeldingskunde (geïnspireerd door Disney) ; het creëren
van belevingswerelden
Shaun Smith en Joe Wheeler: het verbeteren van klantcontacten toename klanttevredenheid en
loyaliteit
Vanuit cocreëren komt een unieke waardepropositie voor elk individu tot stand.
De acht ontwikkelingsfasen van de emotiemarkt (p. 18)
1. Het babystadium
2. Het kinderstadium
3. Het stadium van onderscheid mijn en dijn
4. Het sociale stadium
5. Het puberstadium
6. Het volwassen stadium
7. Het ouderstadium
8. Geweten
Samenvatting hoofdstuk 1 + theoriën/schrijvers op pagina 21.
,Hoofdstuk 4 Verschuivingen in de samenleving
Offshoring: het uitbesteden van diensten naar lageloonlanden
Invloed op gedrag/ontwikkeling van de klant/customer experience:
Heterogene markten en globale supply chain, culturele diversiteit, emerging regions met
andere percepties van waarde, wereldwijde competitiveness, behoefte aan global leadership
Veranderende rollen, producent-consument relatie, noodle networks, powershift,
verandering van het karakter van de organisatie, nieuwe business modellen, co-creatie
Totale connectiviteit, peer 2 peer communicatie, communities, sociale media, ik & de media,
I space transparantie, zelfsturing
Nieuwe technologieën, digitalisering, ambient technieken, narratives, deep design,
augmented reality, multiverse, oneindige mogelijkheden
Nieuwe spelers in de wereldeconomie: BRIC-landen; Brazilië, Rusland, India en China. Deze landen
hebben ook een groter investeringsvermogen dan Europese landen (bijv. die van India > Amerika).
eChoupals: een breed netwerk van internetkiosken (in India) waarmee boeren de (inter)nationale
marktprijzen kunnen volgen voor hun gewassen, zodat ze het beste moment voor verkoop van hun
oogst kunnen bepalen + hun gewassen kunnen laten controleren op afstand
De ontwikkeling in de gentechnologie (genomica; de studie van het DNA) zal in de toekomst ervoor
zorgen dat DNA-structuren kunnen worden aangepast, heeft enorme impact op de gezondheidszorg
en brengt ethische kwesties met zich mee.
Ubiquitous computing: de tegenhanger van virtual reality, waarin systemen worden ingezet om de
werkelijkheid te faciliteren.
DSM: begon met kolenmijnen, later ook actief in biotechnologie voor voeding, energie, medicijnen
en in nieuwe materialen voor industriële en medische toepassingen.
Koninklijke Ten Cate: van textielbedrijf naar een zeer innovatief hoogwaardig hightech bedrijf;
productie vezels ten dienste van veiligheid, duurzaamheid en het milieu.
Technologische ontwikkelingen en innovaties vergen zulke grote investeringen dat bedrijven
precompetitief samen dienen te werken.
Ambient Technology: men hoeft de techniek niet te begrijpen, de techniek begrijpt jou en leert van
jouw voorkeursgedrag.
Ambient technologie: ingebed, sensitief voor omgeving, personalisatie, adaptief en lerend.
The internet of things/Smart living
Ondanks de enorme economische groei in landen zoals India, is er een groot verschilt tussen arm en
rijk. Volgens Prahalad gelden voor arme landen de volgende basisprincipes:
1. Bewustzijn over wat er mogelijk is. Welke producten, diensten en toepassingen bestaan en zijn
beschikbaar?
2. De toegang tot de producten. Hoe komen landen aan deze producten?
3. De betaalbarheid van de producten.
4. De beschikbaarheid van de producten
In deze landen zijn mensen dus veel minder bezig met de immateriële waardecomponent en
meer met de functionaliteitswaarde.
, Bedrijfsmaatregelen tegen de vergrijzing: flexibele arbeidskrachten, leeftijdsbewust
personeelsbeleid, kennis- en ervaringsverlies tijdig opvangen, medewerkers blijven binden en
boeien.
Digitalisering: het omzetten van fysieke objecten naar elektronische signalen, naar niet-tastbare
data.
Eco-efficiency: optimalisatie van processen om overtollige productie te reduceren.
De eerste sector die het ‘slachtoffer’ werd van de dematerialisering en digitalisering was de
muziekindustrie als gevolg van het downloaden en onderling verspreiden van muziek.
De visie van Coimbatore Krishnarao Prahalad
We moeten ons richten op:
Next practices en niet op best practices
De zwakke signalen en deze vervolgens langzaam versterken
Het proces van waardecreatie
De interactie met de klanten
Het wereldwijde perspectief en met name sociale innovatie (bottom of the pyriamid) en
duurzaamheid
Vier grote kansen voor innovatie en groei volgens Prahalad:
1. Co-creatie van waarde
2. Ontwikkelen en managen van duurzaamheid
3. Inclusive growth, groei die niet ten koste gaat van andere waarden, maar waarde toevoegt
4. Een nieuwe benadering van globalisatie
De visie van Josephine Green
We moeten ons richten op:
Sociale innovatie
Toekomstresearch op basis van co-creatie
Nieuwe conceptuele modellen over mogelijke nieuwe ordeningen door gebruik van
verbeeldingskracht en creativiteit
De maatschappij verandert van piramides naar ‘pannenkoeken’: meer gelijkheid en zingeving;
beyond consumption en beyond technology: de context economy
Producten (1970) Experiences (2000) Transformatie (2020)
(Paradigma: een stelsel van modellen en theorieën)
De visie van Willem de Ridder
Het denken in continuïteit, rendement en beheersing van bedrijfsprocessen is achterhaald. De kern
van de nieuwe strategische bedrijfsvorming richt zich op het vormgeven aan de
toekomstbestendigheid van de organisatie in een wereld van zeer krachtige netwerken en een totale
transparantie.