Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting CE stof economie - eindexamen HAVO 5

Beoordeling
3,8
(5)
Verkocht
24
Pagina's
25
Geüpload op
28-04-2021
Geschreven in
2020/2021

Ik heb hiermee in 2019 een 6,9 behaald op het eindexamen!

Voorbeeld van de inhoud

[ ] Domein D: Markt
■ D1 Vraag en aanbod
Individuele vraag= het verband tussen het aantal producten dat je voor een bepaalde prijs wilt
kopen en de prijs van een product
---> als de prijs daalt, stijgt de gevraagde hoeveelheid
Verschuiving van de vraaglijn zien we enkel bij een prijsverandering, zonder dat de vraag verandert.

Betalingsbereidheid= de maximale prijs die een consument wil betalen voor een product

Collectieve vraag= alle individuele vragen bij elkaar opgeteld
--> als vraag stijgt bij dezelfde prijs, verschuift de lijn naar rechts en bij minder vraag naar links.
Verschuiving van de vraaglijn heeft altijd te maken met een verandering van de vraag, zonder dat de
prijs hierop van invloed is.

● Individuele vraag beïnvloed door 5 factoren:
1. Individuele voorkeuren (vb. postzegelverzamelaar bereid meer te betalen)
2. Beschikbaar budget (vb. als je meer geld hebt, bereid meer te betalen)
3. Aanwezigheid en prijs van substitueerbare producten (vb. appel en broodje kunnen allebei honger
stillen, de prijs is doorslaggevend)
4. Aanwezigheid en prijs van complementaire producten (hoge prijs van Playstation games zorgt voor
minder vraag naar Playstations)
5. Exogene factoren (vb. slecht weer, hierdoor ga je geen ijsje kopen)

Substitueerbare producten= zijn producten die dezelfde behoefte kunnen bevredigen
Complementaire producten= producten die elkaar in het gebruik aanvullen
Exogene factoren= omstandigheden waar je geen invloed op hebt. (kunnen de vraag beïnvloeden)

●Verschuivingen van de vraaglijn veroorzaakt door:
-verandering van de behoeften van de vragen (als de behoeften van de vragers verschuift naar een
product, dan zal bij dezelfde prijs de vraag toenemen)  verschuiving rechts
-verandering van het budget van de vragers (als het budget van vragers stijgt, kunnen ze meer kopen)
 verschuiving rechts
-prijsverandering van substitutiegoederen en complementaire goederen (als de prijs van
substitutiegoederen stijgt, zal vraag stijgen | als de prijs van complementaire goederen daalt)
 verschuiving rechts
-verandering in het aantal vragers (als het aantal vragers toeneemt zal ook de vraag naar goederen
stijgen)  verschuiving rechts

Prijselasticiteit van de vraag= de mate waarin de vraag reageert op een prijsverandering
% verandering van de vraag
Prijselasticiteit van de vraag=
% verandering van de prijs
Nieuw−oud
Procentuele verandering = x 100%
oud
< -1 -1 - 0 0 >1
Elastisch Inelastisch volkomen inelastisch (vraag reageert niet op prijsverandering) Niks, gelijk

,Qa= 250p – 1250
Qv= -200p + 10 000
Qa = Qv
250p - 1250 = -200p + 10 000
400p = -200p + 11 250
450p = 11 250
p = 25

Bij een prijs van €25 is er
marktevenwicht.
Dan invullen in de formule (maakt
niet uit welke)

Qa= (250 x 25) – 1250
Qa= 5000
Evenwichtshoeveelheid is 5000
-Elastische vraag: procentuele verandering van de vraag meer dan de procentuele verandering van
de prijs.
Prijs veel invloed op afzet, wanneer prijs van goederen met elastische vraag wordt verhoogd, dan
daalt de omzet. De gevraagde hoeveelheid gaat relatief meer omlaag dan de prijs relatief omhoog.
vb. luxe goederen

-Inelastische vraag: procentuele verandering van de vraag minder dan de procentuele verandering
van de prijs.
Prijs weinig invloed, wanneer prijs van goederen met inelastische vraag wordt verhoogd, dan
verhoogt de omzet.
vb. noodzakelijke goederen

Inkomenselasticiteit= de mate waarin de gevraagde hoeveelheid naar een product verandert op
basis van een verandering in het inkomen.
% verandering gevraagde hoeveelheid
Inkomenselasticiteit van de vraag=
% verandering van het inkomen

-Inferieur goed= als het inkomen stijgt, daalt de vraag
Oorzaak: vaak lagere kwaliteit, mensen met hoger inkomen gaan betere kwaliteit kopen
(inkomenselasticiteit < 0, negatief)
vb. huismerk

Normale goederen:
-Noodzakelijk goed= de gevraagde hoeveelheid stijgt met een kleiner % dan het inkomen
(inkomenselasticiteit 0 -1 )
vb. Energie, voedsel
-Luxe goed= de gevraagde hoeveelheid stijgt met een groter % dan dat het inkomen stijgt
(inkomenselasticiteit > 1 )
vb. auto’s, vakantie

, ●Verschuivingen van aanbodlijn in volgende gevallen:
-Wanneer het aantal aanbieders verandert. (meer aanbieders  verschuiving rechts || minder
aanbieders  verschuiving links)
-Als de kostprijs per product verandert. (als kostprijs per product daalt, maakt producent bij
eenzelfde verkoopprijs meer winst, meer produceren  verschuiving rechts || als de kostprijs per
product stijgt  verschuiving links)
-Bij ingrijpen door de overheid (Door accijns of invoerheffing  verschuiving links || subsidie, deel
van kosten gedekt  verschuiving rechts)
-Door technologische verbetering (dan kan er goedkoper worden geproduceerd, aanbod neemt toe
bij dezelfde prijs  verschuiving rechts)

Afzet= het aantal verkochte eenheden van een product
Omzet= de totale opbrengst van verkopen
Omzet (totale opbrengst) = P (prijs) x Q (afzet)

Omzet (¿)
GO (gemiddelde opbrengst) =
Afzet (Q)

TW (totale winst) = totale opbrengst ( TO) – totale kosten (TK) OF
TW (totale winst) = (P (prijs) – GTK (gemiddelde totale kosten) ) x Q (vraag)
Break-even punt= Omvang van productie waarbij de totale opbrengsten gelijk zijn aan de totale
kosten
Break-evenafzet= de afzet waarbij de winst 0 is
TO (totale kosten) = TK (totale kosten)

Produceren= het gebruiken van productiefactoren om waarde toe te voegen aan een product
Productiefactoren = factoren die productie mogelijk maken
-Kapitaal rente
-Arbeid loon
-Natuur huur/pacht
-Ondernemerschap winst

Productiekosten:
-Vaste kosten (constante kosten)= deze veranderen niet als er meer of minder wordt geproduceerd.
(huur bedrijfspand)
-Variabele kosten= deze veranderen als er meer of minder geproduceerd wordt. (inkoopprijs
grondstoffen, als je niks produceert koop je ook niks)

Totale constante kosten (TCK) + totale variabele kosten (TVK) = totale kosten (TK)
De gemiddelde totale kosten= de totale kosten per product, kostprijs van een product
Totale kosten(TCK )
Gemiddelde totale kosten (GTK )=
Afzet (Q)

Marginale kosten (MK) = de extra kosten per extra geproduceerd product (meerkosten)
Extra totale kosten ( TK )
Marginale kosten( MK )=
Extra geproduceerde eenheid (q)

Geschreven voor

Instelling
Middelbare school
Niveau
School jaar
5

Documentinformatie

Geüpload op
28 april 2021
Aantal pagina's
25
Geschreven in
2020/2021
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€4,49
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 24 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 5 reviews worden weergegeven
2 jaar geleden

1 jaar geleden

4 jaar geleden

5 jaar geleden

5 jaar geleden

3,8

5 beoordelingen

5
2
4
2
3
0
2
0
1
1
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
andreakrist Hanzehogeschool Groningen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
261
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
141
Documenten
35
Laatst verkocht
2 weken geleden

4,1

39 beoordelingen

5
15
4
17
3
3
2
2
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen