2.1 Procenten en promillages
Procent wil zeggen per 100.
Een onderneming verstrekt vaak kortingen via een percentage.
Brutowinst = het verschil tussen de verkoopprijs en de inkoopprijs.
Nettowinst = is de brutowinst min de overige kosten.
Afronden.
5/5+ -> naar boven.
4/-4 -> naar beneden.
Altijd het decimaal na de hoeveelheid waar je op af wil ronden.
Promillage wil zeggen 1 per 1000. -> 1%.
Afzet = de hoeveelheid producten. Altijd een hoeveelheid!
Omzet = aantal verkochte producten keer de verkoopprijs. Altijd een bedrag!
2.2 Eerstegraads vergelijkingen
Een eerstegraads vergelijking is bijvoorbeeld:
4x + 3 = 23
4x = 20
x=5
2.3 Ongewogen en gewogen gemiddelde
Een gemiddelde is de waarde die ligt tussen de werkelijke cijfers.
Ongewogen rekenkundige gemiddelde = de verschillende waarden op tellen en delen door
het aantal waarden. Dan houden we geen rekening met het gewicht van de verschillende
waarnemingen.
Gewogen rekenkundige gemiddelde = Verschillende waarnemingen te vermenigvuldigen
met het gewicht en dit totaal te delen door de som van de gewichten. Dan houden we
rekening met het gewicht van de verschillende waarnemingen.