1958 → EEG-verdrag
1993 → EG-verdrag
2009 → VWEU
Opzet college:
➢ Algemene aspecten van de interne markt
➢ Vrij verkeer van goederen I (tarifaire belemmeringen)
➢ Oplossen van de casuspositie
Art. 26 VWEU, lid 2: beginsel begrip interne markt. Vrij verkeer goederen, personen,
diensten en kapitaal.
DE VIER FUNDAMENTELE VRIJHEDEN
Vrij verkeer Vrij verkeer Vrij verkeer Vrij verkeer
van van personen van diensten van kapitaal
goederen (artikelen (artikelen
(artikelen 30, 56-62 VWEU) 63-66 VWEU)
34-37, 110
VWEU)
Vrij verkeer Vrij verkeer van Vrijheid van
van niet- werknemers vestiging
economisch (artikelen 45-48 (artikelen 49-55
actieve VWEU) VWEU)
burgers
Twee soorten bepalingen
- Vrij verkeersbepalingen
- Mededingingsbepalingen: art. 101 en 102 VWEU zijn niet gericht tot de overheid,
maar tot ondernemingen.
o In NL, Belgie en Duitsland alle brouwerijen een afspraak maken dat ze
geen bier verkopen buiten eigen lidstaat. Het is in het mededingsrecht een
marktverdelingsafspraak, dit heeft hetzelfde effect als een export/import
verbod. Interne markt wordt ingedeeld in nationale marken en dat druist
in teen het idee van 1 interne markt.
Grensoverschrijdend element: wie of wat gaat de grens over?
1
,Is EU recht van toepassing of nationaal recht van een van de lidstaten? Dit betreft alleen
het vrije verkeer, mededingingen heeft andere rechter.
EU recht is van toepassing als er sprake is van grensoverschrijdende verkeer.
▪ Goed? → definitie van een ‘goed’ (zie Zaak C-2/90 Commissie/België) → vrij
verkeer van goederen
▪ Dienst? → definitie van een ‘dienst’ (zie Artikel 57 VWEU) → vrij verkeer van
diensten
▪ Persoon of vennootschap? → vrij verkeer van personen (non-economisch actieve
burgers, werknemers, vestiging of diensten)
▪ Kapitaal → zie definitie van kapitaalbewegingen Richtlijn 88/361/EEG → vrij
verkeer van kapitaal
Anders heb je een puur interne situatie, een situatie met alle aspecten waarvan alles in
een en dezelfde lidstaat afspeelt.
Jan (NL) en wilt een casino oprichten in Nijmegen. Om een casino in NL op te richten moet
je een vergunning van minister van justitie krijgen. Die vergunningsvereiste is een
beperking vestigingsvrijheid, art. 49. Jan kan geen beroep doen op het VWEU omdat hij een
Nederlander is die zich in NL wilt vestigen en een Nederlandse wet wilt aanvechten.
Omgekeerde discriminatie: in situaties waar het EU recht niet van toepassing is, kan
een lidstaat zijn eigen onderdanen slechter of minder gunstig kan behandelen dan
onderdanen van een andere lidstaat.
Pierre (Fr) wilt een casino wilt oprichten in Nijmegen, moet ook een vergunning krijgen en
vereiste vergunning is strijd vrijheid van vestiging, art. 49. Hier is het EU recht wel van
toepassing. Het is in strijd met het artikel tenzij NL een rechtvaardiging kan aanvoeren.
BELEMMERINGEN VAN DE FUNDAMENTELE VRIJHEDEN
Lidstaten stellen weten/regels vast die het vrij verkeer belemmeren. 2 redenen waarom
nationale wetten/regels het vrije verkeer kunnen belemmeren:
1. Lidstaten nemen maatregelen uit protectionistische maatregelen: lidstaten
hun eigen markt willen beschermen tegen concurrentie andere lidstaten.
2. Dispariteiten (verschillen) in de nationale wetten en regels van de
lidstaten. Waarom worden wetten en regels vastgesteld? Om bepaalde belangen
te beschermen, volksgezondheid, milieu, consument. Alle 28 lidstaten hebben
niet dezelfde regels. Ze willen allemaal het milieu beschermen maar deze regels
zijn allemaal anders → kan leiden tot belemmeringen vrije verkeer. Hoe lossen
wij dit op? Harmonisatiemaatregel van de EU: heeft meestal vorm van richtlijn
maar soms is het een verordening. Zolang er geen harmonisatiemaatregel is
mogen lidstaten hun eigen wetten vaststellen.
Geen richtlijn geluidsniveau grasmaaimachines, NL kon die van Spanje verbieden omdat
die te veel lawaai maken. Om dit te voorkomen kwam er een richtlijn.
Als er eenmaal een harmonisatiemaatregel is vastgesteld, moet je de casus oplossen met
gebruik maken richtlijn en niet met het verdrag.
2
,Oude richtlijn 1977, 249: de richtlijn harmoniseert voorwaarde waaronder een advocaat
diensten kan verlenen in een andere lidstaat. Stel u voor in NL is er een wet die voorschrijft
dat iedere advocaat moet worden ingeschreven bij de balie. Is dat in strijd met vrije
verkeer diensten? Dan moet je NL’se wet toetsen aan de richtlijn en niet aan art. 56 van het
verdrag.
DEFINITIE VAN HET BEGRIP ‘GOED’ (Zaak C-2/90, Commissie/België, r.o. 23)
“alle op geld waardeerbare zaken die het voorwerp kunnen vormen van
handelstransacties”.
Elektriciteit is ook een goed, ook goederen/zaken negatieve waarde zijn ook een goed →
afval.
Wat geen goederen zijn: Josemans: hij runt een koffieshop in Maastricht en gemeente
Maastricht stelde een APV vast dat koffieshophouders geen drugs mochten verkopen
aan personen dei geen inwoner zijn van NL. Josemans niet mee eens en zaak voor HvJ:
cannabis is geen goed in de zin van het verdrag. Ook in de Opiumwet is het illegaal maar
wij hebben een gedoogbeleid. Officilee is het illigaal dus is het geen goed.
Ook goederen uit derde landen, koffie uit Brazilie, als het rechtmatig in een lidstaat is
ingevoerd geniet dit product van het vrije verkeer van goederen. Rechtmatig ingevoerd
en dus invoerrechten zijn betaald → gemeenschappelijk douane tarief. Als alle
formaliteiten aan de buitengrens zijn vervoerd in België moet dit vrij naar Du, Fr en NL
worden vervoerd.
3
, Tarifaire en financiële belemmeringen: financiële rechten, belastingen op goederen.
Deze hebben altijd met geld te maken. Er zijn 2 artikelen van belang, art. 30 en 110.
Non-tarifaire belemmeringen hebben niet met geld te maken.
Art. 30 VWEU: in- en uitvoerrechten → vind je ook in art. 28 VWEU. In- en
uitvoerrechten tussen lidstaten zijn in 1968 afgeschaft, als een goed van BE naar FR gaat
worden er geen in- en uitvoerrechten geheven.
Deze worden wel aan de buitengrenzen geheven → gemeenschappelijk douane tarief.
Voor een bepaald product telt het zelfde tarief ongeacht bij welke lidstaat het product
binnenkomt. Als het eenmaal binnen is dan geniet het van het vrije verkeer.
Ingevoerd vanuit Argentinië: of er invoerrechten kon worden geheven → Ja: het
gemeenschappelijk douane tarief.
DEFINITE VAN HET BEGRIP ‘HEFFING VAN GELIJKE WERKING’ (Zaak 24/68,
Commissie/Italië, r.o. 9)
“iedere eenzijdig opgelegde geldelijke last, ongeacht benaming en structuur, die wegens
grensoverschrijding op goederen wordt gelegd en die geen douanerecht in eigenlijke zin
is.”
KENMERKEN VAN EEN HEFFING VAN GELIJKE WERKING
1) Iedere geldelijke last;
2) die eenzijdig door de overheid wordt opgelegd
3) die wegens grensoverschrijding (in- of uitvoer) over goederen wordt geheven;
4) die geen douanerecht in eigenlijke zin is.
Door een heffing een andere naam te geven als een in- en uitvoerheffing is het ook
verboden: een heffing van gelijke werking. Blz 22: het betrof een heffing die door de
Italiaanse overheid werd gelegd op alle goederen die binnen Italië kwamen en die buiten
Italië gingen. Italië noemde het een statistiek recht. Hof geeft een definitie in ro 9:
definitie bestaat uit 4 onderdelen. Heffing gelijke werking heeft een geldelijke last. Die
wordt eenzijdig door de oh opgelegd. Heffing wordt opgelegd wegens
grensoverschrijding op goederen die ingevoerd of uitgevoerd worden. Niet op
goederen op de binnenlandse markt. Het is geen douane recht in eigenlijke zin.
Meestal hebben heffingen van gelijke werkingen exotische namen. Het belang is dat je
weet dat heffingen van gelijke werkingen alleen op ingevoerde of uitgevoerde goederen
wordt gelegd en dus niet op goederen in de binnenlandse markt.
HEFFINGEN WAAROP ARTIKEL 30 VWEU NIET VAN TOEPASSING IS
1) Retributies
2) Heffingen die betaald moeten worden voor keuringen door het EU recht
voorgeschreven
Art 30: dergelijke heffingen zijn verboden. Hoogte van de heffing is niet relevant.
Bestemming van de opbrengst, waar het geld heen gaat is ook niet van belang → arrest
Diamant-arbeiders: heffing in Belgie op alle diamanten die werden ingevoerd. Geld ging
naar een fonds voor personen die werken in diamant industrie. Hof: maakt niet uit waar
het geld heen gaat als het opgelegd wordt is het een heffing van gelijke werking en dus is
het verboden.
4