Inhoudsopgave
Deel I: Opfrissen inleiding straf- en strafprocesrecht.......................................2
Inleiding straf- en strafprocesrecht.................................................................2
Legaliteitsbeginsel.......................................................................................................... 2
Soorten strafbare feiten:................................................................................................. 2
Voorwaarden voor strafbaarheid:...................................................................................2
Rechtelijk beslissingsmodel (artt. 348 jo. 350 Sv)...........................................................2
Opzet en schuld.............................................................................................................. 2
Strafuitsluitingsgronden.................................................................................................. 3
Causaliteit....................................................................................................................... 3
Poging en voorbereiding................................................................................................. 3
Deelneming.................................................................................................................... 3
Daderschap rechtspersonen........................................................................................... 3
Verdachte- en verdenkingsbegrip...................................................................................4
Opsporing en toezicht/controle.......................................................................................4
Verhoor........................................................................................................................... 4
Opsporingsbevoegdheden & dwangmiddelen.................................................................4
Rechts beschermende waarborgen.................................................................................5
Onderzoek ter terechtzitting........................................................................................... 5
Deel II: Nemo tenetur-beginsel.......................................................................5
Nemo tenetur-beginsel: algemeen..................................................................................5
Nemo tenetur-beginsel: Straatsburg...............................................................................5
Nemo tenetur-beginsel: Funke t. Frankrijk (EHRM 25 februari 1993)...........................5
Nemo tenetur-beginsel: Saunders t. VK (EHRM 17 december 1996)...........................5
Nemo tenetur-beginsel: hoofdlijnen Saunders uitspraak.............................................6
Nemo tenetur-beginsel: post-Saunders rechtspraak J.B. t. Zwitsreland (EHRM 3 mei
2001)........................................................................................................................... 6
Nemo tenetur-beginsel: Jalloh t. Duitsland (EHRM 11 juli 2006)..................................6
Nemo tenetur-beginsel: O’Halloran en Francis t. VK (EHRM 29 juni 2007)..................6
Nemo tenetur-beginsel: Uitspraak HR: NJ 2021/120 (gedwongen biometrische
ontgrendeling)............................................................................................................. 7
Nemo tenetur-beginsel: samenvattend...........................................................................7
, Nemo tenetur-beginsel
Deel I: Opfrissen inleiding straf- en
strafprocesrecht
Materieel: Sr & bijzondere wetgeving
Formeel: Sv & bijzondere wetgeving
Inleiding straf- en strafprocesrecht
Legaliteitsbeginsel
Art. 1 lid 1 Sr;
Art. 1 Sv;
Art. 16 Gw;
Art. 7 lid 1 EVRM;
Art. 15 lid 1 IVBPR.
Soorten strafbare feiten:
Overtredingen en misdrijven;
Doleuze (opzet) en culpoze (schuld) delicten;
Verschillende rechtsbelangen (bijv. levens- , zeden- en
vermogensdelicten).
Voorwaarden voor strafbaarheid:
Menselijke gedraging;
In strijd met de wet (voldoet aan een delictsomschrijving);
Wederrechtelijik; en
Aan de schuld van de verdachte te wijten.
Rechtelijk beslissingsmodel (artt. 348 jo. 350 Sv)
Dagvaarding geldig? (Voorvraag)
Rechtbank bevoegd? (Voorvraag)
o Absolute en relatieve competentie;
OvJ ontvankelijk? (Voorvraag)
Redenen voor schorsing der vervolging? (Voorvraag)
Ten laste gelegde bewezen? (Hoofdvraag)
Bewezenverklaring strafbaar (kwalificatievraag)? (Hoofdvraag)
Verdachte strafbaar? (Hoofdvraag)
Welke sanctie moet worden opgelegd? (Hoofdvraag)
Opzet en schuld
Verschillende betekenissen van de term schuld
o Schuldig aan (feitelijk gedaan);
o Schuld als bestanddeel (hogere drempel – denk aan
verwijtbare aanmerkelijke gedraging).
Verschillende gradaties van opzet:
o Doelopzet;