12
aantekeningen
Kramer, Nikita
Student pedagogiek
Inhoudsopgave
Feldman hoofdstuk 1..................................................................................................................................... 1
Feldman hoofdstuk 2..................................................................................................................................... 3
Feldman hoofdstuk 8................................................................................................................................... 11
Feldman hoofdstuk 11................................................................................................................................. 15
Feldman hoofdstuk 5.1.......................................................................................................................................17
Feldman hoofdstuk 9................................................................................................................................... 19
Feldman hoofdstuk 12................................................................................................................................. 20
,Feldman hoofdstuk 1
Ontwikkelingspsychologie: de wetenschappelijke studie naar groei, verandering en stabiliteit
bij mensen, van conceptie tot ouderdom, maar met een accent op de jaren tot de
volwassenheid.
Het bestuderen van groei, verandering en stabiliteit ken in de ontwikkelingspsychologie een
wetenschappelijke benadering.
Ontwikkelingspsychologie richt zich op de menselijke ontwikkeling.
Ontwikkelingspsychologen houden zich niet alleen bezig met de manier waarop mensen
tijdens hun leven groeien en veranderen maar ook met stabiliteit in het leven van kinderen,
adolescenten en volwassenen.
Fysieke ontwikkeling: ontwikkeling die betrekking heeft op de fysieke opbouw van het
lichaam, zoals de hersenen, het zenuwstelsel, de spieren, de zintuigen en de behoefte aan
eten, drinken en slaap.
- Wat bepaalt de sekse van een kind? (3)1
- Wat zijn de langetermijngevolgen van een premature geboorte? (4)
- Wat zijn de voordelen van borstvoeding? (5)
- Wat zijn de consequenties van vroege of late seksuele rijpheid? (14)
Cognitieve ontwikkeling: ontwikkeling die betrekking heeft op de intellectuele vermogens,
zoals denken, leren, geheugen en probleemoplossing.
- Wat is onze vroegste herinnering? (6)
- Wat zijn de effecten van tv kijken? (9)
- Heeft tweetaligheid voordelen? (12)
- Welke invloed heeft het egocentrisme van een adolescent op zijn wereldbeeld? (15)
Sociaal-emotionele ontwikkeling: ontwikkeling die betrekking heeft op sociale relaties,
interacties met anderen en op het omgaan met emoties.
- Reageren pasgeboren baby’s anders op hun moeder dan op andere mensen? (4)
- Wat is de beste manier om kinderen gewenst gedrag aan te leren? (10)
- Hebben kinderen die gepest worden bepaalde eigenschappen gemeen? (13)
Persoonlijkheidsontwikkeling: ontwikkeling van duurzame gedragingen en (karakter)
eigenschappen die de ene persoon van de andere onderscheiden.
- Heeft een kleuter een besef van goed of fout? (10)
- Wanneer wordt een kind zich bewust van zijn sekse (10)
- Wat zijn de oorzaken van zelfmoord bij adolescenten? (16)
Ontwikkelingspsychologen specialiseren zich vaak niet alleen in een thematisch gebied,
tegelijkertijd kijken ze meestal ook naar specifieke leeftijdsgroepen. In dit boek maken we de
volgende globale onderverdeling:
1
De getallen tussen haakjes verwijzen naar het hoofdstuk dat de vraagt behandeld.
1
, Prenatale periode (van conceptie tot geboorte)
Babytijd (van geboorte tot twee jaar)
Peuter- en kleutertijd (van twee tot zes jaar)
Schooltijd (van zes tot twaalf jaar)
Adolescentie (van twaalf tot twintig jaar)
Sociale constructie: een idee over de realiteit dat weliswaar breed geaccepteerd is, maar
afhangt van de maatschappij en de cultuur op een bepaald moment.
Ieder mens behoort tot een specifieke cohort: een groep mensen die rond dezelfde tijd op
dezelfde plek zijn geboren.
Met normatieve gebeurtenissen worden hier gebeurtenissen bedoeld die zich voor de
meeste individuen binnen een groep op dezelfde manier voltrekken. Normatieve
gebeurtenissen kunnen historisch, leeftijdsgebonden of sociaal-cultureel bepaald zijn.
Invloeden van cohorten op de ontwikkeling, zogenoemde cohorteffecten zijn voorbeelden
van historisch bepaalde invloeden: omgevingsinvloeden en biologische invloeden die
verbonden zijn aan een specifiek historisch moment.
Leeftijdsgebonden invloeden zijn biologische invloeden en omgevingsinvloeden die gelijk zijn
voor mensen in een bepaalde leeftijdsgroep, ongeacht waar of wanneer ze zijn opgegroeid.
Ontwikkeling wordt ook bepaald door sociaal-culturele invloeden, zoals etnische afkomst,
sociale klasse, lidmaatschap van een subcultuur en degelijke.
Er zijn ook niet-normatieve gebeurtenissen van invloed op de ontwikkeling. Dit zijn specifieke
gebeurtenissen die plaatsvinden in het leven van een bepaald persoon, terwijl de meeste
andere mensen hier niet mee te maken krijgen.
Wetenschappers discussieerden over de relatieve invloed van nature (erfelijkheid) en
nurture (omgevingsinvloeden).
Continue verandering: geleidelijke kwantitatieve (heeft te maken met hoeveelheid)
ontwikkeling, waarbij prestaties op een bepaald niveau voorvloeien uit die op de vorige
niveaus.
Discontinue verandering: ontwikkeling die in aparte stappen of stadia plaatsvindt, en waarbij
elk stadium gedrag oplevert dat kwalitatief (qua inhoud en hoedanigheid) anders is dan
gedrag in eerdere stadia.
Kritieke periode: een specifieke tijdsspanne in de ontwikkeling waarin een bepaalde
gebeurtenis de grootste- en zelfs onomkeerbare gevolgen heeft.
Kritieke perioden komen voor wanneer de aanwezigheid van bepaalde soorten
omgevingsstimuli noodzakelijk is voor een normale ontwikkeling, of wanner blootstelling aan
bepaalde stimuli abnormale ontwikkeling tot gevolg heeft.
2