Functies en eigenschappen bloed
● Bloed heeft 5 belangrijke functies
-1. Transport van opgeloste gassen, voedingsstoffen, hormonen en afvalproducten van de
stofwisseling
-2. Stabilisering van de pH en de ionensamenstelling van de interstitiële vloeistof in het lichaam
-3. Beperking van het vloeistofverlies bij verwonding
-4. Verdedigen tegen gifstoffen en ziekteverwekkers
-5. Stabilisering van de lichaamstemperatuur
Samenstelling van het bloed
● Bloed bestaat uit plasma, bloedcellen en cel fragmenten
- De temperatuur van bloed is ongeveer 38 graden, iets hoger dan de normale lichaamstemperatuur
- Bloed is 5x zo kleverig, heeft een sterke cohesiekracht en heeft een 5x grotere weerstand tegen
stroming dan water
- Bloed heeft een pH van gemiddelde 7,4
Samenstelling van plasma
● Plasma bestaat uit plasma-eiwitten, overige opgeloste stoffen en water
- De drie belangrijkste plasma-eiwitten zijn; albuminen, globulinen en fibrinogeen
- Albuminen zijn belangrijk voor de osmotische druk van het plasma
- Globulinen zijn antistoffen en transporteiwitten
- Antistoffen vallen lichaamsvreemde stoffen aan, ook wel ziekteverwekkers
- Transporteiwitten binden zich aan stoffen die anders door die nieren zouden worden
uitgescheiden of die slecht oplosbaar zijn in water
- Zijn betrokken bij de transport van vet, worden ook wel lipoproteïne genoemd
- Globulinen en albuminen kunnen zich beide binden aan vetten, zo worden onoplosbare vetten
vervoert naar weefsels
- Fibrinogeen speelt een rol bij de bloedstolling
- Onder bepaalde omstandigheden reageren fibrinogeenmoleculen met elkaar en worden ze
omgezet in fibrine
- Fibrine zijn de onoplosbare vezels die het raamwerk vormen voor de bloedstolling
- De levert vormt voornamelijk deze plasma-eiwitten
- Bij leveraandoeningen kunnen de samenstellingen en de functionele eigenschappen van deze
plasma-eiwitten veranderen
Rode bloedcellen
● Rode bloedcellen worden ook wel erytrocyten genoemd
- Ze bevatten hemoglobine die zuurstof en koolstofdioxide bindt en vervoert
- Hematocriet; het aantal erytrocyten per microliter volbloed
- Dit wordt gemeten nadat een bloedmonster is gecentrifugeerd, zodat alle vaste elementen uit de
suspensie naar beneden zakken
- Er ontstaan 3 lagen: plasma, witte bloedcellen en bloedplaatjes, rode bloedcellen
- Wordt gemeten door de hoogte van de laag met rode bloedcellen te vergelijken met de hoogte
van het gehele bloedmonster
, - Hematocriet neemt toe bij uitdroging of na stimulering van de EPO (erytropoetine
- Het neemt af bij een inwendige bloeding of wanneer de EPO is verstoord
Structuur erytrocyten/rode bloedcellen
● Rode bloedcellen/erytrocyten zijn gespecialiseerd in het vervoeren van zuurstof en koolstofdioxide
in het bloed
- De vorm zorgt voor een groot oppervlakte t.o.v. de inhoud, waardoor de diffusiesnelheid tussen het
cytoplasma en het omringede bloedplasma wordt verhoogd en het maakt de cel flexibel zodat ze
door nauwe capillairen kunnen worden geperst
- Tijdens hun ontwikkeling verliezen ze het grootste deel van hun organellen, zoals de mitochondria,
de ribosomen en de celkern
- Hierdoor kunnen ze zich niet delen en geen structurele eiwitten of enzymen vormen
- Ze behouden enkel het cytoskelet
- Ze leven slechts 120 dagen
- Ze verkrijgen hun energie via anaerobe dissimilatie waarbij ze glucose opnemen uit het omringede
bloedplasma
- Dit zorgt ervoor dat alle zuurstof die ze opnemen niet wordt gestolen door een mitochondria
Structuur en functie hemoglobine
● Hemoglobine zorgt ervoor dat zuurstof en koolstofdioxide kunnen worden vervoerd
- Ze bevatten haem-moleculen die elk een ijzerion bevatten, wat met zuurstof kan reageren
- De binding van ijzer met zuurstof is erg zwak
- Als er zuurstof is verbonden aan de hemoglobine heeft de rode bloedcel een helderrode kleur
- Is dit niet het geval dan is de kleur donkerrode/wijnrode kleur (ook het bloed)
- Als er veel zuurstof aanwezig is in het bloedplasma dan binden de hemoglobinemoleculen met
zuurstof totdat alle haem-moleculen zijn verzadigd
- Als de zuurstofconcentratie daalt, neemt de koolstofdioxideconcentratie toe
- Dan geven hemoglobinemoleculen de zuurstofreserves af en neemt het globinegedeelte van elk
haem-molecuul bindt dan met koolstofdioxide
- Dit alles kan alleen gebeuren als de zuurstofconcentratie in de weefsels binnen de normale grenzen
wordt behouden
- Bloedarmoede/anemie: bloed van iemand met een laag hematocriet of van iemand bij wie de
erytrocyten minder hemoglobine bevatten -> gevolg; minder zuurstof vervoeren
- Symptomen: vroegtijdige spiervermoeidheid, zwakheid en algemeen gebrek aan energie
Levensduur erytrocyten
● De levensduur van een erytrocyt is 120 dagen
- Fagocyten van de milt, lever of het rode beenmerg detecteren een beschadiging in/van de erytrocyt
en nemen ze op doormiddel van fagocytose