geneeskunde student
Oefenvragen Toelating Geneeskunde Utrecht
,Oefenvragen Fysiologie
Inhoudsopgave
Oefenvragen Fysiologie ............................................................................................................................ 1
Hoofdstuk 10 – Organization of the Nervous System .......................................................................... 2
Oefenvragen .................................................................................................................................................... 2
Antwoorden .................................................................................................................................................... 13
Hoofdstuk 14 – The Autonomic Nervous System ............................................................................... 15
Oefenvragen .................................................................................................................................................. 15
Antwoorden .................................................................................................................................................... 25
1
, Hoofdstuk 10 – Organization of the Nervous System
Oefenvragen
1. Hoe heet het binnenste membraan van het CZS??
A. Pia mater
B. Dura mater
C. Arachnoid
D. Mater internus
2. Beoordeel of de volgende stelling juist of onjuist is.
De hersenen, het ruggenmerg en de 12 hersenzenuwen behoren tot het centraal
zenuwstelsel.
3. Waar bestaat de grijze stof van het CZS uit?
A. Cellichamen van neuronen
B. Dendrieten van neuronen
C. Axonen van neuronen
D. Synapsen
4. Welke cellen zijn verantwoordelijk voor productie van myeline in het CZS?
A. Astrocyten
B. Schwann cellen
C. Oligodendrocyten
D. Microglia
5. Beoordeel of de volgende stellingen juist of onjuist zijn.
a. In het CZS zijn neuronen met gelijke functies gegroepeerd in nuclei.
b. Het middelste membraan dat het CZS omgeeft is de dura mater.
c. Regeneratie van axonen in het CZS gebeurt door oligodendrocyten.
d. De retina is onderdeel van het CZS.
6. Welke cellen zijn verantwoordelijk voor productie van myeline in het PZS?
A. Astrocyten
B. Schwann cellen
C. Oligodendrocyten
D. Microglia
7. Hoe worden sensorische zenuwen ook wel genoemd?
A. Efferent
B. Visceraal
C. Somatisch
D. Afferent
8. Hoe wordt het autonome zenuwstelsel ook wel genoemd?
A. Animale zenuwstelsel
B. Willekeurige zenuwstelsel
C. Onwillekeurige zenuwstelsel
D. Somatische zenuwstelsel
2