STAPPENPLANNEN EUROPEES RECHT COMPLEET
EINDTOETS EUROPEES RECHT
, STAPPENPLAN EUROPEES RECHT
Vrij verkeer van werknemers
1. Art. 45 VWEU (verticale en horizontale werking)
2. Reikwijdte; (1) Welke vrijheid is in het geding?
a. Overheidsdiensten vallen hier niet onder: verband uitoefening openbaar gezag en
bescherming van de algemene belangen van de staat
b. (2) Is er een grensoverschrijdend element?
c. Wat is een werknemer?
i. Autonoom begrip HvJEU: “iemand gedurende een bepaalde tijd voor een
ander en onder diens gezag werkzaamheden verricht en als tegenprestatie
beloning ontvangt.” [Lawrie-Blum]: dus ook stages
ii. Ook degene die reële en daadwerkelijke arbeid in loondienst verricht, die niet
van zo geringe omvang is dat het om louter marginale bijkomstige
werkzaamheden gaat [Raulin]
iii. Ook werkzoekenden ontlenen rechten aan art. 45 VWEU [Antonissen]
3. (4) Is er een belemmering?:
a. Directe discriminatie
b. Indirecte discriminatie
c. Non-discriminatie [Bosman]
d. Anders
e. Let op: art. 45 VWEU heeft ook horizontale werking [Angonese]
4. (5) Is er een rechtvaardiging?:
a. Uitzonderingen ín het verdrag (45(3) en 45(4))
i. Limitatief
ii. Voor alle soorten inbreuken
b. Dwingende vereisten van algemeen belang (HvJEU)
i. Open norm
ii. Bij indirecte discriminatie en non-discriminatie
c. In beiden gevallen moet aan proportionaliteitsvereiste worden voldaan (geschikt +
noodzakelijk)
5. (3) Is er harmonisatie?
6. Werknemers: verblijfsrecht
a. Art. 6 rl.2004/38
i. Max. 3 maanden
ii. Geldt voor alle Unieburgers + familieleden
b. Art. 7(1) rl.2004/38
i. Langer verblijfsrecht
ii. Voor werknemers (sub a) en familieleden (sub d)
c. Duurzaam verblijfsrecht
i. Langer dan 5 jaar
ii. Status van werknemer is niet langer vereist + familieleden
7. Werknemers: gelijke behandeling
a. Rl. 2004/38, art. 24(1)
b. Ver. 492/2011
i. Art. 3(1) gelijkheidsbeginsel. Geldt ook voor cao’s (HvJ)
ii. Art. 7(1): voorwaarden voor tewerkstelling arbeid
iii. Art. 7(2): sociale en fiscale voordelen
iv. Uitzondering in art. 3(1) voorwaarden betreffende de wegende aard van de te
verrichte arbeid vereiste talenkennis [Groener]. Taalvereiste is formeel
indirect discriminerend, maar op basis van deze verordening kan het
gerechtvaardigd zijn
v. Art. 10: toegang tot onderwijs van kinderen van een werknemer [Baumbast] :
Schoolgaande kinderen behouden verblijfsrecht na scheiding. De primaire
verzorger mag ook in de gastlidstaat verblijven.
8. (6) Conclusie