Zuiver redeneren
- Redenering klopt
- Bewering/stelling/premisse/uitgangspunt
o Waarneming
o Conclusie
Onzuiver redeneren
- Redeneerfouten, zoals:
o Mensen die zwemmen, worden nat > Hassan is nat > Hassen heeft
gezwommen
- Stelling omgedraaid
- Stelling incorrect?
Drogredenen
- Valse argumenten
o P. 233-234 Op Niveau