De Middeleeuwen (Le Moyen Âge)
Het geloof staat in Middeleeuwen centraal.
3 groepen:
1: Oratores: bidders, geestelijken
2: Bellatores: vechters, mensen van adel
3 Laboratores: werkers, boeren en normale burgers
- De macht ligt bij de geestelijken en de mensen van adel.
Karel de Grote (Charlemagne):
- Speelde een grote rol aan het begin van de Middeleeuwen; Hij regeerde van 768-814 over
een gedeelte van het huidige Europa, Frankrijk, Duitsland, Nederland & gedeelte van Italië.
- Hij zorgde voor een ontwikkeling in de geletterdheid; meer mensen konden lezen en
schrijven, waardoor het beter ging met de economie.
- Zijn bijzondere persoonlijkheid sprak zeer tot de verbeelding en daarom werd hij het
onderwerp van veel verhalen en gedichten.
Het doel van de kruistochten was om Jeruzalem te beschermen tegen de Moslims. Toch
zijn er nog 2 andere effecten:
1: De ridders werden verheerlijkt, dankzij hun heldendaden tijdens deze tochten
2: Er wordt nu handel gedreven met het Oosten.
La guerre de cent ans / de honderdjarige oorlog (1337-1450):
- Oorlog tussen de Franse en Engelse koningen.
- Engeland maakt aanspraak op gedeelten van Frankrijk. Na enkele nederlagen is er een
jong boerenmeisje, Jeanne d’Arc, dat zich geroepen voelt door God om Frankrijk te hulp te
schieten. Zij zorgt voor een kentering in de aanvankelijk hopeloze situatie.
- Nadat Jeanne d’Arc verraden is, wordt ze veroordeeld en levend verbrand in Rouen.
Literaire activiteiten
1. Mondeling:
- In kloosters & aan het hof is sprake van literaire activiteiten, die meestal in het Latijn
waren. Op verschillende wijzen wordt het mondeling (oral) gebracht:
● Belerend: enseigne la vérité (leer de waarheid)
● Inspirerend: inspire au combat (inspireren in de strijd)
● Charmerend: charme les dames de la cour (charmeer de dames van de rechtbank)
● Geestig: fait rire en offrant des parodies (lachen en parodieën aanbieden)
- Het merendeel is gewijd aan het christelijk geloof.
2. Schrijven:
- Pas in 11e eeuw werden werken in het Frans geschreven. Het merendeel hiervan is
anoniem.
- Pas na 12e eeuw kennen we enkele namen: Marie de France, Chrétien de Troyes, Estelle
Doudet.
1
, - Van echte bekende individuen kunnen we pas spreken aan eind Middeleeuwen: Charles
d’Orléans en François Villon.
Enkele literaire genres
1: Chanson de geste; lang verhalend gedicht. Vaak over Charlemagne. Bijv. La chanson de
Roland.
2: Miracle; toneelstuk, vaak opgevoerd voor de kerk, met als onderwerp het leven van een
heilige.
3: Roman; Lang verhaal in eigen taal;
● Allegorisch en didactisch; le roman de la Rose
● Satirisch; le roman de Renart
● Mythisch (gaat vaak over vreemde wezens, goden, maar ook over koning Arthur); les
romans de Chrétien de Troyes.
Minstreel/ troubadour= Brengt een boodschap over d.m.v. bijv. muziek/ gedicht/ verhaal.
De Renaissance - 16e eeuw
De Renaissance is reactie op Middeleeuwen. Nu staat niet meer het geloof centraal, maar
de schoonheid van de mens en de natuur.
Kenmerken:
1: Bewondering voor Oudheid; men beschouwt deze periode als ‘l’âge d’or de l’humanité’
(gouden eeuw van de mensheid).
2: Humanisme
Er ontstaat een kritisch wetenschappelijke stroming, het humanisme;
- De mens staat centraal (dus niet God), men gaat uit van de waarde van de mens.
- Door klassieke bronnen te bestuderen kan westerse beschaving tot de bronnen worden
teruggevoerd.
Start Renaissance ingeluid door:
- Ontdekking van Amerika door Columbus in 1492.
- Uitvinding van de boekdrukkunst.
Start Renaissance was in Italië:
- Petrarca; Italiaans dichter en prozaschrijver
- Leonardo da Vinci; o.a. Italiaans architect, uitvinder, ingenieur, filosoof en beeldend
kunstenaar. Schilder Mona Lisa
- Michelangelo; Italiaans kunstschilder, architect, dichter. Maakte fresco’s voor het sixtijnse
kapel met het fresco van het Laatste Oordeel.
2
Het geloof staat in Middeleeuwen centraal.
3 groepen:
1: Oratores: bidders, geestelijken
2: Bellatores: vechters, mensen van adel
3 Laboratores: werkers, boeren en normale burgers
- De macht ligt bij de geestelijken en de mensen van adel.
Karel de Grote (Charlemagne):
- Speelde een grote rol aan het begin van de Middeleeuwen; Hij regeerde van 768-814 over
een gedeelte van het huidige Europa, Frankrijk, Duitsland, Nederland & gedeelte van Italië.
- Hij zorgde voor een ontwikkeling in de geletterdheid; meer mensen konden lezen en
schrijven, waardoor het beter ging met de economie.
- Zijn bijzondere persoonlijkheid sprak zeer tot de verbeelding en daarom werd hij het
onderwerp van veel verhalen en gedichten.
Het doel van de kruistochten was om Jeruzalem te beschermen tegen de Moslims. Toch
zijn er nog 2 andere effecten:
1: De ridders werden verheerlijkt, dankzij hun heldendaden tijdens deze tochten
2: Er wordt nu handel gedreven met het Oosten.
La guerre de cent ans / de honderdjarige oorlog (1337-1450):
- Oorlog tussen de Franse en Engelse koningen.
- Engeland maakt aanspraak op gedeelten van Frankrijk. Na enkele nederlagen is er een
jong boerenmeisje, Jeanne d’Arc, dat zich geroepen voelt door God om Frankrijk te hulp te
schieten. Zij zorgt voor een kentering in de aanvankelijk hopeloze situatie.
- Nadat Jeanne d’Arc verraden is, wordt ze veroordeeld en levend verbrand in Rouen.
Literaire activiteiten
1. Mondeling:
- In kloosters & aan het hof is sprake van literaire activiteiten, die meestal in het Latijn
waren. Op verschillende wijzen wordt het mondeling (oral) gebracht:
● Belerend: enseigne la vérité (leer de waarheid)
● Inspirerend: inspire au combat (inspireren in de strijd)
● Charmerend: charme les dames de la cour (charmeer de dames van de rechtbank)
● Geestig: fait rire en offrant des parodies (lachen en parodieën aanbieden)
- Het merendeel is gewijd aan het christelijk geloof.
2. Schrijven:
- Pas in 11e eeuw werden werken in het Frans geschreven. Het merendeel hiervan is
anoniem.
- Pas na 12e eeuw kennen we enkele namen: Marie de France, Chrétien de Troyes, Estelle
Doudet.
1
, - Van echte bekende individuen kunnen we pas spreken aan eind Middeleeuwen: Charles
d’Orléans en François Villon.
Enkele literaire genres
1: Chanson de geste; lang verhalend gedicht. Vaak over Charlemagne. Bijv. La chanson de
Roland.
2: Miracle; toneelstuk, vaak opgevoerd voor de kerk, met als onderwerp het leven van een
heilige.
3: Roman; Lang verhaal in eigen taal;
● Allegorisch en didactisch; le roman de la Rose
● Satirisch; le roman de Renart
● Mythisch (gaat vaak over vreemde wezens, goden, maar ook over koning Arthur); les
romans de Chrétien de Troyes.
Minstreel/ troubadour= Brengt een boodschap over d.m.v. bijv. muziek/ gedicht/ verhaal.
De Renaissance - 16e eeuw
De Renaissance is reactie op Middeleeuwen. Nu staat niet meer het geloof centraal, maar
de schoonheid van de mens en de natuur.
Kenmerken:
1: Bewondering voor Oudheid; men beschouwt deze periode als ‘l’âge d’or de l’humanité’
(gouden eeuw van de mensheid).
2: Humanisme
Er ontstaat een kritisch wetenschappelijke stroming, het humanisme;
- De mens staat centraal (dus niet God), men gaat uit van de waarde van de mens.
- Door klassieke bronnen te bestuderen kan westerse beschaving tot de bronnen worden
teruggevoerd.
Start Renaissance ingeluid door:
- Ontdekking van Amerika door Columbus in 1492.
- Uitvinding van de boekdrukkunst.
Start Renaissance was in Italië:
- Petrarca; Italiaans dichter en prozaschrijver
- Leonardo da Vinci; o.a. Italiaans architect, uitvinder, ingenieur, filosoof en beeldend
kunstenaar. Schilder Mona Lisa
- Michelangelo; Italiaans kunstschilder, architect, dichter. Maakte fresco’s voor het sixtijnse
kapel met het fresco van het Laatste Oordeel.
2