NL Dautzenberg samenvatting
Hoofdstuk 5
Fin de siècle → Het eind van de eeuw, begin van een nieuwe periode in de kunsten
met alle -ismen.
↪ La belle époque → het mooie tijdperk. Men vluchtte uit de realiteit, in kunst, luxe
en de zoektocht naar genot.
Estheticisme → de kunst dient iets moois te zijn en mag geen andere functie
hebben.
↪ L’art pour l’art → kunst omwille van het kunst.
Het impressionisme → de kunstenaar probeert niet de werkelijkheid uit te beelden,
maar de werkelijkheid zoals hij ze ervaart.
↪ Verder uitwerking van realisme
↪ Het impressionisme is nauw verbonden met het estheticisme, het gaat in eerste
instantie om de sfeer van het afgebeelde.
In de impressionistische literatuur werden indrukken en gevoelens zo duidelijk
mogelijk uitgebeeld d.m.v veel bijvoeglijke naamwoorden en neologismen. Ook
synesthesie werd veel gebruikt, dit is een literair hulpmiddel waarbij het ene zintuig
wordt beschreven in termen van het andere Proza dat veel impressionistische
kenmerken vertoonde werd woordkunst of lyrische proza genoemd, dit werd als heel
positief gezien. Nu is dit niet meer zo en is het vooral moeilijk te lezen.
Net als het impressionisme is ook het naturalisme een uitbreiding van het realisme,
maar dan in de roman en toneelkunst.
Het naturalisme zegt dat het leven bepaald wordt door drie factoren:
1. De erfelijke aanleg
2. Het sociale milieu (opvoeding)
3. De tijd waarin iemand leefde (determinisme)
Het naturalisme is nogal pessimistisch. Het leven wordt bepaald door het noodlot,
het fatum. Je kunt niets doen aan de afloop van je leven, want alles is al bepaald
door erfelijkheid, het milieu waarin je bent geboren, etc.
Het naturalisme staat haaks op het estheticisme maar er is toch een nauw verband
met het impressionisme. Veel naturalistische werken zijn geschreven in een
impressionistische stijl met veel neologismen, beeldspraken en gedetailleerde
bepalingen.
De beweging van Tachtig is een groep Amsterdamse schrijvers, de tachtigers, die af
wilden van de oude literatuur omdat de taal de ouderwets en de inhoud te
moraliserend was. Daarom okllrichtte ze het tijdschrift ‘De nieuwe Gids’ op.
Hoofdstuk 5
Fin de siècle → Het eind van de eeuw, begin van een nieuwe periode in de kunsten
met alle -ismen.
↪ La belle époque → het mooie tijdperk. Men vluchtte uit de realiteit, in kunst, luxe
en de zoektocht naar genot.
Estheticisme → de kunst dient iets moois te zijn en mag geen andere functie
hebben.
↪ L’art pour l’art → kunst omwille van het kunst.
Het impressionisme → de kunstenaar probeert niet de werkelijkheid uit te beelden,
maar de werkelijkheid zoals hij ze ervaart.
↪ Verder uitwerking van realisme
↪ Het impressionisme is nauw verbonden met het estheticisme, het gaat in eerste
instantie om de sfeer van het afgebeelde.
In de impressionistische literatuur werden indrukken en gevoelens zo duidelijk
mogelijk uitgebeeld d.m.v veel bijvoeglijke naamwoorden en neologismen. Ook
synesthesie werd veel gebruikt, dit is een literair hulpmiddel waarbij het ene zintuig
wordt beschreven in termen van het andere Proza dat veel impressionistische
kenmerken vertoonde werd woordkunst of lyrische proza genoemd, dit werd als heel
positief gezien. Nu is dit niet meer zo en is het vooral moeilijk te lezen.
Net als het impressionisme is ook het naturalisme een uitbreiding van het realisme,
maar dan in de roman en toneelkunst.
Het naturalisme zegt dat het leven bepaald wordt door drie factoren:
1. De erfelijke aanleg
2. Het sociale milieu (opvoeding)
3. De tijd waarin iemand leefde (determinisme)
Het naturalisme is nogal pessimistisch. Het leven wordt bepaald door het noodlot,
het fatum. Je kunt niets doen aan de afloop van je leven, want alles is al bepaald
door erfelijkheid, het milieu waarin je bent geboren, etc.
Het naturalisme staat haaks op het estheticisme maar er is toch een nauw verband
met het impressionisme. Veel naturalistische werken zijn geschreven in een
impressionistische stijl met veel neologismen, beeldspraken en gedetailleerde
bepalingen.
De beweging van Tachtig is een groep Amsterdamse schrijvers, de tachtigers, die af
wilden van de oude literatuur omdat de taal de ouderwets en de inhoud te
moraliserend was. Daarom okllrichtte ze het tijdschrift ‘De nieuwe Gids’ op.