Interculturele Pedagogiek aantekeningen
College 1, 14-09-2022
Voorbeeld: Cultuur en Onderwijs in Zuid-Oost Aziatische culturen
Inrichting en interacties onderwijs = een culturele constructie
Docenten/leerlinge rol
Beinvloed door cultuur
Cultuurdimensies Hofstede (2010)
Machtafstand: klein vs. groot
Hiërarchisch versus egalitair
Onderwijsmethode: reproductie vs. critical thinking, reflectie
Leerdoelen en inhoud:
- Inzicht en kennis:
De invloed en werking van cultuur(verschil) en migratie op het opgroeien, opvoeden en
leren van kinderen.
- Ontwikkeling van kinderen en jeugd in cultureel diverse samenleving
- Aandacht voor vraagstukken in de actualiteit, irt pedagogiek -> migranten
- Culturele responsiviteit en interculturele competenties
Wat is cultuur?
Antropologen over culuur:
Cultuur= gedeeld systeem van kennis (bedoelingen) en betekenisgeving binnen een
bepaalde context/samenleving
Gedeelde werkelijkheid over wat gewenst + goed is voor kind
Cultuur is aangeleerd: gezin verantwoordelijk voor en enculturatie (het inwijden van
nieuwe leden in een nieuwe cultuur. Kan door de hele familie afhankelijk van wie
betrokken is)
Culturele transmissie en gezin: wederzijdse beïnvloeding
Dankzij opvoeders blijft een cultuur bestaan, en andersom putten opvoeders uit cultuur tav
hoe ze willen opvoeden
Voorbeeld van de invloed van cultuur op de opvoeding
“Not under my roof” Parents, Teens and the culture of sex – Amy Schalet
- Een cross-culturele vergelijking naar de heteroseksuele opvoeding in de middeklasse VS en
NL door Amy Schalet
Cultuur als kennis en betekenisgeving:
- VS: Seks = gevaarlijk! Vooral voor meisjes
- NL: Seks kan normaal onderdeel adolescentie zijn, het zijn nog steeds mensen die zichzelf
kunnen reguleren. Normaal onderdeel van de samenleving
Culturen voeden ideeën en waarden over de opvoeding
- VS: Stabiel romantisch samenzijn van tieners bestaat niet.
- NL: Tienerseks past binnen een langdurige romantische relatie
Culturen beinvloeden dus opvoedingspraktijken:
- VS: Teenage seks? Not under my roof
- NL: Seks thuis mag, juist graag thuis (monitoring, vriend/vriendin leren ouders kennen,
meegaan naar de apotheek voor anticonceptie)
De leeftijd van seks voor het eerst is in beide landen 17 dus weinig tot geen verschil
Cultureel psychologisch model – Whiting (in H&S)
, 1. Is sociaal historische ontwikkeling in een samenleving gekend, zijn van invloed op..
2. Manieren van opvoeden en verzorgen, die samen leiden tot…
3. ‘semi’ permanente psychologische effecten op leden van de samenleving
4. Die effecten manifesteren en projecteren zich als uitingen in onze samenleving
-> systeem van betekenisgeving
Kritiek hierop: verbanden kunnen ook andersom lopen. Als je begint bij 4 kan dat ook doorsijpelen
naar 2 of 1. Dus als je hoog onderwijs hebt gehad kan dat invloed op hebben op de manier waarop jij
je kinderen opvoedt.
Bronfenbrenner Ecologisch Ontwikkelingsmodel:
- Je moet het kind echt in context zien, je kan ze er niet zomaar uithalen en dan onderzoeken
dat is niet accuraat. Daarom het model
- Individueel- -> micro- -> meso- -> exo- -> macro- -> chrono
ZIE ONTWIKKELINGSPSYCH
- Rol van cultuur gaat verloren maar volgens Bronfenbrenner zit cultuur overal
Harkness & Super: Developmental niche: 3 subsystemen
Kind krijgt veel culturele invloeden, dit heeft ook invloed op de opvoeding van het kind
Developmental niche spitst zich toe op de culturele dimensies van de omgeving waarin
kinderen opgroeien aan de hand van drie subsystemen.
1) De fysieke en sociale ‘settings’ waarin een kind leeft:
o Waar en met wie brengt het kind de tijd door?
o Wat doen verzorgers met kind?
o Bepaalt het type interactie, en dit beivloedt het sociaal gedrag, en de
ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen
Voorbeelden van kipsigis stam in Kenya, Nso stam in kameroen
Voortdurende nabijheid moeder -> pediatrische opv stijl
Kind helpt/imiteert brusjes/ouders -> apprentice model
o Hoge proximiteit -> het kind is altijd op één in contact met de moeder
2) Gewoontes van verzorging en opvoeding
o Gedrag strategieën om om te gaan met kinderen van een bepaalde
leeftijd(fase)
Voorbeelden Nso stam Kameroen (keller 2003)
o Eten/drinken, emotieregulering -> pediatrische opvoedings stijl (directe
bevrediging in de behoefte ‘direct de borst geven’) Als voedsel schaars kun je
maar beter snel eten/drinken geven
o Gewoonten gericht op motorisch ontw. -> apprentice model
Apprentice model -> De Nso baby’s worden aan hun handen
vast gehouden en hangen daaraan zodat de ledematen de
vrijheid krijgen om te bewegen en de motorische
ontwikkeling te bevorderen
-> Maar ook leren lopen door brusjes
Duitse baby’s worden voornamelijk vast gehouden ->
equality model
3) De psychologie van de opvoeders
o Culturele denkmodellen voor de opvoeding
“Parental ethnotheories” over gewenste competenties
Opvoedingsdoelen
, o Voorbeelden Nso stam, Kameroen (Keller, 2003)
o En Kipsigis stam, Kenya (Harknes & Super, 1986):
Opvoedingsdoelen: gehoorzaamheid en verantwoordelijkheid, sociale
intelligentie, goed meedoen in de samenleving
o Voorbeelden Duitsland (Keller, 2003):
Opvoedingsdoelen: agency, verbaal en cognitief sterk (door oogcontact te
maken en een fictief dialoogje aan te gaan), uniciteit, individueel concept van
competenties
Grote verschillen tussen de beide moeders: Minder oogcontact Kameroen en minder bezig met één
opdracht die moet worden uitgevoerd. De Duitse moeders deden juist andersom.
Grootste migrantengroepen in Nederland:
24,4 procent van de
bevolking heeft een
migratie achtergrond
(jongeren: 27%). Een
derde van hen heeft
een westerse
migratie achtergrond
en twee derde heeft
een westerse
migratie achtergrond.
(waarvan de helft
tweede generatie).
Grote niet-westerse
groepen in
Nederland:
Schatting absolute aantallen peiljaar 2019
Perspectieven op migratie
Vluchten voor geweld als oorzaak voor migratie
Push/Pull theorie van migratie
Migratie als livelyhood strategie
o Gelukszoekers maar wel van de upper lowclass. Dus Filipijnen waarbij ze niet in
de slechtste omstandigheden zitten
Gevolgen migratie ontwikkeling van het kind:
Familie relaties, Opvoeding, Onderwijs
Migratie en integratie
Migratie leidt tot een langdurig interactieproces tussen immigranten en de ontvangende
samenleving integratie en acculturatie processen
Integratie heeft betrekking op de participatie van migranten in de maatschappelijke
instituties. (onderwijs, arbeidsmarkt, woning markt, media etc), en op hun sociale en
culturele orientaties
Factoren die integratie processen beïnvloeden
1) Sociale demografische culturele kenmerken bij migranten
2) Immigratie beleid en de accommodatie van culturele verschillen
3) Identiteitsconstructies ontvangende samenleving beïnvloeden de invoeging/absorptie van
nieuwkomers en hun kinderen
, 4) De kwaliteit van het contact met mainstream samenleving
Identiteitsconstructies in de ontvangende samenleving beïnvloeden de invoeging/absorptie van
nieuwkomers en hun kinderen:
- Nederland: dikke identiteit sociale culturele termen of je een Nederlander bent of niet
waar moet je dan aan voldoen? Vaak lastig uit te leggen. Geen migratiesamenleving dus
heeft zich ook nooit hoeven uit te leggen
vs
- Verenigde staten: dunne identiteit, opgebouwd door migratie, je kan een Iraans-
Amerikaanse zijn dat is gebruikelijker dan een Iraanse-Nederlander
College 1, 14-09-2022
Voorbeeld: Cultuur en Onderwijs in Zuid-Oost Aziatische culturen
Inrichting en interacties onderwijs = een culturele constructie
Docenten/leerlinge rol
Beinvloed door cultuur
Cultuurdimensies Hofstede (2010)
Machtafstand: klein vs. groot
Hiërarchisch versus egalitair
Onderwijsmethode: reproductie vs. critical thinking, reflectie
Leerdoelen en inhoud:
- Inzicht en kennis:
De invloed en werking van cultuur(verschil) en migratie op het opgroeien, opvoeden en
leren van kinderen.
- Ontwikkeling van kinderen en jeugd in cultureel diverse samenleving
- Aandacht voor vraagstukken in de actualiteit, irt pedagogiek -> migranten
- Culturele responsiviteit en interculturele competenties
Wat is cultuur?
Antropologen over culuur:
Cultuur= gedeeld systeem van kennis (bedoelingen) en betekenisgeving binnen een
bepaalde context/samenleving
Gedeelde werkelijkheid over wat gewenst + goed is voor kind
Cultuur is aangeleerd: gezin verantwoordelijk voor en enculturatie (het inwijden van
nieuwe leden in een nieuwe cultuur. Kan door de hele familie afhankelijk van wie
betrokken is)
Culturele transmissie en gezin: wederzijdse beïnvloeding
Dankzij opvoeders blijft een cultuur bestaan, en andersom putten opvoeders uit cultuur tav
hoe ze willen opvoeden
Voorbeeld van de invloed van cultuur op de opvoeding
“Not under my roof” Parents, Teens and the culture of sex – Amy Schalet
- Een cross-culturele vergelijking naar de heteroseksuele opvoeding in de middeklasse VS en
NL door Amy Schalet
Cultuur als kennis en betekenisgeving:
- VS: Seks = gevaarlijk! Vooral voor meisjes
- NL: Seks kan normaal onderdeel adolescentie zijn, het zijn nog steeds mensen die zichzelf
kunnen reguleren. Normaal onderdeel van de samenleving
Culturen voeden ideeën en waarden over de opvoeding
- VS: Stabiel romantisch samenzijn van tieners bestaat niet.
- NL: Tienerseks past binnen een langdurige romantische relatie
Culturen beinvloeden dus opvoedingspraktijken:
- VS: Teenage seks? Not under my roof
- NL: Seks thuis mag, juist graag thuis (monitoring, vriend/vriendin leren ouders kennen,
meegaan naar de apotheek voor anticonceptie)
De leeftijd van seks voor het eerst is in beide landen 17 dus weinig tot geen verschil
Cultureel psychologisch model – Whiting (in H&S)
, 1. Is sociaal historische ontwikkeling in een samenleving gekend, zijn van invloed op..
2. Manieren van opvoeden en verzorgen, die samen leiden tot…
3. ‘semi’ permanente psychologische effecten op leden van de samenleving
4. Die effecten manifesteren en projecteren zich als uitingen in onze samenleving
-> systeem van betekenisgeving
Kritiek hierop: verbanden kunnen ook andersom lopen. Als je begint bij 4 kan dat ook doorsijpelen
naar 2 of 1. Dus als je hoog onderwijs hebt gehad kan dat invloed op hebben op de manier waarop jij
je kinderen opvoedt.
Bronfenbrenner Ecologisch Ontwikkelingsmodel:
- Je moet het kind echt in context zien, je kan ze er niet zomaar uithalen en dan onderzoeken
dat is niet accuraat. Daarom het model
- Individueel- -> micro- -> meso- -> exo- -> macro- -> chrono
ZIE ONTWIKKELINGSPSYCH
- Rol van cultuur gaat verloren maar volgens Bronfenbrenner zit cultuur overal
Harkness & Super: Developmental niche: 3 subsystemen
Kind krijgt veel culturele invloeden, dit heeft ook invloed op de opvoeding van het kind
Developmental niche spitst zich toe op de culturele dimensies van de omgeving waarin
kinderen opgroeien aan de hand van drie subsystemen.
1) De fysieke en sociale ‘settings’ waarin een kind leeft:
o Waar en met wie brengt het kind de tijd door?
o Wat doen verzorgers met kind?
o Bepaalt het type interactie, en dit beivloedt het sociaal gedrag, en de
ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen
Voorbeelden van kipsigis stam in Kenya, Nso stam in kameroen
Voortdurende nabijheid moeder -> pediatrische opv stijl
Kind helpt/imiteert brusjes/ouders -> apprentice model
o Hoge proximiteit -> het kind is altijd op één in contact met de moeder
2) Gewoontes van verzorging en opvoeding
o Gedrag strategieën om om te gaan met kinderen van een bepaalde
leeftijd(fase)
Voorbeelden Nso stam Kameroen (keller 2003)
o Eten/drinken, emotieregulering -> pediatrische opvoedings stijl (directe
bevrediging in de behoefte ‘direct de borst geven’) Als voedsel schaars kun je
maar beter snel eten/drinken geven
o Gewoonten gericht op motorisch ontw. -> apprentice model
Apprentice model -> De Nso baby’s worden aan hun handen
vast gehouden en hangen daaraan zodat de ledematen de
vrijheid krijgen om te bewegen en de motorische
ontwikkeling te bevorderen
-> Maar ook leren lopen door brusjes
Duitse baby’s worden voornamelijk vast gehouden ->
equality model
3) De psychologie van de opvoeders
o Culturele denkmodellen voor de opvoeding
“Parental ethnotheories” over gewenste competenties
Opvoedingsdoelen
, o Voorbeelden Nso stam, Kameroen (Keller, 2003)
o En Kipsigis stam, Kenya (Harknes & Super, 1986):
Opvoedingsdoelen: gehoorzaamheid en verantwoordelijkheid, sociale
intelligentie, goed meedoen in de samenleving
o Voorbeelden Duitsland (Keller, 2003):
Opvoedingsdoelen: agency, verbaal en cognitief sterk (door oogcontact te
maken en een fictief dialoogje aan te gaan), uniciteit, individueel concept van
competenties
Grote verschillen tussen de beide moeders: Minder oogcontact Kameroen en minder bezig met één
opdracht die moet worden uitgevoerd. De Duitse moeders deden juist andersom.
Grootste migrantengroepen in Nederland:
24,4 procent van de
bevolking heeft een
migratie achtergrond
(jongeren: 27%). Een
derde van hen heeft
een westerse
migratie achtergrond
en twee derde heeft
een westerse
migratie achtergrond.
(waarvan de helft
tweede generatie).
Grote niet-westerse
groepen in
Nederland:
Schatting absolute aantallen peiljaar 2019
Perspectieven op migratie
Vluchten voor geweld als oorzaak voor migratie
Push/Pull theorie van migratie
Migratie als livelyhood strategie
o Gelukszoekers maar wel van de upper lowclass. Dus Filipijnen waarbij ze niet in
de slechtste omstandigheden zitten
Gevolgen migratie ontwikkeling van het kind:
Familie relaties, Opvoeding, Onderwijs
Migratie en integratie
Migratie leidt tot een langdurig interactieproces tussen immigranten en de ontvangende
samenleving integratie en acculturatie processen
Integratie heeft betrekking op de participatie van migranten in de maatschappelijke
instituties. (onderwijs, arbeidsmarkt, woning markt, media etc), en op hun sociale en
culturele orientaties
Factoren die integratie processen beïnvloeden
1) Sociale demografische culturele kenmerken bij migranten
2) Immigratie beleid en de accommodatie van culturele verschillen
3) Identiteitsconstructies ontvangende samenleving beïnvloeden de invoeging/absorptie van
nieuwkomers en hun kinderen
, 4) De kwaliteit van het contact met mainstream samenleving
Identiteitsconstructies in de ontvangende samenleving beïnvloeden de invoeging/absorptie van
nieuwkomers en hun kinderen:
- Nederland: dikke identiteit sociale culturele termen of je een Nederlander bent of niet
waar moet je dan aan voldoen? Vaak lastig uit te leggen. Geen migratiesamenleving dus
heeft zich ook nooit hoeven uit te leggen
vs
- Verenigde staten: dunne identiteit, opgebouwd door migratie, je kan een Iraans-
Amerikaanse zijn dat is gebruikelijker dan een Iraanse-Nederlander