Hoofdstuk 3 Wat bak jij ervan?
Paragraaf 3.1 Inleiding
Wet van Lavoisier:
Lavoisier was een Franse scheikundige. De wet van Lavoisier zegt dat de massa van
een gesloten systeem constant zal blijven, ongeacht de processen die binnen het
systeem plaatsvinden.
Wet van Proust:
Proust was een franse intellectueel, romanschrijver, essayist en criticus. De wet van
Proust zegt wanneer 1, 2 of meer stoffen reageren, gebeurt dat telkens onder een
constante massaverhouding.
Paragraaf 3.2 Werken met hoeveelheden
Dichtheid
De dichtheid is een eigenschap van een stof (niet van een voorwerp).
De dichtheid (symbool p) geeft aan hoeveel kg er in één m3 van die stof zit.
Om de dichtheid te kunnen berekenen heb je de massa (symbool m, in kg) en het volume
(symbool V, eenheid m3) nodig de eenheid voor de dichtheid is dus kg per m3 (kg m-3).
Meten is weten
Nauwkeurigheid wordt uitgedrukt in het aantal cijfers in een meetwaarde.
De nauwkeurigheid van een meting leid je af uit het aantal significante cijfers.
Het aantal significante cijfers van een meetwaarde is het aantal cijfers zonder op de komma
te letten nullen aan het begin van een getal tellen niet mee.
Significantie geeft aan ‘wat je zeker weet’ en ‘wat je moet schatten’.
Significante cijfers
Getallen die iets zeggen over de nauwkeurigheid van een meting noemen we significante
cijfers.
Bij het tellen van het aantal significante cijfers moet je altijd van rechts naar links tellen
kom je verder alleen maar nullen tegen, dan tellen die niet mee.
, Combineren van meetwaarden
Dichtheid= massa : volume
Wanneer je twee meetwaarden combineert dan moet in de uitkomst ook iets te zien zijn van
de nauwkeurigheid van beide meetwaarden.
Bij het combineren van meetwaarden moet je je aan de volgende regels houden:
Het antwoord van een vermenigvuldiging of deling mag in niet meer significante
cijfers worden gegeven dan de meetwaarde met het kleinste aantal significante
cijfers dat je bij de berekening hebt gebruikt.
Bij het optellen en aftrekken wordt het antwoord in niet meer decimalen geschreven
dan het bij de berekening betrokken meetresultaat met het kleinste aantal
decimalen. Let op deze regels gelden alleen voor meetwaarden en niet voor
telwaarden!
Paragraaf 3.3 De chemische hoeveelheid
Atoommassa en molecuulmassa
Atoommassa: de massa van een atoom, uitgedrukt in atomaire massa-eenheden (u).
Elk isotoop van een scheikundig element heeft een andere atoommassa.
De atoommassa van een element als geheel is gedefinieerd als het gewogen gemiddelde van
de atoommassa’s van alle natuurlijke isotopen dit gemiddelde wordt in tabellen meestal
aangegeven met de relatieve atoommassa (Ar).
De relatieve aanwezigheid ( de mate waarin elk isotoop verhoudingsgewijs voorkomt
op aarde) is daarbij de wegingsfactor.
De eenheid om atoommassa’s en molecuulmassa’s in uit te drukken is de atomaire massa-
eenheid (u).
Omdat atoommassa’s zeer klein zijn in vergelijking met de SI-eenheid kilogram, is
hiervoor deze speciale eenheid gedefinieerd.
De eenheid is zo gekozen dat de massa van een atoom, uitgedrukt in atomaire massa-
eenheden, zo goed mogelijk het aantal kerndeeltjes (protonen en neutronen) aangeeft.
Een proton heeft dezelfde massa als een neutron en de massa van een elektron is te
verwaarlozen.
Paragraaf 3.1 Inleiding
Wet van Lavoisier:
Lavoisier was een Franse scheikundige. De wet van Lavoisier zegt dat de massa van
een gesloten systeem constant zal blijven, ongeacht de processen die binnen het
systeem plaatsvinden.
Wet van Proust:
Proust was een franse intellectueel, romanschrijver, essayist en criticus. De wet van
Proust zegt wanneer 1, 2 of meer stoffen reageren, gebeurt dat telkens onder een
constante massaverhouding.
Paragraaf 3.2 Werken met hoeveelheden
Dichtheid
De dichtheid is een eigenschap van een stof (niet van een voorwerp).
De dichtheid (symbool p) geeft aan hoeveel kg er in één m3 van die stof zit.
Om de dichtheid te kunnen berekenen heb je de massa (symbool m, in kg) en het volume
(symbool V, eenheid m3) nodig de eenheid voor de dichtheid is dus kg per m3 (kg m-3).
Meten is weten
Nauwkeurigheid wordt uitgedrukt in het aantal cijfers in een meetwaarde.
De nauwkeurigheid van een meting leid je af uit het aantal significante cijfers.
Het aantal significante cijfers van een meetwaarde is het aantal cijfers zonder op de komma
te letten nullen aan het begin van een getal tellen niet mee.
Significantie geeft aan ‘wat je zeker weet’ en ‘wat je moet schatten’.
Significante cijfers
Getallen die iets zeggen over de nauwkeurigheid van een meting noemen we significante
cijfers.
Bij het tellen van het aantal significante cijfers moet je altijd van rechts naar links tellen
kom je verder alleen maar nullen tegen, dan tellen die niet mee.
, Combineren van meetwaarden
Dichtheid= massa : volume
Wanneer je twee meetwaarden combineert dan moet in de uitkomst ook iets te zien zijn van
de nauwkeurigheid van beide meetwaarden.
Bij het combineren van meetwaarden moet je je aan de volgende regels houden:
Het antwoord van een vermenigvuldiging of deling mag in niet meer significante
cijfers worden gegeven dan de meetwaarde met het kleinste aantal significante
cijfers dat je bij de berekening hebt gebruikt.
Bij het optellen en aftrekken wordt het antwoord in niet meer decimalen geschreven
dan het bij de berekening betrokken meetresultaat met het kleinste aantal
decimalen. Let op deze regels gelden alleen voor meetwaarden en niet voor
telwaarden!
Paragraaf 3.3 De chemische hoeveelheid
Atoommassa en molecuulmassa
Atoommassa: de massa van een atoom, uitgedrukt in atomaire massa-eenheden (u).
Elk isotoop van een scheikundig element heeft een andere atoommassa.
De atoommassa van een element als geheel is gedefinieerd als het gewogen gemiddelde van
de atoommassa’s van alle natuurlijke isotopen dit gemiddelde wordt in tabellen meestal
aangegeven met de relatieve atoommassa (Ar).
De relatieve aanwezigheid ( de mate waarin elk isotoop verhoudingsgewijs voorkomt
op aarde) is daarbij de wegingsfactor.
De eenheid om atoommassa’s en molecuulmassa’s in uit te drukken is de atomaire massa-
eenheid (u).
Omdat atoommassa’s zeer klein zijn in vergelijking met de SI-eenheid kilogram, is
hiervoor deze speciale eenheid gedefinieerd.
De eenheid is zo gekozen dat de massa van een atoom, uitgedrukt in atomaire massa-
eenheden, zo goed mogelijk het aantal kerndeeltjes (protonen en neutronen) aangeeft.
Een proton heeft dezelfde massa als een neutron en de massa van een elektron is te
verwaarlozen.