Actualiteiten à married at first sight, trouwen met iemand die je helemaal niet kent, kan dat zo maar? Zit er een luchtje aan dat huwelijk.
Formeel denk ik dat het huwelijk niet aantastbaar is, maar waar zou je aan kunnen denken als het gaat om een dergelijk huwelijk?
Bijvoorbeeld de huwelijksaangifte, maar er is een belangrijke verandering geweest met betrekking tot de ondertrouw 1:43 BW, middels de
Wet elektronische dienstverlening burgerlijke stand. Deze wet is ingevoerd vanaf 1 september 2015. Ambtenaar moest een akte van
huwelijksaangifte opmaken. Art. 1:43 BW is vervallen sinds de Wet elektronische dienstverlening burgerlijke stand. Je kunt nu per e-mail
bekend maken dat je het voornemen hebt om te trouwen. Toch zie je bij veel gemeenten dat de echtgenoten persoonlijk worden
uitgenodigd. Formeel is dit dus niet verplicht, dat mag dus per e-mail. Je kunt bij sommige gemeenten ook elektronische aangifte doen van
de geboorte van een kind. Art. 1:43 is voor heel Nederland vervallen, voor alle gemeenten is het dus mogelijk om het voornemen per e-
mail in te dienen. Is er bij married at first sight sprake van een schijnhuwelijk (art. 1:50 BW)? Er is niet voldaan aan alle elementen van art.
1:50 BW, vooral de laatste volzin (‘(…)niet is gericht op de vervulling van de door de wet aan de huwelijke staat verbonden plichten, doch
op het verkrijgen van toelating tot Nederland.’). In het kader van de wet tegengaan huwelijksdwang vroeg de ambtenaar van de burgerlijke
stand of echtgenoten uit eigen vrije wil in het huwelijk traden. Dit werd bevestigd door de echtgenoten waardoor er geen sprake is van
huwelijksdwang. Echtgenoten voltrekken het huwelijk dus uit eigen vrije wil.
Is er sprake van dwaling als in art. 1:71 lid 2 BW (‘Een gelijk verzoek komt de echtgenoot toe, die bij de huwelijksvoltrekking gedwaald
heeft hetzij in de persoon van de andere echtgenoot, hetzij omtrent de betekenis van de door hem afgelegde verklaring.’)
Niet lex generalis van 6:228 BW, maar de lex specialis van art. 1:71 lid 2 BW. à dwaling betekent hier niet de onjuiste voorstelling van
zaken als in boek 6 BW er is dus geen dwaling in de kwaliteit. De dwaling in boek 1 is dwaling in de identiteit. Bijvoorbeeld: je trouwt met
de verkeerde van een tweeling.
Huwelijk in married at first sight is een rechtsgeldig huwelijk, maar op grond van duurzame ontwrichting kan het huwelijk worden
ontbonden (echtscheiding). Als een huwelijk wordt vernietigd heeft de vernietiging terugwerkende kracht. Bij ontbinding van het huwelijk
is hier geen sprake van. Bij echtscheiding en de door is er sprake van de dood. De wet zegt steeds nietigverklaring, dat is fout. Bij
nietigverklaring wek je de indruk dat de uitspraak declaratoir is, terwijl dit constitutief is. Je kunt dan veel beter spreken van vernietiging
zoals in art. 3:49 e.v BW. Op dit punt is de terminologie niet aangepast. Vanaf 1992 is de wetgever veel preciezer geworden, in boek 3
wordt alleen gesproken op vernietiging. Boek 1 had ook moeten worden aangepast aan de nieuwe terminologie (nietigverklaring =
vernietiging).
Internationale vrouwendag à omwille van de emancipatie van de vrouw
Als het gaat om de positie van de vrouw in het personen- en familierecht is er op de meeste punten wel gelijkheid. Het was de bedoeling
om zo veel mogelijk sekseneutraal te spreken in de wet, op veel punten is dat gelukt, maar niet overal. Met name bij het lesbisch
ouderschap zien we dat het aantal moeders en vaders uiteenlopen, er zijn in totaal 6 juridische moeders en 5 juridische vaders. Dat is ook
een reden waarom we in die artikelen konden opschrijven ‘ouder van een kind is de persoon die…’. Nu staat er in art 1:198 BW: ‘moeder
van een kind is de vrouw die…’, of 1: 199 BW: ‘vader van een kind is de man die…’. Waarom is dat sekseneutraal? Omdat er 6 juridische
moeders zijn en 5 juridische vaders.
1
,Bij het historisch overzicht ziet u de Lex van Oven. à daar zien we de gelijke behandeling van man en vrouw, want toen werd door minister
van Oven de maritale macht van de gehuwde man afgeschaft, toen had de man alles te zeggen en de vrouw was handelingsonbekwaam. Toen
waren handelingsonbekwaam: minderjarigen, zij die waren geplaatst in een gesloten afdeling van een krankzinnigengesticht, onder curatelen
gestelde en gehuwde vrouwen.
1 januari 2014: onder curatele stellen is moeilijker geworden (onder curatele gesteld voor bijv. een geestelijke stoornis) dit komt door het VN
verdrag voor personen met een handicap de facto is het verdrag geratificeerd, je moet in de praktijk uitgaan van subsidiariteit en
proportionaliteit. Curatele heeft vergaande gevolgen. De wetgever heeft liever een lichtere maatregel, bijvoorbeeld bewind in plaats van
curatele. Curatele wordt dan ook pas in laatste instantie toegepast (alleen als je constant geestelijk gestoord bent). Iemand die in een gesloten
ziekenhuis zit van een psychiatrisch ziekenhuis is dus niet van rechtswege handelingsonbekwaam, maar moet onder curatele worden gesteld.
Tot 1970 stond in de wet dat de man hoofd was van de echtvereniging. Er stond ook een bepaling over verhuizing, dat als de man wilde
verhuizen, moest de vrouw haar man volgen alwaar hij dienstig oordeelde. Deze tijden liggen gelukkig ver achter ons.
Nu hebben we een systeem van bestuursverdeling als er gemeenschap van goederen is, algeheel of beperkt, soms staat de man aan het hoofd
van de verdeling, soms de vrouw, soms gezamenlijk.
Art. 1:97 BW à bestuursverdeling bij de huwelijksgemeenschap
Handelingsvrijheid (art. 1:88 BW) à voor een aantal zeer belangrijke rechtshandelingen is toestemming van de andere echtgenoot nodig,
zonder die toestemming ben je handelingsonbevoegd. Dergelijke rechtshandelingen zijn dan vernietigbaar op grond van art. 1:89 BW
In 1970 Nieuwe boek 1 BW
1998: invoering geregistreerd partnerschap, huwelijksvermogensrecht is daardoor veel belangrijker geworden want het is tevens
partnerschapsvermogensrecht. Veel faculteiten hebben het een ander vak gegeven, namelijk: relatievermogensrecht. Die relatie kan zijn een
geformaliseerde relatie (huwelijk of gp), maar het kunnen ook mensen zijn die ongehuwd of ongeregistreerd samenleven.
Partnerschapsvermogensrecht is een lastige term omdat je daaruit niet kan afleiden dat het gaat om geregistreerd partnerschap. Gaat het om een
informele relatie dan gaat het om samenlevingsvermogensrecht. De overkoepelende term is dan relatievermogensrecht
(huwelijksvermogensrecht, partnerschapsvermogensrecht en samenlevingsvermogensrecht).
Vermogensrechtelijke gelijkstelling à art. 1:80 b BW (1:81 t/m 1:143 BW is van overeenkomstige toepassing voor het geregistreerd
partnerschap)
Scheiding van tafel en bed à soort uitkleding van het huwelijk, formeel blijf je met elkaar getrouwd maar het is een uitgehold huwelijk, de
huwelijksgemeenschap wordt ontbonden (art 1:99 lid 1 sub c BW) en de huwelijkse verplichten gelden niet meer, het erfrecht geldt ook niet bij
scheiding van tafel en bed art. 4:10 lid 1 sub a BW. art. 1:92a BW à deze figuur komt alleen voor bij het huwelijk en niet bij het partnerschap.
2
, Bij de eerste wet van 2001 zijn bepalingen van titel 6 en 8 veranderd, bijvoorbeeld de afschaffing van de verplichting tot
samenwoning. Bij de tweede wet van 2002 (wet regels verrekenbedingen) bepaalde vorm van huwelijkse voorwaarden. De laatste
is de wet aanpassing wettelijke gemeenschap van goederen heeft enkele bepaling van titel 6 en 7 heeft gewijzigd, bijvoorbeeld de
leer van economische deelgerechtigheid (art. 1:87 BW). De laatste stand van zaken is dan het wetsvoorstel om de omvang van de
wettelijke gemeenschap van goederen te beperken. Het is een nieuw wettelijke stelsel dat het stelsel van algehele gemeenschap
wordt vervangen door het stelsel van beperkte gemeenschap. Married at first sight à koude uitsluiting (huwelijkse voorwaarden),
testament werd getekend (onterving van de echtgenoot).
Wetsvoorstel 33987 à de gemeenschap wordt in dit voorstel beperkt tot datgeen wat je tijdens het huwelijk verkrijgt.
Erfrechtelijke verkrijgingen en giften blijven ook van rechtswege buiten de gemeenschap van goederen. Wat je al had wat je ging
trouwen (aanbrengsten) blijven privé een erfrechtelijke verkrijgingen en giften dus ook. Als je nu erfrechtelijke verkrijgingen en
giften buiten de gemeenschap wilt, moet er een uitsluitingsclausule worden gemaakt. Ter bescherming van de huishoudelijke
echtgenoot is het bevorderlijk om de algehele gemeenschap van goederen binnen het huwelijk te behouden.
De wet vereveningen pensioenrechten bij scheiding à ouderdomspensioen wordt verevend tijdens de huwelijkse periode. De
Wvps is van 1 mei 1995, daar kun je ook vanaf wijken maar naar deze wet wordt de waarde van dat ouderdomspensioen verevend
tijdens de huwelijkse periode.
3
Formeel denk ik dat het huwelijk niet aantastbaar is, maar waar zou je aan kunnen denken als het gaat om een dergelijk huwelijk?
Bijvoorbeeld de huwelijksaangifte, maar er is een belangrijke verandering geweest met betrekking tot de ondertrouw 1:43 BW, middels de
Wet elektronische dienstverlening burgerlijke stand. Deze wet is ingevoerd vanaf 1 september 2015. Ambtenaar moest een akte van
huwelijksaangifte opmaken. Art. 1:43 BW is vervallen sinds de Wet elektronische dienstverlening burgerlijke stand. Je kunt nu per e-mail
bekend maken dat je het voornemen hebt om te trouwen. Toch zie je bij veel gemeenten dat de echtgenoten persoonlijk worden
uitgenodigd. Formeel is dit dus niet verplicht, dat mag dus per e-mail. Je kunt bij sommige gemeenten ook elektronische aangifte doen van
de geboorte van een kind. Art. 1:43 is voor heel Nederland vervallen, voor alle gemeenten is het dus mogelijk om het voornemen per e-
mail in te dienen. Is er bij married at first sight sprake van een schijnhuwelijk (art. 1:50 BW)? Er is niet voldaan aan alle elementen van art.
1:50 BW, vooral de laatste volzin (‘(…)niet is gericht op de vervulling van de door de wet aan de huwelijke staat verbonden plichten, doch
op het verkrijgen van toelating tot Nederland.’). In het kader van de wet tegengaan huwelijksdwang vroeg de ambtenaar van de burgerlijke
stand of echtgenoten uit eigen vrije wil in het huwelijk traden. Dit werd bevestigd door de echtgenoten waardoor er geen sprake is van
huwelijksdwang. Echtgenoten voltrekken het huwelijk dus uit eigen vrije wil.
Is er sprake van dwaling als in art. 1:71 lid 2 BW (‘Een gelijk verzoek komt de echtgenoot toe, die bij de huwelijksvoltrekking gedwaald
heeft hetzij in de persoon van de andere echtgenoot, hetzij omtrent de betekenis van de door hem afgelegde verklaring.’)
Niet lex generalis van 6:228 BW, maar de lex specialis van art. 1:71 lid 2 BW. à dwaling betekent hier niet de onjuiste voorstelling van
zaken als in boek 6 BW er is dus geen dwaling in de kwaliteit. De dwaling in boek 1 is dwaling in de identiteit. Bijvoorbeeld: je trouwt met
de verkeerde van een tweeling.
Huwelijk in married at first sight is een rechtsgeldig huwelijk, maar op grond van duurzame ontwrichting kan het huwelijk worden
ontbonden (echtscheiding). Als een huwelijk wordt vernietigd heeft de vernietiging terugwerkende kracht. Bij ontbinding van het huwelijk
is hier geen sprake van. Bij echtscheiding en de door is er sprake van de dood. De wet zegt steeds nietigverklaring, dat is fout. Bij
nietigverklaring wek je de indruk dat de uitspraak declaratoir is, terwijl dit constitutief is. Je kunt dan veel beter spreken van vernietiging
zoals in art. 3:49 e.v BW. Op dit punt is de terminologie niet aangepast. Vanaf 1992 is de wetgever veel preciezer geworden, in boek 3
wordt alleen gesproken op vernietiging. Boek 1 had ook moeten worden aangepast aan de nieuwe terminologie (nietigverklaring =
vernietiging).
Internationale vrouwendag à omwille van de emancipatie van de vrouw
Als het gaat om de positie van de vrouw in het personen- en familierecht is er op de meeste punten wel gelijkheid. Het was de bedoeling
om zo veel mogelijk sekseneutraal te spreken in de wet, op veel punten is dat gelukt, maar niet overal. Met name bij het lesbisch
ouderschap zien we dat het aantal moeders en vaders uiteenlopen, er zijn in totaal 6 juridische moeders en 5 juridische vaders. Dat is ook
een reden waarom we in die artikelen konden opschrijven ‘ouder van een kind is de persoon die…’. Nu staat er in art 1:198 BW: ‘moeder
van een kind is de vrouw die…’, of 1: 199 BW: ‘vader van een kind is de man die…’. Waarom is dat sekseneutraal? Omdat er 6 juridische
moeders zijn en 5 juridische vaders.
1
,Bij het historisch overzicht ziet u de Lex van Oven. à daar zien we de gelijke behandeling van man en vrouw, want toen werd door minister
van Oven de maritale macht van de gehuwde man afgeschaft, toen had de man alles te zeggen en de vrouw was handelingsonbekwaam. Toen
waren handelingsonbekwaam: minderjarigen, zij die waren geplaatst in een gesloten afdeling van een krankzinnigengesticht, onder curatelen
gestelde en gehuwde vrouwen.
1 januari 2014: onder curatele stellen is moeilijker geworden (onder curatele gesteld voor bijv. een geestelijke stoornis) dit komt door het VN
verdrag voor personen met een handicap de facto is het verdrag geratificeerd, je moet in de praktijk uitgaan van subsidiariteit en
proportionaliteit. Curatele heeft vergaande gevolgen. De wetgever heeft liever een lichtere maatregel, bijvoorbeeld bewind in plaats van
curatele. Curatele wordt dan ook pas in laatste instantie toegepast (alleen als je constant geestelijk gestoord bent). Iemand die in een gesloten
ziekenhuis zit van een psychiatrisch ziekenhuis is dus niet van rechtswege handelingsonbekwaam, maar moet onder curatele worden gesteld.
Tot 1970 stond in de wet dat de man hoofd was van de echtvereniging. Er stond ook een bepaling over verhuizing, dat als de man wilde
verhuizen, moest de vrouw haar man volgen alwaar hij dienstig oordeelde. Deze tijden liggen gelukkig ver achter ons.
Nu hebben we een systeem van bestuursverdeling als er gemeenschap van goederen is, algeheel of beperkt, soms staat de man aan het hoofd
van de verdeling, soms de vrouw, soms gezamenlijk.
Art. 1:97 BW à bestuursverdeling bij de huwelijksgemeenschap
Handelingsvrijheid (art. 1:88 BW) à voor een aantal zeer belangrijke rechtshandelingen is toestemming van de andere echtgenoot nodig,
zonder die toestemming ben je handelingsonbevoegd. Dergelijke rechtshandelingen zijn dan vernietigbaar op grond van art. 1:89 BW
In 1970 Nieuwe boek 1 BW
1998: invoering geregistreerd partnerschap, huwelijksvermogensrecht is daardoor veel belangrijker geworden want het is tevens
partnerschapsvermogensrecht. Veel faculteiten hebben het een ander vak gegeven, namelijk: relatievermogensrecht. Die relatie kan zijn een
geformaliseerde relatie (huwelijk of gp), maar het kunnen ook mensen zijn die ongehuwd of ongeregistreerd samenleven.
Partnerschapsvermogensrecht is een lastige term omdat je daaruit niet kan afleiden dat het gaat om geregistreerd partnerschap. Gaat het om een
informele relatie dan gaat het om samenlevingsvermogensrecht. De overkoepelende term is dan relatievermogensrecht
(huwelijksvermogensrecht, partnerschapsvermogensrecht en samenlevingsvermogensrecht).
Vermogensrechtelijke gelijkstelling à art. 1:80 b BW (1:81 t/m 1:143 BW is van overeenkomstige toepassing voor het geregistreerd
partnerschap)
Scheiding van tafel en bed à soort uitkleding van het huwelijk, formeel blijf je met elkaar getrouwd maar het is een uitgehold huwelijk, de
huwelijksgemeenschap wordt ontbonden (art 1:99 lid 1 sub c BW) en de huwelijkse verplichten gelden niet meer, het erfrecht geldt ook niet bij
scheiding van tafel en bed art. 4:10 lid 1 sub a BW. art. 1:92a BW à deze figuur komt alleen voor bij het huwelijk en niet bij het partnerschap.
2
, Bij de eerste wet van 2001 zijn bepalingen van titel 6 en 8 veranderd, bijvoorbeeld de afschaffing van de verplichting tot
samenwoning. Bij de tweede wet van 2002 (wet regels verrekenbedingen) bepaalde vorm van huwelijkse voorwaarden. De laatste
is de wet aanpassing wettelijke gemeenschap van goederen heeft enkele bepaling van titel 6 en 7 heeft gewijzigd, bijvoorbeeld de
leer van economische deelgerechtigheid (art. 1:87 BW). De laatste stand van zaken is dan het wetsvoorstel om de omvang van de
wettelijke gemeenschap van goederen te beperken. Het is een nieuw wettelijke stelsel dat het stelsel van algehele gemeenschap
wordt vervangen door het stelsel van beperkte gemeenschap. Married at first sight à koude uitsluiting (huwelijkse voorwaarden),
testament werd getekend (onterving van de echtgenoot).
Wetsvoorstel 33987 à de gemeenschap wordt in dit voorstel beperkt tot datgeen wat je tijdens het huwelijk verkrijgt.
Erfrechtelijke verkrijgingen en giften blijven ook van rechtswege buiten de gemeenschap van goederen. Wat je al had wat je ging
trouwen (aanbrengsten) blijven privé een erfrechtelijke verkrijgingen en giften dus ook. Als je nu erfrechtelijke verkrijgingen en
giften buiten de gemeenschap wilt, moet er een uitsluitingsclausule worden gemaakt. Ter bescherming van de huishoudelijke
echtgenoot is het bevorderlijk om de algehele gemeenschap van goederen binnen het huwelijk te behouden.
De wet vereveningen pensioenrechten bij scheiding à ouderdomspensioen wordt verevend tijdens de huwelijkse periode. De
Wvps is van 1 mei 1995, daar kun je ook vanaf wijken maar naar deze wet wordt de waarde van dat ouderdomspensioen verevend
tijdens de huwelijkse periode.
3