Begrippen pedagogiek
intro
Pedagogiek Wetenschap die de opvoeding bestudeerd
Pedagogiek-sociologie Beschouwt gezin als hoeksteen van de samenleving
Opvoeding gericht op - Vinden van gewaardeerde plaats in een constructieve
groep
- Vermogen om intieme/duurzame relaties aan te gaan
- Weten hoe gebruik te maken van voorzieningen en
netwerken
19e eeuw; verlichting Opvoeding gericht op reinheid, rust en regelmaat. Gaat uit van
kennis (rationalisme)
19e eeuw; romantiek Opvoeding meer gericht op beleving, gevoel en fantasie. Gaat uit
van (empirisme)
H1
Opvoeden Alle omgang tussen ouder en kind waarbij de ouder gericht een
relatie met het kind aangaat
4 basisdimensies van het 1. Ondersteuning bieden
opvoeden 2. Instructie geven
3. Controle uitoefenen
4. Grenzen stellen
Ondersteuning bieden Bemoedigen, helpen, accepteren, affectie geven, liefdevol omgaan.
Wordt zichtbaar door bekrachtiging, voordoen en belonen
Instructie geven Sturen in de verwachtingen, verantwoordelijkheid leren nemen,
gericht op ontwikkeling en zelfstandigheid
Controle uitoefenen Wat mag wel en niet, verantwoordelijkheid voor eigen handelen,
info en aanwijzingen over wat wel en niet kan en welke keuzes er
zijn en waarom
Grenzen stellen De wijze waarop de ouder het kind beloont voor positief gedrag en
straft voor ongewenst gedrag
Opvoedingsdoelen Zelfstandigheid
Zelfredzaamheid
Zelfvertrouwen
Ontwikkelingsfasen Stadia gekoppeld aan de leeftijd van ket kind
Ontwikkelingstaken Vaardigheden die het kind moet leren gekoppeld aan de fase
waarin hij zich bevindt
Opvoedingsopgaven Alle gedragingen van de ouders die het optimaal leren beheersen
van de ontwikkelingstaken van het kind mogelijk maken (Rispens)
intro
Pedagogiek Wetenschap die de opvoeding bestudeerd
Pedagogiek-sociologie Beschouwt gezin als hoeksteen van de samenleving
Opvoeding gericht op - Vinden van gewaardeerde plaats in een constructieve
groep
- Vermogen om intieme/duurzame relaties aan te gaan
- Weten hoe gebruik te maken van voorzieningen en
netwerken
19e eeuw; verlichting Opvoeding gericht op reinheid, rust en regelmaat. Gaat uit van
kennis (rationalisme)
19e eeuw; romantiek Opvoeding meer gericht op beleving, gevoel en fantasie. Gaat uit
van (empirisme)
H1
Opvoeden Alle omgang tussen ouder en kind waarbij de ouder gericht een
relatie met het kind aangaat
4 basisdimensies van het 1. Ondersteuning bieden
opvoeden 2. Instructie geven
3. Controle uitoefenen
4. Grenzen stellen
Ondersteuning bieden Bemoedigen, helpen, accepteren, affectie geven, liefdevol omgaan.
Wordt zichtbaar door bekrachtiging, voordoen en belonen
Instructie geven Sturen in de verwachtingen, verantwoordelijkheid leren nemen,
gericht op ontwikkeling en zelfstandigheid
Controle uitoefenen Wat mag wel en niet, verantwoordelijkheid voor eigen handelen,
info en aanwijzingen over wat wel en niet kan en welke keuzes er
zijn en waarom
Grenzen stellen De wijze waarop de ouder het kind beloont voor positief gedrag en
straft voor ongewenst gedrag
Opvoedingsdoelen Zelfstandigheid
Zelfredzaamheid
Zelfvertrouwen
Ontwikkelingsfasen Stadia gekoppeld aan de leeftijd van ket kind
Ontwikkelingstaken Vaardigheden die het kind moet leren gekoppeld aan de fase
waarin hij zich bevindt
Opvoedingsopgaven Alle gedragingen van de ouders die het optimaal leren beheersen
van de ontwikkelingstaken van het kind mogelijk maken (Rispens)