Ottawa ankle rules:
- Onvermogen de enkel te belasten (2x2 stappen maken)
- Palpatiepijn van de distale 6 cm van de posterieure zijde van laterale malleoli
- Palpatiepijn van de distale 6 cm van de posterieure zijde van de mediale malleoli
- Palpatiepijn van basis van os metatarsale I
- Palpatiepijn van os naviculare
Angulair onderzoek:
BSG: dorsaalflexie en plantairflexie
OSG: eversie en inversie
Lijn van Chopart: dorsaalflexie, plantairflexie, inversie, eversie, adductie en abductie
Lijn van Lisfranc: dorsaalflexie, plantairflexie, inversie, eversie, adductie en abductie
Schuiflade test:
De fibula en tibia worden tov talus bewogen.
Pt in langzit/ruglig met 90 graden flexie in de knie en hak in de bank
met zandzakje onder de voet, zodat er een lichte plantairflexie
plaatsvindt in de voet. FT fixeert de talus door boven de malleoli vast
te pakken en beweegt de fibula en tibia richting dorsaal. De schuif
mag niet groter zijn dan 1 cm. Bij deze test worden vooral de
ligamenten collaterale laterale en mediale getest. Bij een totale
ruptuur van het ligament collaterale laterale zal de talus voornamelijk
aan de laterale zijde naar ventraal bewegen positieve schuiflade test.
Ligamentaire stresstesten:
Varus:
Dorsaalflexie + inversie lig. talo-fibulare posterius
Neutraal + inversie lig. calcaneofibulare
Plantairflexie + inversie lig. talo-fibulare anterius
Valgus:
Dorsaalflexie + eversie lig. deltoideum
Palpaties:
???
Joint play tibio-fibularis proximaal/distaal:
Proximaal:
Pt in langzit/ruglig met 90 graden flexie in de knie en voet op de
bank. FT gaat op de voet zitten en palpeert het fibulakopje. Deze
wordt naar dorsaal/mediaal en ventraal/lateraal bewogen.
Distaal:
???
Ventrale en dorsale onderzoeken tibio-fibulare:
???