Casus 8: Naar het consultatiebureau
Onderwerp: meten van de ontwikkeling van een kind in de eerste drie jaar
Hoe meet je groei van een kind? En hoe zit de groeicurve in elkaar? (zowel intra-uterine
als extra-uterine)
Groei is het belangrijkste fenomeen dat kinderen onderscheidt van volwassenen.
Wanneer de baby in de buik van de moeder ziet, is er een sterke piekgroeisnelheid. Deze
vindt meestal plaats op de helft van de zwangerschap. Nadat de baby geboren is, groeit
het zeer snel in het 1ste levensjaar. Daarna neemt de groeisnelheid ligt af tot aan de
puberteit. Tijdens de puberteit neemt de groeisnelheid dubbel zo veel toe, waardoor er
een groeispurt ontstaat. Na de puberteit (maximaal 18 jaar) is de groei ten einde en is
de persoon volgroeid.
Schema van waarneembare reacties tijdens de zwangerschap:
Om de groei van een kind goed te kunnen weergeven maken we vaak gebruik van
groeidiagrammen. Groeidiagrammen zijn diagrammen die het gemiddelde van de groei
weergeven en de spreidingsmaat ervan. Ieder groeidiagram bevat naast de gemiddelde
lijn ook SD-lijnen. Dit zijn standaardafwijkingen die voorkomen in de populatie. Vanaf 3
jaar tot de puberteit verloopt de lengtegroei bijna altijd evenwijdig met de SD-lijnen. Dit
is kanalisatie.
De lengte van de baby bij de geboorte is niet afhankelijk van de genen die voor de lengte
zorgen, maar juist van de toevoer van voedingsstoffen tijdens de zwangerschap. Het is
mogelijk dat een kind in zijn eerste 3 levensjaren veranderd van groeilijn. Wanneer een
kind geboren is met een groeiachterstand, kan dit door o.a. de juiste voeding bijtrekken,
zodat hij op een andere SD-lijn terechtkomt. Een kind dat geboren is met een
groeivoorstand, kan tijdens zijn eerste 3 levensjaren door omgevingsfactoren vertragen
in groei, zodat ook deze een andere SD-lijn gaat volgen.
De SD-lijnen liggen normaal tussen de +2 en -2! Buiten deze lijnen kun je spreken van
abnormale groei.