Samenvatting: hoofdstuk 3 – Hoe zitten mediaproducten
in elkaar?
3.1 Narratologie
De studie naar het maken van verhalen heet Narratologie. Binnen de narratologie
heb je twee stromingen:
- Bestuderen van de manier waarop verhalen in elkaar zitten.
- Bestuderen van de manier van vertellen.
Dramaturgie is de leer van de werking van het verhaal.
De narratologie is begonnen in het Oude Griekenland. Aristoteles deed onderzoek
naar de overeenkomsten van toneelstukken. Hij ontdekte dat elk verhaal uit drie
delen is opgebouwd: een begin, een midden en een eind.
- Eerste akte (setup): het begin. Toont altijd de normale situatie van de
hoofdpersoon.
- Eerste plotpoint: de manier waarop een verhaal verteld wordt en het eerste
punt waarop dat verhaal een wending neemt.
- Tweede akte (confrontatie): het midden. De normale situatie is veranderd of
wordt bedreigd.
- Tweede plotpoint: het ziet er ineens weer slecht uit voor de hoofdpersoon.
- Derde akte (ontknoping): het einde. De hoofdpersoon herpakt zich.
Volgens Joseph Campbell bestaat elke akte uit een aantal stappen. Hij telde er
zestien. Daarna paste hij de theorie van psychiater Carl Jung over archetypen toe op
verhalen. Archetypen zijn soorten personages die een bepaald type mens
vertegenwoordigen.
Sinds de mens verhalen vertelt, verzint de mens ook vervolgen. In langlopende tv-
series als soaps gebeurt het dat een personage niet één noemenswaardig verhaal
mee maakt, maar elke zoveel tijd een nieuwe verhaallijn krijgt. Per aflevering maakt
de hoofdpersoon iets mee, waarna hij of zij in de volgende aflevering een nieuw
avontuur beleeft. De afleveringen vormen in het geval van een tv-serie samen een
seizoen en die seizoenen zijn samen de complete tv-serie. Dat betekent dat er dus
op drie niveaus verteld kan worden:
1. Niveau van de aflevering
2. Niveau van het seizoen
3. Niveau van de serie als geheel
Wanneer de ene gebeurtenis logisch volgt op de andere, noemen we dat een
causaal verband. Een toevallige, onverdiende oplossing heet een ‘deus ex
machina’.
in elkaar?
3.1 Narratologie
De studie naar het maken van verhalen heet Narratologie. Binnen de narratologie
heb je twee stromingen:
- Bestuderen van de manier waarop verhalen in elkaar zitten.
- Bestuderen van de manier van vertellen.
Dramaturgie is de leer van de werking van het verhaal.
De narratologie is begonnen in het Oude Griekenland. Aristoteles deed onderzoek
naar de overeenkomsten van toneelstukken. Hij ontdekte dat elk verhaal uit drie
delen is opgebouwd: een begin, een midden en een eind.
- Eerste akte (setup): het begin. Toont altijd de normale situatie van de
hoofdpersoon.
- Eerste plotpoint: de manier waarop een verhaal verteld wordt en het eerste
punt waarop dat verhaal een wending neemt.
- Tweede akte (confrontatie): het midden. De normale situatie is veranderd of
wordt bedreigd.
- Tweede plotpoint: het ziet er ineens weer slecht uit voor de hoofdpersoon.
- Derde akte (ontknoping): het einde. De hoofdpersoon herpakt zich.
Volgens Joseph Campbell bestaat elke akte uit een aantal stappen. Hij telde er
zestien. Daarna paste hij de theorie van psychiater Carl Jung over archetypen toe op
verhalen. Archetypen zijn soorten personages die een bepaald type mens
vertegenwoordigen.
Sinds de mens verhalen vertelt, verzint de mens ook vervolgen. In langlopende tv-
series als soaps gebeurt het dat een personage niet één noemenswaardig verhaal
mee maakt, maar elke zoveel tijd een nieuwe verhaallijn krijgt. Per aflevering maakt
de hoofdpersoon iets mee, waarna hij of zij in de volgende aflevering een nieuw
avontuur beleeft. De afleveringen vormen in het geval van een tv-serie samen een
seizoen en die seizoenen zijn samen de complete tv-serie. Dat betekent dat er dus
op drie niveaus verteld kan worden:
1. Niveau van de aflevering
2. Niveau van het seizoen
3. Niveau van de serie als geheel
Wanneer de ene gebeurtenis logisch volgt op de andere, noemen we dat een
causaal verband. Een toevallige, onverdiende oplossing heet een ‘deus ex
machina’.