Tijd van televisie en computer 1950-2000 Moderne tijd
Kenmerkende aspecten
45. De dekolonisatie maakte een eind aan de westerse hegemonie in de wereld.
46.De verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een
wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog.
47.De toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren zestig van de 20e eeuw
aanleiding gaf tot ingrijpende sociaal-culturele veranderingsprocessen.
48.De eenwording van Europa.
49.De ontwikkeling van pluriforme en multiculturele samenlevingen.
Intro
Oriëntatie
Na 1945 waren VS en Sovjet-Unie grootmachten. Hiertussen ontstond er een race wie de
meeste kernwapens hadden. In de Koude Oorlog was er constante dreiging van een
allesvernietigende atoomoorlog. Na 1945 was de rol van Frankrijk en Groot-Brittannië op het
wereldtoneel uitgespeeld. Deze landen verloren hun overzeese gebied, dat geldt ook voor
Portugal en Nederland. Tijdens de Japanse bezetten van de koloniën van Frankrijk, Nederland
en Groot-Brittannië groeide het nationalisme onder de inheemse bevolking. Ze eisten
zelfbestuur en in Zuidoost Azië werden de koloniën als eerste onafhankelijk. Het proces van
dekolonisatie verliep vaak moeizaam en met veel geweld.
Frankrijk en Duitsland konden niet goed met elkaar. In 1950 besloten ze samen met andere
Europese landen samen te gaan werken. Deze ontwikkeling had belangrijke gevolgen:
‐ De landen van EU hebben hierdoor een hoog welvaartsniveau bereikt en ze konden
zich economisch staande houden.
‐ Val van het IJzeren Gordijn in 1989 werd als overwinning gezien en maakt een
uitbreiding van EU met een aantal landen mogelijk.
‐ Zichtbare herinneringen aan het communisme werd opgeruimd.
Door de groeiende welvaart konden jongeren een lossere levensstijl kiezen. Opkomst van
media versnelde dit proces. Er ontstond secularisatie(ontkerkelijking) en er kwam verdere
democratisering en individualisering. De samenlevingen werden pluriformer.
10.1 De Koude Oorlog: 1945-1963
Onderzoeksvraag: Wat waren de oorzaken van de Koude Oorlog en hoe vormde deze een
bedreiging voor de wereldvrede?
- Einde WOII.
- Wederzijds wantrouwen vanwege politieke ideologieën:
o SU (communisme)
eenpartijstaat
dictatuur
totalitair systeem
o VS en Europa (kapitalisme)
meerpartijenstelsel
, parlementaire democratie
vrijheid van meningsuiting
- Blokvorming na conferentie van Jalta (1945)
o Westblok
o Oostblok (uitbreiding van Sovjetinvloed)
Wapenwedloop (atoombom)
- Truman-doctrine en Marshallplan
o Elk land dat zich bedreigd voelde door communisme zou hulp krijgen van VS.
Inperking van machtsuitbreiding van communisme containmentpolitiek.
o Om West-Europa economisch weer sterk te maken en het communisme buiten
West-Europa te houden werd het Marshallplan bedacht. Dollars gingen
- Duitse deling, Navo en Warschaupact
o Su en westerse geallieerden kregen onenigheid over de toekomst van Duitsland.
Uiteindelijk kwam er een deling van twee Duitslanden.
o Daarnaast werden twee militaire bondgenootschappen opgericht.
Kern
Duitsland lag in puin na 2WO. Frankrijk en Groot-Brittannië waren zwak. De twee
grootmachten die overbleven waren de VS en de Sovjet-Unie. Daartussen ontstond al snel
een oorlog. Het communisme tegenover het kapitalisme. Er ontstond een Koude Oorlog met
een atoomwapenwedloop en in Oost-Europa leefden mensen achter het ‘IJzeren Gordijn’ in
onvrijheid en onderdrukking. Truman zei dat VS mensen ging helpen die willen strijden tegen
een dictatuur hierdoor ontstonden de oorlogen: Koreaoorlog en Vietnamoorlog. Er waren
bondgenootschappen: NAVO en Warschaupact. Tijdens de Cubacrisis lag de wereld op het
randje van een derde wereldoorlog.
Kapitalisme en communisme
Roosevelt richtte in 1945 de Verenigde Naties op. Vele landen deden mee maar na de 2WO
bleef er niet veel van over. Al sinds de Russische Revolutie (1917) voerde de westerse leiders
en de leiders van de Sovjet-Unie hun beleid vanwege tegengestelde ideologieën.
VS Kapitalisme SU Communisme Karl Marx
Economie Vrije markt economie, staat Planeconomie met staatbedrijven
bemoeit zich maar beperkt
met de economie.
Politiek Vrije verkiezingen, Onderdrukking, 1 leider. Dictatuur 1 partij staat
democratische besluitvorming
en een meerpartijenstelsel.
Sociaal Sociale verschillen arm en rijk, Iedereen heeft evenveel geld en bezittingen.
individu voorop. Iedereen heeft gelijkheid.
Stalin was opvolger van Lenin en hij zette het communisme voort.
Machtstegenstelling
Met de Conferentie van Jalta (februari 1945) kwamen Stalin, Roosevelt en Churchill het
overeen dat de staten in Midden-Europa in de toekomst een democratische regering zouden
krijgen. Stalin maakte binnen enkele jaren van deze landen satellietstaten (onafhankelijke
landen) van de Sovjet-Unie en brachten het communisme over. Stalin wou de Sovjetmacht
verstevigen. Churchill sloeg alarm over de dreiging van de Sovjet-Unie en beschreef de