De ontkenning
Ne … pas - niet/ geen
Ne … plus - niet meer
Ne … jamais - nooit
Ne … rien - niets
Ne … pas encore - nog niet
Ne … pas non plus - ook niet
Ne … aucune - geen enkel
Ne … guère - nauwelijks
Ne … personne - niemand
Ne … nulle part - nergens
Ne … pas (…) du tout - helemaal niet
Ne … ni … ni - (noch) … noch
Ne … que - slechts/ alleen maar
Standaardregel: ne komt voor pv en tweede deel van de ontkenning na de pv.
Bijv. Je ne faire pas.
Afwijkend: Als je persoonlijk voornaamwoord of wederkerend voornaamwoord gebruikt
komt ne daardoor en word het: je ne il faire pas of il ne s'est faire pas
BIJZONDERHEDEN
Klinker of stomme h dan wordt het: n'
Niemand en nergens, vertaald als ne … personne en ne … nulle part, Als er een gezegde in de
zin staat dan komt het tweede deel van de ontkenning pas na het gezegde, dus niet alleen de
pv.
Bijv. Tu ne veut aller nulle part.
Niemand en niets, vertaald als ne … personne en ne … rien, komt vooraan aan de zin te
staan, als het woord een onderwerp is.
Un, une, uns, de la, d l', des, du worden na de ontkenning de of d'
Onbepaald voornaamwoord
quelque chose: iets