Invloedsfactoren proces op product: consumptiemelk, koferoom, iniedikte melk en zoete
iecondenseerde melk
Gepasteuriseerde consumptiemelk
Productieproces gepasteuriseerde
consumptiemelk
Proces
- Filtreren: direct na melken op boerderij ongerechtigheden worden met zeef verwijderd
- Thermiseren
Direct bij aankomst in fabriek
Belang van thermiseren is het voorkomen dat vet en eiwit worden afgebroken door
hitteresistente enzymen van psychrotrofe bacteriën
Maar regel is dat de houdbaarheid van de melk kort is om enzymen de kans te geven
bederf te veroorzaken (tenzij de melk een hoog aantal psychrotrofen bevat)
Thermisatie op hoge temperatuur (20s bij 67,5°C) zorgt voor inactivatie van
melklipase en betekent dat een iets lagere pasteurisatietemperatuur gebruikt kan
worden voor de productie van gehomogeniseerde melk
Ondanks deze voor de hand liggende voordelen van thermisatie passen
zuivelbedrijven vaak alleen koelen om zo de groei van psychrotrofen te voorkomen
goedkoper
- Separatie/ontromen
Separatie is nodig om het gewenste vetpercentage te verkrijgen
Om gewenste vetgehalte van melk te kunnen instellen (=standaardiseren)
Alle melk/deel ontromen het is wel zinloos om deel van vet in consumptiemelk
komt, te homogeniseren
Als de homogenisatiestap wordt overgeslagen, wordt alleen een deel van de melk
afgeroomd afgeroomde melk dat verkregen is moet voldoende zijn om de melk te
standaardiseren
- Homogeniseren
1
, Ter voorkoming van vorming roomlaag in verpakking tijdens bewaren in winkel en
thuis
Vaak wordt alleen een deelstroom/de room gehomogeniseerd
Laag-gepasteuriseerd snel vorming roomlaag maar ook vrij gemakkelijk weer in
oplossing homogeniseren niet strikt nodig
Hoog-gepasteuriseerd agglutininen geïnactiveerd langzaam taaie compacte
roomlaag homogeniseren nodig
Dient ter voorkoming van vorming van room laag in de verpakking tijdens opslag
In laag gepasteuriseerde melk (alkaline fosfaat is net geïnactiveerd) vormt een losse
room laag van geagglutineerde vetbolletjes kan gemakkelijk worden herverdeeld
in de melk
In hoog gepasteuriseerde melk is koude agglutinine geïnactiveerd en de room laag
wordt langzamer gevormd, maar het is dan een compacte, nauwelijks verspreidbare
laag deze melk wordt daarom gehomogeniseerd
Regel: niet alle melk wordt gehomogeniseerd, maar soms alleen de roomfracties
(gedeeltelijke homogenisatie) om de kosten te verlagen separatie vindt dan wel
eerst plaats
Homogenisatieclusters zouden na de homogenisatie afwezig moeten zijn
vetgehalte room moet redelijk laag (10-12%) zijn en de homogenisatietemperatuur
niet te laag (>55°C)
o Tweetrapshomogenisatie kan ook worden toegepast
Meestal vindt de homogenisatiestap plaats voorafgaand aan de pasteurisatie om het
risico op recontaminatie te minimaliseren
o Melk lipase is dan nog steeds aanwezig melk moet dan onmiddellijk
gepasteuriseerd worden
Na gedeeltelijke homogenisatie kan de melk nog steeds een room laag veroorzaken
door de koude agglutinine komt voort uit het agglutinine dat niet is geïnactiveerd
bij de volgende pasteurisatie in afgeroomde melk
o Ondanks lage verhouding van agglutinine tot vetoppervlak, kunnen de
vetbolletjes agglutineren als de rauwe melk veel agglutinine bevat
Gehomogeniseerde melk heeft een verhoogde neiging om te schuimen, vooral bij
lage temperatuur
- Standaardisatie
Op het juiste vetgehalte brengen van consumptiemelk
Met betrekking tot het vetgehalte
Kan gedaan worden door toevoegen van magere melk of room aan melk in
opslagtank of door continue standaardisatie
- Pasteurisatie
Verbetert veiligheid en houdbaarheid van product
Veilig: pathogene MO afedood
Bederf: meeste MO die in rauwe melk voorkomen en
bederf veroorzaken bij bewaren van melk
Er kunnen ongewenste enzymatische veranderingen
optreden door lipase en proteïnase
o Melkproteïnase eiwitsplitsing
o Lipase vetsplitsing
Zorgt voor veiligheid en verbetert houdbaarheid van
product
Milde hittebehandeling (15 s bij 72°C) doodt alle
pathogenen die aanwezig kunnen zijn (vooral
Mycobacterium tuberculose, Salmonella spp.,
2
iecondenseerde melk
Gepasteuriseerde consumptiemelk
Productieproces gepasteuriseerde
consumptiemelk
Proces
- Filtreren: direct na melken op boerderij ongerechtigheden worden met zeef verwijderd
- Thermiseren
Direct bij aankomst in fabriek
Belang van thermiseren is het voorkomen dat vet en eiwit worden afgebroken door
hitteresistente enzymen van psychrotrofe bacteriën
Maar regel is dat de houdbaarheid van de melk kort is om enzymen de kans te geven
bederf te veroorzaken (tenzij de melk een hoog aantal psychrotrofen bevat)
Thermisatie op hoge temperatuur (20s bij 67,5°C) zorgt voor inactivatie van
melklipase en betekent dat een iets lagere pasteurisatietemperatuur gebruikt kan
worden voor de productie van gehomogeniseerde melk
Ondanks deze voor de hand liggende voordelen van thermisatie passen
zuivelbedrijven vaak alleen koelen om zo de groei van psychrotrofen te voorkomen
goedkoper
- Separatie/ontromen
Separatie is nodig om het gewenste vetpercentage te verkrijgen
Om gewenste vetgehalte van melk te kunnen instellen (=standaardiseren)
Alle melk/deel ontromen het is wel zinloos om deel van vet in consumptiemelk
komt, te homogeniseren
Als de homogenisatiestap wordt overgeslagen, wordt alleen een deel van de melk
afgeroomd afgeroomde melk dat verkregen is moet voldoende zijn om de melk te
standaardiseren
- Homogeniseren
1
, Ter voorkoming van vorming roomlaag in verpakking tijdens bewaren in winkel en
thuis
Vaak wordt alleen een deelstroom/de room gehomogeniseerd
Laag-gepasteuriseerd snel vorming roomlaag maar ook vrij gemakkelijk weer in
oplossing homogeniseren niet strikt nodig
Hoog-gepasteuriseerd agglutininen geïnactiveerd langzaam taaie compacte
roomlaag homogeniseren nodig
Dient ter voorkoming van vorming van room laag in de verpakking tijdens opslag
In laag gepasteuriseerde melk (alkaline fosfaat is net geïnactiveerd) vormt een losse
room laag van geagglutineerde vetbolletjes kan gemakkelijk worden herverdeeld
in de melk
In hoog gepasteuriseerde melk is koude agglutinine geïnactiveerd en de room laag
wordt langzamer gevormd, maar het is dan een compacte, nauwelijks verspreidbare
laag deze melk wordt daarom gehomogeniseerd
Regel: niet alle melk wordt gehomogeniseerd, maar soms alleen de roomfracties
(gedeeltelijke homogenisatie) om de kosten te verlagen separatie vindt dan wel
eerst plaats
Homogenisatieclusters zouden na de homogenisatie afwezig moeten zijn
vetgehalte room moet redelijk laag (10-12%) zijn en de homogenisatietemperatuur
niet te laag (>55°C)
o Tweetrapshomogenisatie kan ook worden toegepast
Meestal vindt de homogenisatiestap plaats voorafgaand aan de pasteurisatie om het
risico op recontaminatie te minimaliseren
o Melk lipase is dan nog steeds aanwezig melk moet dan onmiddellijk
gepasteuriseerd worden
Na gedeeltelijke homogenisatie kan de melk nog steeds een room laag veroorzaken
door de koude agglutinine komt voort uit het agglutinine dat niet is geïnactiveerd
bij de volgende pasteurisatie in afgeroomde melk
o Ondanks lage verhouding van agglutinine tot vetoppervlak, kunnen de
vetbolletjes agglutineren als de rauwe melk veel agglutinine bevat
Gehomogeniseerde melk heeft een verhoogde neiging om te schuimen, vooral bij
lage temperatuur
- Standaardisatie
Op het juiste vetgehalte brengen van consumptiemelk
Met betrekking tot het vetgehalte
Kan gedaan worden door toevoegen van magere melk of room aan melk in
opslagtank of door continue standaardisatie
- Pasteurisatie
Verbetert veiligheid en houdbaarheid van product
Veilig: pathogene MO afedood
Bederf: meeste MO die in rauwe melk voorkomen en
bederf veroorzaken bij bewaren van melk
Er kunnen ongewenste enzymatische veranderingen
optreden door lipase en proteïnase
o Melkproteïnase eiwitsplitsing
o Lipase vetsplitsing
Zorgt voor veiligheid en verbetert houdbaarheid van
product
Milde hittebehandeling (15 s bij 72°C) doodt alle
pathogenen die aanwezig kunnen zijn (vooral
Mycobacterium tuberculose, Salmonella spp.,
2