ABDOMEN 1
WEEK 6 – BLOED
TAAK 6.1 – BUIKWANDHEMATOOM BIJ ANTISTOLLING 2
TAAK 6.2 – SLOKDARMVARICES 13
TAAK 6.3 – HAEMATURIE 18
TAAK 6.4 – ANAEMIE O.B.V. CAECUM CARCINOOM 30
TAAK 6.5 – ANAEMIE O.B.V. VITAMINE B12 DEFICIËNTIE 38
,TAAK 6.1 – BUIKWANDHEMATOOM BIJ ANTISTOLLING
Anamnese
Een 85-jarige vrouw is thuis gevallen en met haar buik op een tafeltje terechtgekomen. Naast
een pijnlijke flank is er kort daarna een fors hematoom ontstaan in de buikwand en zij meldt
dit aan de assistente van de Trombosedienst die haar thuis bezoekt voor de geplande
bloedafname (Trombotest).
Medische voorgeschiedenis: atriumfibrilleren sinds 7 jaar; appendectomie 30 jaar geleden
zonder complicaties.
Medicatie: acenocoumarol op geleide van INR/protrombinetijd, lanoxine 1dd 0.0625 mg,
furosemide 1dd 40 mg.
Intoxicatie: ze rookt niet en gebruikt vrijwel geen alcohol.
Lichamelijk onderzoek
− Vitale bejaarde vrouw, iets bleke sclerae
− Vitale parameters: bloeddruk 110/80, pols 90 irregulair, equaal
− Gewicht 63 kg bij een lengte van 162 cm
− Temperatuur: 37.0 °C
− Hart: graad 2/6 systolische souffle over de aorta voortgeleidend, onregelmatig ritme,
geen polsdefecit.
− Longen geen afwijkingen.
− Abdomen:
o Inspectie: hematoom linker buikhelft ongeveer 127cm, blauw, rood van kleur
o Auscultatie: Normaal klinkende peristaltiek
o Percussie: wisselende tympanie met lichte demping ter plaatse van het
hematoom
o Palpatie: oppervlakkig, licht verheven bloeduitstorting, iets warm en gevoelig;
lever en milt zijn niet palpabel
Rectaal toucher: normale faeces aan de handschoen, glad slijmvlies.
Bloedonderzoek: Hb 7.2 mmol/l, MCV 82, trombocyten 227 x 109/l, INR 4.9, APTT 38 sec.
Week 6 – Bloed Page 2 of 44
,1) Anatomie: opbouw buikwand
Bovenstaande plaatjes laten de buikwand zien van oppervlakkig (A) naar diep (D), waarbij
steeds meer lagen weggehaald te worden
Week 6 – Bloed Page 3 of 44
, De musculatuur van de buikwand bestaat uit de obliquus externus, obliquus internus en de
transversus abdominis. Deze drie spierlagen worden naar mediaan toe begrensd door de
musculus rectus abdominis en komen in het midden van de buikwand samen in de linea alba,
een tendineuse laag die gevormd wordt door de aponeurosen van bovengenoemde spieren.
Opbouw van de buikwand
Van binnen naar buiten:
− Peritoneum pariëtale
− Pre-peritoneaal vet
− Fascia transversalis
− M. transversus abdominis
− M. obliquus internus
abdominis
− M. obliquus externus
abdominis
− Fascia abdominis
superficialis
o Fascie van
Camper
(oppervlakkig blad)
o Fascie van Scarpa
(diep blad)
− Subcutis en cutis
De m. rectus abdominis bestaat uit meerdere delen, waartussen zich intersectiones tendineae
bevinden (in het wit). Deze tendineae zorgen mede voor het ‘six pack’ uiterlijk van de buik. De
m. rectus abdominis wordt omvat door een rectusschede. Deze rectusschede (vagina musculi
recti abdominis) speelt een belangrijke rol bij de opbouw van de buikwand; de bouw hiervan
verandert onder de linea arcuata (linea semicircularis) (bevindt zich tussen de navel en het os
pubis) om de toenemende druk van de ingewanden op de buikwand te weerstaan. De
rectusschede bestaat uit de aponeurosen van de zijdelingse buikspieren en is opgedeeld in
de lamina anterior (voorblad) en lamina posterior (achterblad).
De m. transversus abdominis ontspringt van de
binnenzijden van de onderste zes ribben en loopt
naar het bekken. De spiervezels hebben een
dwarsverloop en gaan over in een aponeurose,
de linea semilunaris (lijn van Spighel). Deze gaat
deel uitmaken van de rectusschede en insereert
aan de linea alba.
Het oppervlak van de onderste binnenzijde van de buikwand bevat vijf peritoneumplooien
(plica). Deze lopen allemaal richting de navel:
− Plica umbilicalis mediana = ongepaard (bevat de geoblitereerde urachus: een
overblijfsel van de embryonale ontwikkeling)
− Plica umbilicalis medialis = gepaard: sinistra en dextra (bevat de linker/rechter
geoblitereerde a. umbilicalis)
− Plicae umbilicalis lateralis = gepaard: sinistra en dextra (bevat de linker/rechter vasa
epigastrica inferior)
Tussen deze plicae bevinden zich fossae (groeven). Deze zijn zwakke plekken in de buikwand
en kunnen een breukpoort worden (plek waar een hernia ontstaat):
− Fossa supravesicalis = tussen de plica umbilicalis mediana en plica umbilicalis medialis
boven punt van de blaas
Week 6 – Bloed Page 4 of 44
WEEK 6 – BLOED
TAAK 6.1 – BUIKWANDHEMATOOM BIJ ANTISTOLLING 2
TAAK 6.2 – SLOKDARMVARICES 13
TAAK 6.3 – HAEMATURIE 18
TAAK 6.4 – ANAEMIE O.B.V. CAECUM CARCINOOM 30
TAAK 6.5 – ANAEMIE O.B.V. VITAMINE B12 DEFICIËNTIE 38
,TAAK 6.1 – BUIKWANDHEMATOOM BIJ ANTISTOLLING
Anamnese
Een 85-jarige vrouw is thuis gevallen en met haar buik op een tafeltje terechtgekomen. Naast
een pijnlijke flank is er kort daarna een fors hematoom ontstaan in de buikwand en zij meldt
dit aan de assistente van de Trombosedienst die haar thuis bezoekt voor de geplande
bloedafname (Trombotest).
Medische voorgeschiedenis: atriumfibrilleren sinds 7 jaar; appendectomie 30 jaar geleden
zonder complicaties.
Medicatie: acenocoumarol op geleide van INR/protrombinetijd, lanoxine 1dd 0.0625 mg,
furosemide 1dd 40 mg.
Intoxicatie: ze rookt niet en gebruikt vrijwel geen alcohol.
Lichamelijk onderzoek
− Vitale bejaarde vrouw, iets bleke sclerae
− Vitale parameters: bloeddruk 110/80, pols 90 irregulair, equaal
− Gewicht 63 kg bij een lengte van 162 cm
− Temperatuur: 37.0 °C
− Hart: graad 2/6 systolische souffle over de aorta voortgeleidend, onregelmatig ritme,
geen polsdefecit.
− Longen geen afwijkingen.
− Abdomen:
o Inspectie: hematoom linker buikhelft ongeveer 127cm, blauw, rood van kleur
o Auscultatie: Normaal klinkende peristaltiek
o Percussie: wisselende tympanie met lichte demping ter plaatse van het
hematoom
o Palpatie: oppervlakkig, licht verheven bloeduitstorting, iets warm en gevoelig;
lever en milt zijn niet palpabel
Rectaal toucher: normale faeces aan de handschoen, glad slijmvlies.
Bloedonderzoek: Hb 7.2 mmol/l, MCV 82, trombocyten 227 x 109/l, INR 4.9, APTT 38 sec.
Week 6 – Bloed Page 2 of 44
,1) Anatomie: opbouw buikwand
Bovenstaande plaatjes laten de buikwand zien van oppervlakkig (A) naar diep (D), waarbij
steeds meer lagen weggehaald te worden
Week 6 – Bloed Page 3 of 44
, De musculatuur van de buikwand bestaat uit de obliquus externus, obliquus internus en de
transversus abdominis. Deze drie spierlagen worden naar mediaan toe begrensd door de
musculus rectus abdominis en komen in het midden van de buikwand samen in de linea alba,
een tendineuse laag die gevormd wordt door de aponeurosen van bovengenoemde spieren.
Opbouw van de buikwand
Van binnen naar buiten:
− Peritoneum pariëtale
− Pre-peritoneaal vet
− Fascia transversalis
− M. transversus abdominis
− M. obliquus internus
abdominis
− M. obliquus externus
abdominis
− Fascia abdominis
superficialis
o Fascie van
Camper
(oppervlakkig blad)
o Fascie van Scarpa
(diep blad)
− Subcutis en cutis
De m. rectus abdominis bestaat uit meerdere delen, waartussen zich intersectiones tendineae
bevinden (in het wit). Deze tendineae zorgen mede voor het ‘six pack’ uiterlijk van de buik. De
m. rectus abdominis wordt omvat door een rectusschede. Deze rectusschede (vagina musculi
recti abdominis) speelt een belangrijke rol bij de opbouw van de buikwand; de bouw hiervan
verandert onder de linea arcuata (linea semicircularis) (bevindt zich tussen de navel en het os
pubis) om de toenemende druk van de ingewanden op de buikwand te weerstaan. De
rectusschede bestaat uit de aponeurosen van de zijdelingse buikspieren en is opgedeeld in
de lamina anterior (voorblad) en lamina posterior (achterblad).
De m. transversus abdominis ontspringt van de
binnenzijden van de onderste zes ribben en loopt
naar het bekken. De spiervezels hebben een
dwarsverloop en gaan over in een aponeurose,
de linea semilunaris (lijn van Spighel). Deze gaat
deel uitmaken van de rectusschede en insereert
aan de linea alba.
Het oppervlak van de onderste binnenzijde van de buikwand bevat vijf peritoneumplooien
(plica). Deze lopen allemaal richting de navel:
− Plica umbilicalis mediana = ongepaard (bevat de geoblitereerde urachus: een
overblijfsel van de embryonale ontwikkeling)
− Plica umbilicalis medialis = gepaard: sinistra en dextra (bevat de linker/rechter
geoblitereerde a. umbilicalis)
− Plicae umbilicalis lateralis = gepaard: sinistra en dextra (bevat de linker/rechter vasa
epigastrica inferior)
Tussen deze plicae bevinden zich fossae (groeven). Deze zijn zwakke plekken in de buikwand
en kunnen een breukpoort worden (plek waar een hernia ontstaat):
− Fossa supravesicalis = tussen de plica umbilicalis mediana en plica umbilicalis medialis
boven punt van de blaas
Week 6 – Bloed Page 4 of 44