H16 16 tm 16.2.5 de sociale ontwikkeling / persoonlijke ontwikkeling volwassenheid.
Zelfbeeld creëren: Hoe zie ik mezelf? Hoe zien anderen mij?
VB Fysiek zelfbeeld: ik ben goed in……
VB sociaal zelfbeeld: ik kan goed met vrienden
VB School gebonden zelfbeeld: ik haal op school goede cijfers.
Eigenwaarde: het schatten van je waarde op heeft maken met:
Genderverschillen: Man / vrouw
Sociaal economisch: je status
Etnisch: je afkomst.
Identiteit VS identiteitsverwarring: De periode waarin tieners echter proberen te komen wat hen
uniek maakt en wat hen van anderen onderscheidt. Tieners proberen in deze periode erachter te
komen wie ze zijn en waar ze voor staan.
Erikson theorie: Psychosociale moratorium: een periode waarin adolescenten zich tijdelijk
onttrekken aan de verantwoordelijkheden van de volwassenheid en verschillende rollen en
mogelijkheden uitproberen.
VB: veel studenten gaan een tijdje op studiereis.
Spiritualiteit: een gevoel van hechting aan een hogere macht. VB: God.
Clusterzelfmoord: een situatie waarbij 1 zelfmoordpoging leidt tot pogingen van anderen om zichzelf
van het leven te beroven.
Autonomie: onafhankelijkheid en controle over het eigen leven.
Referentiegroep: een groep mensen met wie men zichzelf vergelijkt. (refereert)
Vriendenclub: Groep van 2-12 mensen waarvan de leden frequent sociaal contact hebben.
Subcultuur: grote groepen bestaande uit individuen die bepaalde eigenschappen gemeen hebben
maar niet per se contact met elkaar hebben.
Seksekloof: sekse gregatie waarbij jongens primair omgaan met jongen en meisjes met meisjes.
Zelfbeeld creëren: Hoe zie ik mezelf? Hoe zien anderen mij?
VB Fysiek zelfbeeld: ik ben goed in……
VB sociaal zelfbeeld: ik kan goed met vrienden
VB School gebonden zelfbeeld: ik haal op school goede cijfers.
Eigenwaarde: het schatten van je waarde op heeft maken met:
Genderverschillen: Man / vrouw
Sociaal economisch: je status
Etnisch: je afkomst.
Identiteit VS identiteitsverwarring: De periode waarin tieners echter proberen te komen wat hen
uniek maakt en wat hen van anderen onderscheidt. Tieners proberen in deze periode erachter te
komen wie ze zijn en waar ze voor staan.
Erikson theorie: Psychosociale moratorium: een periode waarin adolescenten zich tijdelijk
onttrekken aan de verantwoordelijkheden van de volwassenheid en verschillende rollen en
mogelijkheden uitproberen.
VB: veel studenten gaan een tijdje op studiereis.
Spiritualiteit: een gevoel van hechting aan een hogere macht. VB: God.
Clusterzelfmoord: een situatie waarbij 1 zelfmoordpoging leidt tot pogingen van anderen om zichzelf
van het leven te beroven.
Autonomie: onafhankelijkheid en controle over het eigen leven.
Referentiegroep: een groep mensen met wie men zichzelf vergelijkt. (refereert)
Vriendenclub: Groep van 2-12 mensen waarvan de leden frequent sociaal contact hebben.
Subcultuur: grote groepen bestaande uit individuen die bepaalde eigenschappen gemeen hebben
maar niet per se contact met elkaar hebben.
Seksekloof: sekse gregatie waarbij jongens primair omgaan met jongen en meisjes met meisjes.