Hoofdrekenen:
Uit het hoofd rekenen, of waarbij passende tussennotaties worden gebruikt.
Rekenen tot 20
3 niveaus van rekenen:
1. tellend rekenen (getallenlijn)
2. structurerend rekenen (rekenrek, op een handige manier optellen)
3. formeel rekenen (3 + 4 = 7)
Rekenen tot 100
drie fundamentele typen rekenstrategieën:
1. rijgaanpak (getallenlijn)
2. splitsaanpak (1 getal blijft heel)
3. varia-aanpak (formeel niveau)
Splitsaanpak rijgaanpak met verdubbeling compenseren/ varia
7 x 24 = 140 + 28 = 168 1 dag 24 25 x 7=175
2 dagen 48 -7 uur = 168
4 dagen 96
8 dagen 192 325-249
325-200=125
325-249=76 125-50=75
325-200-125 75+1=76
125-40=85 of omhoog tellen.
85-9=76
Tussendoelen
Eind Groep 5
- Kan vlot optellen/aftrekken tot honderd uit het hoofd, met bv nog wel tussennotaties
- Alle vermenigvuldigingen van de tafels 2 tot 10 zijn geautomatiseerd.
- Kunnen rijgend tot 1000 optellen en aftrekken.
Eind groep 6
- Kan het rekenen geheel uit het hoofd. En de tafels zijn gememoriseerd.
- Kunnen tot 1000 via alle hoofdreken aanpakken.
- Kunnen vermenigvuldigingen van een 1 cijferig getal met meercijferig getal via splits en varia.
- Grote delingen, redelijk gemakkelijke uit het hoofd en via de oplosmethodes.