twijfelen.
Primaire kwaliteiten: beweging en extensie.
Als eerste reflex beschreven.
Rationalisme, dualisme, nativisme.
Twijfel, behalve dat je aan het twijfelen bent = helder en
onderscheiden
John Locke (1632-1704) alle kennis komt uit zintuigen
Associationisme: contiguïteit en gelijkheid
Empirisme
Boek: ‘de schone lei’
Gottfried Wilhelm Leibniz (1646-1716) drie formules: mechanisch. Binair en oneindig
Nativisme en rationalisme en parallelisme
Idee van de monaden
David Hume (1711-1776) we zijn zeker dat we denken.
Empirisme
Immanuel Kant (1724-1804) twee werelden: noumena = echt, fenomenen = hoe wij hem
ervaren.
Filosoof
Franz Anton Mesmer 1734-1815 Mesmerisme: magneten
Franz Josef Gall (1758-1828) brein is een geheel
Frenologist: verschillende delen in hersenen zijn voor
verschillende taken. Bobbels voelen.
Jean Baptiste Bouillaud (1796-1881) kritisch op Gall. Taal zit in frontale gebied van cortex.
Gustav Fechner (1801-1887) psychisch monist: materiële wereld ontkent; werkelijkheid is
alleen in de geest.
Johannes Müller (1801- 1858) fysioloog; wet van specifieke zenuwenergie.
Alphonse de candolle (1806-1893) erfelijkheid heeft invloed, maar omgeving heeft ook invloed
op karakter.
Charles Darwin (1809-1882) schip de ‘Beagle’.
evolutietheorie
Gestaltpsychologie Max Wertheimer, Kurt Koffka en Wolgang Köhler
Geheel is meer dan de som der delen.
Herbert Spencer (1820-1903) eigen evolutietheorie: alles evalueert survival of the fittest
Hermann Helmholtz (1821-1894) leraar= müller