Pagina 2
, scriptie voorbeeld laaggeletterdheid
Samenvatting
In Nederland zijn 1,3 miljoen mensen tussen de 16 en 65 jaar laaggeletterd. Een groot deel van
deze doelgroep is actief op de arbeidsmarkt. 9,7% van de laaggeletterden zou werkzaam zijn in de
sector X en Welzijn. Daarom wordt in dit onderzoek gekeken of dit probleem ook binnen X X speelt.
X X krijgt namelijk signalen dat de taalvaardigheid van een deel van de medewerkers minder goed
is dan voor een goede taakuitoefening nodig is. De organisatie erkent dan ook dat
laaggeletterdheid onder medewerkers risico’s in de bedrijfsvoering met zich meebrengt. Echter
bestaat onvoldoende zicht op de aard en mate van de organisatierisico’s. Ook is geen of beperkt
inzicht in de manier waarop processen kunnen bijdragen aan het verminderen van risico’s van
laaggeletterdheid.
Het doel van het onderzoek is dan ook om in het kader van ‘goed werkgeverschap’ en kwaliteit
van dienstverlening meer inzicht te krijgen in hoe de groep laaggeletterden geïdentificeerd kan
worden en hoe processen kunnen bijdragen aan het terugdringen van organisatierisico’s.
Aan de hand van deze informatie is de hoofdvraag geformuleerd:
Hoe kunnen de huidige en/of toekomstige processen binnen X X bijdragen aan het
reduceren van organisatierisico’s als gevolg van laaggeletterdheid onder medewerkers?
Om antwoord te kunnen geven op deze vraag is een gecombineerde kwalitatieve en kwantitatieve
onderzoeksmethode gebruikt. Hierbij zijn de theoretische deelvragen beantwoord aan de hand
van literatuuronderzoek en zijn de praktische deelvragen beantwoord aan de hand van interviews
en een enquête.
Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat er weinig tot geen zicht is op de omvang van het
probleem binnen de organisatie. Uit de dataverzameling blijkt ook dat er vanuit medewerkers wel
vraag is naar meer ondersteuning bij taal- en digitale vaardigheden. Opvallend is ook dat vrijwel
alle respondenten aangeven dat het aanpassen of uitbreiden van tekstuele informatie met
beeldmateriaal gewenst is.
Concluderend kan gezegd worden dat processen kunnen bijdragen aan het reduceren van
organisatierisico’s door taalvaardigheid een prominentere plek te geven binnen de organisatie en
procesaanpassingen door te voeren. Ondersteuning bieden door het toetsen van taalvaardigheid
en het bespreekbaar maken van problematiek, dragen bij aan het creëren van een goede leer- en
organisatiecultuur. Aan de hand van de conclusie, worden aanbevelingen gedaan op strategisch,
tactisch en operationeel niveau. Allereerst zal X X het onderwerp laaggeletterdheid meer
aandacht moeten geven. Om leidinggevenden beter te kunnen ondersteunen bij hun rol van
herkennen en signaleren, is het advies om leidinggevenden te trainen en te coachen. Ook moeten
de scholingsmogelijkheden onderzocht worden en is het belangrijk dat er een cultuur en
werkklimaat ontstaat, waarin het bespreken van deze problematiek mogelijk is. Daarnaast het
creëren van bewustwording voor het eigenaarschap van de medewerker, om duurzame
inzetbaarheid een belangrijker thema te maken. Er wordt ook aanbevolen om vervolgonderzoek
te doen en samenwerkingsmogelijkheden te bekijken.
Pagina 3
,Summary
In the Netherlands, 1.3 million people between the ages of 16 and 65 are low literate. A large part
of this target group is active in the labour market. 9,7% of the low literate are employed in the
Care and Well-being sector. That is why this study examines whether this problem is also an issue
within X X. X X receives signals that the language skills of some of the employees are less good than
necessary for proper performance of their tasks. The organisation therefore recognizes that low
literacy among employees entails risks in business operations. However, there is insufficient insight
into the nature and extent of the organisational risks. There is also no or limited insight into how
processes can contribute to reducing the risks of low literacy.
The aim of this research is to give more insight into how the group of low literate people can be
identified and how processes can contribute to reducing organisational risks, in the context of
‘good employership’ and quality of service.
Based on this information, the main question has been formulated:
How can current and/or future processes within X X contribute to reducing organisational risks due
to low literacy among employees?
To answer this question, Mixed Methods Research has been used. The theoretical sub-questions
have been answered based on literature research and the practical sub-questions were answered
based on interviews and a survey.
The results of the study show that there is little or no insight into the extent of the problem within
the organisation. The data collection also shows that there is a demand from employees for more
support in language and digital skills. It is also striking that almost all respondents indicate that
they would like to adapt or expand textual information with visual material.
In conclusion, it can be said that processes can contribute to reducing organizational risks by giving
language skills a more prominent place and making process adjustments. Providing support by
testing language proficiency and making problems discussable contribute to the creation of a good
learning and organisational culture. Based on the conclusion, recommendations are made at
strategic, tactical and operational levels. First, X X will have to pay more attention to the subject
of low literacy. In order to better support managers in their role of recognising and signalling, it is
advisable to train and coach managers. Training opportunities must also be explored, and it is
important that a culture and working climate is created in which discussing problems is possible.
In addition, creating awareness for the ownership of the employee, in order to make sustainable
employability a more important theme. It is also recommended to do follow- up research and to
look at possibilities for cooperation.
Pagina 4
,Voorwoord
Dit onderzoek naar laaggeletterdheid is uitgevoerd in opdracht van én bij X X te X, in het kader van
mijn afstuderen aan de opleiding Bedrijfskunde aan HZ University of Applied Sciences.
Het onderzoek richt zich op de rol van processen bij risicobeheersing van laaggeletterdheid binnen
X X. Dit onderwerp sprak mij heel erg aan door mijn affiniteit met duurzame inzetbaarheid. Scholing
en persoonlijke ontwikkeling spelen hierbij een belangrijke rol. Werkgever en werknemer zullen
hierbij moeten samenwerken om tot het beste resultaat te komen.
Gedurende het onderzoek heb ik veel hulp gehad van mijn collega’s en betrokkenen. Zij hebben
mede bijgedragen aan de vorming van dit onderzoek. Daarom wil ik graag een aantal mensen
bedanken. Allereerst mijn begeleider X, voor de feedback en begeleiding die ik in deze, toch wel
roerige stageperiode, heb mogen ontvangen.
Daarnaast wil ik alle collega’s van de afdeling HRM bedanken, dankzij jullie voelde ik me echt
betrokken bij de organisatie. Ook wil ik alle geïnterviewde respondenten en deelnemers aan de
enquête bedanken voor de geleverde input, zonder jullie had dit onderzoek niet tot stand kunnen
komen. Graag bedank ik ook mijn schoolbegeleider X voor de feedback, begeleiding en getoonde
interesse gedurende de periode. Tot slot wil ik mijn ouders en broertje bedanken voor hun geduld,
support en alle kopjes thee die ik heb mogen ontvangen in de periode van thuiswerken.
Ik hoop dat dit onderzoek een goede bijdrage kan leveren aan de verdere ontwikkeling van de
organisatie.
Pagina 5
,Inhoudsopgave
Samenvatting ................................................................................................................................................... 3
Summary.......................................................................................................................................................... 4
Voorwoord....................................................................................................................................................... 5
Hoofdstuk 1. Inleiding ...................................................................................................................................... 8
1.1 X X .......................................................................................................................................................... 8
1.2 Aanleiding .............................................................................................................................................. 8
1.3 Probleemstelling .................................................................................................................................... 9
1.4 Hoofdvraag........................................................................................................................................... 10
1.5 Deelvragen ........................................................................................................................................... 10
1.6 Doelstelling .......................................................................................................................................... 10
1.7 Leeswijzer............................................................................................................................................. 10
Hoofdstuk 2. Theoretisch kader..................................................................................................................... 11
2.1 Geletterdheid ....................................................................................................................................... 11
Niveaus van geletterdheid ..................................................................................................................... 11
2.2 Laaggeletterdheid ................................................................................................................................ 12
2.2.1 Definitie laaggeletterdheid ............................................................................................................ 12
2.2.2 Oorzaken laaggeletterdheid .......................................................................................................... 13
2.2.3 Gevolgen van laaggeletterdheid.................................................................................................... 14
2.2.4 Identificeren van laaggeletterden ................................................................................................. 15
2.2.5 Laaggeletterdheid in de xsector .................................................................................................... 16
2.3 Organisatierisico’s laaggeletterdheid ................................................................................................... 17
2.3.1 Gezondheid & productiviteit ......................................................................................................... 17
2.3.2 Veiligheid....................................................................................................................................... 17
2.3.3 Duurzame inzetbaarheid ............................................................................................................... 17
2.4 Aanpak van laaggeletterdheid volgens de literatuur ........................................................................... 18
2.5 Samenhang tussen elementen ............................................................................................................. 19
Conceptueel model ................................................................................................................................ 19
Hoofdstuk 3. Onderzoeksmethoden .............................................................................................................. 20
3.1 Onderzoeksstrategie ............................................................................................................................ 20
3.2 Dataverzamelingsmethoden ................................................................................................................ 20
3.3 Populatie .............................................................................................................................................. 20
3.4 Operationalisaties ................................................................................................................................ 21
3.5 Data-analyse ........................................................................................................................................ 21
3.6 Validiteit ............................................................................................................................................... 21
3.7 Betrouwbaarheid ................................................................................................................................. 22
Hoofdstuk 4. Resultaten ................................................................................................................................
Pagina23 6
, 4.1 Geletterdheid ....................................................................................................................................... 23
4.2 Laaggeletterdheid ................................................................................................................................ 24
4.2.1 Leesvaardigheden ......................................................................................................................... 24
4.2.2 Schrijfvaardigheden ....................................................................................................................... 24
4.2.3 Digitale vaardigheden ................................................................................................................... 25
4.3 Organisatierisico’s ................................................................................................................................ 26
4.3.1 Gezondheid ................................................................................................................................... 26
4.3.2 Veiligheid....................................................................................................................................... 26
4.3.3 Productiviteit & duurzame inzetbaarheid ..................................................................................... 27
4.4 Aanpak van laaggeletterdheid.............................................................................................................. 28
4.4.1 Herkennen en bespreekbaarheid .................................................................................................. 28
4.4.2 Opleiden/ doorverwijzen............................................................................................................... 29
4.4.3 Communicatie ............................................................................................................................... 29
4.4.4 Monitoren ..................................................................................................................................... 29
Hoofdstuk 5. Discussie ................................................................................................................................... 30
5.1 Confrontatie resultaten theorie en praktijk ......................................................................................... 30
5.1.1 Geletterdheid ................................................................................................................................ 30
5.1.2 Laaggeletterdheid.......................................................................................................................... 30
5.1.3 Organisatierisico’s ......................................................................................................................... 30
5.1.4 Aanpak van laaggeletterdheid ....................................................................................................... 31
5.2 Confrontatie praktijkresultaten............................................................................................................ 31
5.2.1 Geletterdheid ................................................................................................................................ 31
5.2.2 Laaggeletterdheid.......................................................................................................................... 31
5.2.3 Organisatierisico’s ......................................................................................................................... 31
5.2.4 Aanpak van laaggeletterdheid ....................................................................................................... 32
5.3 Kritische reflectie ................................................................................................................................. 32
Hoofdstuk 6. Conclusies en aanbevelingen.................................................................................................... 34
6.1 Conclusies ............................................................................................................................................ 34
6.2 Aanbevelingen ..................................................................................................................................... 37
6.2.1 Aanbevelingen op strategisch niveau............................................................................................ 37
6.2.2 Aanbevelingen op tactisch niveau ................................................................................................. 37
6.2.3 Aanbevelingen op operationeel niveau ........................................................................................ 38
Geraadpleegde bronnen ................................................................................................................................ 40
Pagina 7