Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Seminarium gedragstherapie samenvatting toets 2

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
16
Geüpload op
16-02-2025
Geschreven in
2024/2025

(8.0 gehaald met deze samenvatting) Dit is een samenvatting voor de tweede toets van het vak Seminarium gedragstherapie op basis van het boek geïntegreerde cognitieve gedragstherapie van Kees Korrelboom. Deze samenvatting gaat over hoofdstuk 3 en 9. Het bevat alle belangrijke begrippen waar vragen over gesteld kunnen worden op de eerste toets. Het is een uitgebreide samenvatting, geschreven in makkelijk lezende zinnen vergeleken met het boek.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Tentamen 2: H3 en H9
H3 t/m 3.4: Invloeden vanuit de wetenschap (I): de leertheorie

3.1
Leren: Wanneer specifieke ervaringen nieuwe gedragingen/houdingen en gedragstendenties
tot stand brengen (performantie) of het vermogen om het uit te voeren creëren (leren).
Drie kwalificaties: 1) Rijping (bv. kind kan pas lopen als het skelet voldoende gevormd is). 2)
Omgekeerde rijping: Een eerder bestaand vermogen om iets te doen is weggevallen of
aangetast, je moet leren anders te gedragen. 3) Duurzaamheid/uitdovingsperiode (eenmaal
aangeleerd gedrag kan soms weer verdwijnen). Vaak komt het geleerde sneller opnieuw tot
stand (herconditionering).

Een mens is geen tabula rasa (onbeschreven blad), zo wordt een groot aantal factoren
bepaald door genen. Ook biologische omstandigheden (voor/tijdens bevalling) beperken de
ruimte voor leerervaringen. Ook eerdere leerervaringen zijn bepalend voor latere
leerervaringen. De relatieve onmogelijkheid om te ‘ontleren’ geldt voor zowel eenmaal
verworven vaardigheden als eenmaal verworven voorkeuren. Risico: Wat eenmaal verkeerd
geleerd is, laat zich moeilijk corrigeren.
Leerervaringen: Liggen in belangrijke mate ten grondslag aan het ontstaan en voortbestaan
van psychopathologie. Nieuwe corrigerende leerervaringen vormen de kern van behandeling.

3.2
Drie leerparadigma’s:
1) Effecten die ontstaan als gevolg van (meestal herhaalde) blootstelling aan dezelfde
prikkel: habituatie, sensitisatie, latente inhibitie en US-pre-exposure (niet-associatief
leren).
2) Effecten die voortkomen uit de (meestal herhaalde) blootstelling aan twee stimuli:
klassieke conditionering (associatief leren).
3) Effecten die optreden bij (meestal herhaalde) blootstelling aan de consequenties van
gedrag: operante of instrumentele conditionering (associatief leren).

3.3
Herhaalde blootstelling aan dezelfde prikkel: habituatie, sensitisatie, latente inhibitie en US-
pre-exposure (niet-associatief leren/niet-contingente prikkelaanbieding).
Verschillende responssystemen met betrekking tot het niet-associatieve leren:
- Startle response: Grove motorische reactie, bijvoorbeeld de oogknipperreflex en een
sprongbeweging vooral in het bovenlichaam.
- Freezing: vermijding en geconditioneerde onderdrukking (gedrag voor angst).
- Auto-shaping: Wanneer men bijvoorbeeld een licht steeds laat branden voordat het
proefdier een beloning krijgt, dan zal het dier toenadering zoeken tot het licht. Zelfs
wanneer het licht het dier niet meer dichter bij het voedsel brengt.

, - Oriëntatiereflex (OR): Signaleert dat een bepaalde prikkel is waargenomen (Pavlov:
‘wat-is-het reactie’), met het herhaaldelijk aanbieden van deze prikkel neemt de
omvang van de OR af.
Procedure: Het proefdier of de proefpersoon wordt een aantal keren blootgesteld aan dezelfde
stimulus, vervolgens ga je na hoe het gedrag verandert onder invloed van die herhaalde
prikkeling. Wanneer je habituatie (uitdoven van reactie op prikkel) van de startle respons
onderzoekt: intensieve geluidsprikkel aanbieden met rustige achtergrond. Wanneer je
sensitisatie (gevoeliger worden voor prikkel) wil onderzoeken: herhaalde stimulatie met een
drukkere achtergrond.
Bevindingen:
Aangeleerde hulpeloosheid: Wanneer een dier in het eerste experiment schokken krijgt
waaraan hij niet kan ontsnappen, zal hij in de tweede fase minder goed kunnen
ontsnappen/vermijden dan andere dieren. (Depressie).
Toughening up: Wanneer schokken intenser worden/langer duren gaan dieren doen alsof ze
het niet meer voelen. Ze worden minder gevoelig voor negatieve gedragseffecten. Dus een
negatieve stimulatie heeft een minder remmend effect op het aanleren van toenadering. Ook
wanneer een positieve bekrachtiging wordt verwijderd, duurt het bij deze dieren langer
voordat zij hun gedrag opgeven. (Sportpsychologie).
Habituatie is moeilijk te generaliseren, sensitisatie is wel beter te generaliseren.
Verklaringen:
Dual process-theorie: Gaat ervan uit dat twee neurale processen verantwoordelijk zijn voor
het toenemen (sensitisatie)/afnemen (habituatie) van responsiviteit op specifieke prikkels.
- Habituatie is gekoppeld aan het S-R-Systeem: de reflexboog tussen de sensorische
zenuw en de motorische zenuw.
- Sensitisatie is gekoppeld aan het state-systeem: de weerspiegeling van het algehele
arousal-niveau van een organisme.
o Elke prikkel activeert het S-R-Systeem en dus het habituatieproces, maar niet
altijd het state-systeem/sensitisatieproces. Dit systeem wordt alleen geactiveerd
wanneer een organisme al geagiteerd is.
Opponent process-theorie: Een soort dual process-theorie maar vooral voor prikkels die
meer complexe emotioneel hedonische of aversieve reacties uitlokken.
- Proces A is de primaire reactie op een prikkel (bijvoorbeeld euforie na toediening van
drugs).
- Proces B komt iets later en is gevoelsmatig het tegenovergestelde proces van het A-
proces (bv ellende).
- De combinatie van A en B is de door de persoon ervaren emotie.
- Na herhaalde blootstelling neemt het A-proces af (habituatie) en zal het B-proces juist
toenemen (sensitisatie). Na vele confrontaties zal de emotie vooral bepaald worden
door het B-proces.
Relevantie voor psychopathologie en psychotherapie:
Vanuit de positieve psychologie is voorgesteld om volharding en doorzettingsvermogen te
versterken door middel van zogenoemde ‘persistence trainingen’. Onderdeel van deze
training zou moeten zijn het systematisch uitvoeren van moeilijke taken waarbij men succes
en mislukking vervolgens aan zichzelf attribueert.

, Toughening-up zou ongunstig kunnen uitpakken; alle negatieve/oncontroleerbare ervaringen
zouden ervoor kunnen zorgen dat men geen vrees meer heeft voor negatieve uitkomsten,
waardoor psychopathie zou kunnen ontwikkelen.
Latente inhibitie is het vermogen van je hersenen om achtergrondinformatie om je heen te
‘negeren’ zonder dat je erbij nadenkt. Het kan zo zijn dat deze prikkels later toch betekenis
krijgen.
- Preventie: Wanneer men een pijnlijke ingreep moet ondergaan, zou je diegene al
kunnen blootstellen aan de situatie (Operatiekamer, geur, geluiden, etc.) zodat die
stimuli tijdens de ingreep niet geassocieerd raken aan pijn, misselijkheid, etc.
Sensitisatie is een mogelijk alternatief voor de preparedness hypothese; De preparedness
hypothese veronderstelt dat mensen sommige neutrale stimuli gemakkelijker leren vrezen en
langer blijven vrezen dan andere neutrale stimuli door een evolutionair gegroeide
‘gevoeligheid’ voor specifieke prepared stimuli (zoals spinnen en slangen, maar niet voor een
strijkbout of keukentrapje). De andere theorie ‘selectieve sensitisatie’ stelt dat sommige
stimuli door hun relatieve onbekendheid gemakkelijker zorgen voor sensitisatie dan andere.
Sensitisatie wordt in de gezondheidspsychologie ook medeverantwoordelijk geacht voor het
ontstaan/voortbestaan van lichamelijk onverklaarde aandoeningen, patiënten zouden
bovenmatig gevoelig zijn voor interne prikkels die bij de meesten ongemerkt passeren.

3.4
Herhaalde blootstelling aan twee stimuli: klassieke conditionering
De betrokkene wordt blootgesteld aan twee prikkels die met elkaar samenhangen
(Pavlov/klassieke conditionering. De ongeconditioneerde prikkel (US) wordt vanaf het
begin als betekenisvol ervaren, de geconditioneerde prikkel (CS) verwerft zijn betekenis pas
door de samenhang met de US. Dat er een associatie is aangeleerd tussen de CS en de US is te
zien door de geconditioneerde reactie (CR) die volgt op de CS. De ongeconditioneerde
reactie (UR) is de reactie die vanzelf wordt uitgelokt door de US. De gepercipieerde
samenhang; associatie tussen CS en de US.
Procedure: De proefpersoon wordt (herhaald) blootgesteld aan twee prikkels die in
samenhang aan elkaar worden gepresenteerd, de US heeft zelf al een betekenis en de tweede
prikkel (CS) krijgt pas na de conditionering betekenis. Het ongeveer tegelijk voorkomen van
beide prikkels (contiguïteit) is daarbij minder belangrijk dan de correlatie (contingentie).
Ook kan in bepaalde gevallen conditionering tot stand komen wanneer de US voorafgaat aan
de CS (backward conditionering).
Leren vindt ook plaats door observatie, wanneer men hoort/ziet dat er na CS een shock zal
volgen dan reageren zij met angst op die CS.
Hogere orde conditionering (eerste orde): CS1 (belletje) is gekoppeld aan een US (schok),
vervolgens wordt CS2 (lichtflits) geconditioneerd aan CS1 zonder de US voor te laten komen.
Dan volgt ook op CS2 een angstreactie, CS1 functioneert dan in feite als de US.
US/UR-complex: Het valt voor de betrokkene niet uit te maken wat de oorzaak (de US) en
wat het gevolg (UR) is. Er is geen onderscheid tussen US/UR te maken voor het
proefdier/proefpersoon.
Twee systemen binnen klassieke conditionering:

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 3 en 9
Geüpload op
16 februari 2025
Aantal pagina's
16
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING
€6,46
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Samenvatting Seminarium Gedragstherapie (boek Korrelboom)
-
10 5 2025
€ 13,02 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
jpsychologie Vrije Universiteit Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
38
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
11
Laatst verkocht
6 dagen geleden

3,5

2 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
1
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen