1. In welke volgorde vinden de drie zintuiglijke waarnemingsprocessen plaats?
Receptie, transductie, codering [RTC]
2. Wat is receptie?
Ontvangen, verzamelen, filteren en versterken van stimuli uit omgeving.
3. Wat is transductie?
Omzetting van omgevingsstimulus in neurale activiteit.
4. Wat is codering?
Onderscheiden van de activiteit en de plaats (frequentie, ritme, geografie).
5. Laatst liep ik s´nachts door een donkere straat en schrok van de beweging van een kat
die ik ´vanuit mijn ooghoek´ zag. Waarom zou ik de kat niet gezien hebben als ik er recht
naartoe had gekeken?
Kegeltjes zijn minder gevoelig voor schemerlicht
6. Wat zijn de Excitatoire en Inhibitoire synapsen?
Dendrieten en Cellichamen (respectievelijk)
7. Waar krijgt het magnocellulaire visueel input van?
Staafjes
8. Wat gebeurt er bij de stoornis Cataplexie?
Plotseling verslappen en neervallen (vaak bij positieve emoties als lachen)
9. Wie reguleert het eetgedrag en de voedselhuishouding?
Hypothalamus
10. Wat betekent Apoptose?
Overproductie en afsterven van onnodige cellen
11. Wat zijn de positieve symptomen van Schizofrenie?
Wanen, Hallucinaties, Verward denken
12. Wat zijn negatieve symptomen van Schizofrenie?
Emoties en gedachten afvlakken, Apathie; initatiefverlies, leeg gevoel, somber[
13. Waar krijgt het parvocellulaire visueel input van?
Kegeltjes
14. Wanneer vuren spiegelneuronen?
Wanneer iemand zelf iets doet of wanneer hij iemand anders datzelfde ziet
doen - of hoort doen.
15. Waar vandaan ontvangt de occipitaalkwab rechtstreeks visuele informatie?
Corpus geniculatum laterale [CGL]
16. Waar bevindt zich het receptieve veld van een cel in het corpus geniculatum laterale?
In het netvlies
17. Naar welke hersenhelft wordt de meeste auditieve informatie gestuurd?
De contralaterale hemisfeer
18. Drukgolven in de cochlea (slakkenhuis) veroorzaken een maximale verplaatsing van het
basilair membraan op een bepaalde plaats in het slakkenhuis. Welke plaats dat is hangt
af van de frequentie van een geluid.
19. Als intelligentie bepaald wordt door de verhouding hersen- en lichaamsgewicht, welke
van de volgende uitspraken is dan waar?
Gewichtsafname verhoogt iemands intelligentie
, Oefenvragen met antwoord
20. Wat betekent homeostase?
Constant houden van interne lichaamstoestand.
21. Uit welke 2 soorten cellen bestaat het zenuwstelsel?
Neuronen en gliacellen [NG]
22. Als we, gezien vanuit de hippocampus, praten over een zenuwcel die actiepotentialen
naar de hippocampus stuurt, dan noemen we die zenuwcel
Afferent
23. Wat gebeurt er bij stimulatie van de RAS (reticulair activatie systeem)?
Stimuleert de thalamus en de cortex en dat geeft een wakker EEG.
24. Uit welke 2 delen bestaat het centraal zenuwstelsel (oude indeling)?
Hersenen en ruggenmerg
25. Waaruit bestaat de grijze stof in de hersenen en het ruggenmerg hoofdzakelijk?
Cellichamen en dendrieten [CD]
26. Wat is een dermatoom?
Een gebied van de huid dat geïnnerveerd wordt door een bepaalde
ruggenmergzenuw
27. Wat is I: Grand Mal (tonisch-clonische aanval) en II: Petit Mal (absences)?
Epileptische aanval gekenmerkt door
I: Schokkende bewegingen van armen en benen en gaat gepaard met
bewusteloosheid.
II: Afwezigheid; patiënt gaat staren en verliest contact met omgeving, blijft
wel bij bewustzijn.
28. Hoe noemt men de situatie waarin een persoon twee recessieve genen voor een
karaktertrek heeft?
Homozygoot
29. Waar komen radicale gliacellen vandaan?
De neurale buis
30. In welke volgorde kom je het centraal zenuwstelsel tegen?
Telencephalon, Diencephalon, Mesencephalon, Metencephalon,
Myelencephalon, Ruggenmerg [TelDieMessenMetMy]
31. Bij het Down Syndroom is er een fout op welk chromosoom?
21e chromosomenpaar
32. Wat is gegeneraliseerde epilepsie?
Aanval begint en beïnvloedt beide hersenhelften; plotseling, patiënt wordt
bewusteloos.
33. Wat is specifieke epilepsie?
Eenvoudige plaatselijke aanval; alleen arm of been. Een hersenhelft.
34. Waar vindt Neglect plaats in de hersenen en wat voor stoornis is het?
Pariëtale kwab - aandachtsstoornis
35. Welk paar geslachtschromosomen bezit een normaal mannelijk zoogdier?
XY
36. Het oog lijkt veel op een camera. Hoe heet het lichtgevoelige oppervlak in het oog dat
vergelijkbaar is met de film in een camera?