Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting 1.6 Normal or Abnormal

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
39
Geüpload op
08-06-2020
Geschreven in
2019/2020

Samenvatting van blok 6. Let op! Deze samenvattingen zijn gemaakt in tijden van corona, daardoor wijkt de literatuur misschien iets af. Het is een samenvatting van alle problemen twee lectures. Probleem 4 is niet helemaal compleet.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Probleem 1: Just Scared?
Wat is een fobie? Wat is het verschil tussen normale angst en
een fobie?
Angst/Anxiety: een algemeen gevoel van vrees voor mogelijk toekomstig gevaar. Het gevaar is niet altijd even
specifiek te beschrijven. De anxiety response patern is een complexe mix van onplezierige emoties en gedachten die
meer georiënteerd zijn op de toekomst.
- Cognitief/subjectief: negatieve stemming, zorg voor de toekomst.
- Fysiologisch: spanning, chronisch overarousal.
- Gedrag: sterke neiging om ‘gevaarlijke’ situaties te vermijden.
 Angst is pas slecht als het chronisch en heftig is.
Vrees/Fear: een alarmreactie van het autonome zenuwstelsel die veroorzaakt wordt door onmiddellijk gevaar. Het
gevaar is hierbij altijd specifiek te beschrijven. Als de vrees opkomt terwijl het gevaar niet aanwezig zijn noemen we
dat een spontane paniekaanval. Een paniekaanval vertoont hetzelfde als de vrees, maar er komen ook psychische
factoren zoals bang zijn om gek te worden bij. Drie componenten:
- Cognitief/subjectief : ik voel me bang.
- Fysiologisch: verhoogd hartritme, zwaar ademen.
- Gedrag: neiging om te vluchten.
Obsessies: hardnekkige en sterk terugkerende opdringerige gedachten of beelden die als storend worden ervaren.
Compulsions zijn handelingen die een persoon met een obsessie ervaart te moeten doen.
Neurotische stoornissen: mensen zijn boosaardig en zelfvernietigend, maar niet gevaarlijk of uit het contact met de
werkelijkheid.
Fobie: hardnekkige angst voor een bepaald object/situatie die weinig of geen echt gevaar bevat. Dit leidt tot een
grote vermijding van de gevreesde objecten/situaties.
- Specifieke fobieën
- Sociale fobieën
- Agoragobieën
Anxiety disorders/angststoornissen: hebben een onrealistische, irrationele vrees of angst.
- Specifieke fobieën
- Sociale angststoornis
- Paniekstoornis
- Agorafobie (plein/straat)
- gegeneraliseerde angststoornis (GAD)
Angststoornissen zijn aanwezig als de angst aanwezig is op chronische basis en verontrustend en verstorend is op
het dagelijkse leven. Als een persoon één angststoornis heeft, kan het zijn dat hij er een ander naast heeft. Dat heet
comorbide. Deze angststoornis wordt vaak geassocieerd met bijvoorbeeld depressies. Verschillende factoren die
invloed hebben op de comorbide conditie:
- Fysiologische symptomen van paniek worden niet alleen gevonden in de paniekstoornis, maar ook in de
reacties op fobische prikkels in specifieke fobieën.
- Cognitieve vooroordelen zijn hetzelfde voor bijna alle angststoornissen.
- Het disfunctionele en oncontroleerbare doorzettingsvermogen van bepaalde gedachten, gedragingen of
activiteiten. Het psychologische mechanisme dat daaraan ten grondslag ligt kan hetzelfde zijn bij
verschillende angststoornissen.
- Vroege ervaringen kunnen een oorzaak zijn voor verschillende angststoornissen. Ze kunnen het risico
verhogen.
Angststoornissen gaan ook regelmatig samen met psychische stoornissen.


Welke fobieën worden in DSM-V onderscheiden? (criteria/clinical
views/epidemiology)
Specifieke fobieën
Een specifieke fobie heb je als je een sterke en blijvende angst/vrees heb voor een object of situatie. Als je een
object of situatie tegenkomt wat je angst bezorgt, krijg je vaak een onmiddellijke angstreactie die vaak lijkt op een

,paniekaanval. Er is een duidelijke externe stimulus. Je vermijdt het liefst de situaties die de angst veroorzaken. 12%
van de mensen krijgt ooit te maken met een specifieke fobie. 75% van deze 12% heeft extreme angst.
Subtypes:
- Dieren: slangen, spinnen, honden, insecten, vogels.
- Natuurlijke omgeving: stormen, hoogtes, water.
- Bloed-injectie-letsel: het zien van bloed of een injectie, een injectie ontvangen, ongeluk, een persoon in een
rolstoel zien. Dit is niet alleen angst, maar ook walging. Er is een unieke fysiologische reactie wanneer ze
geconfronteerd worden met hun fobie. Ze krijgen eerst een versnelling van de hartslag, gevolgd door een
dramatische daling van de hartslag en de bloeddruk. Vaak gaat dit samen met misselijkheid, duizeligheid of
flauwvallen. Deze fobie is erfelijk. Vanuit de evolutie: bloed is een wond, dus gevaarlijk.
- Situationeel: publiek transport, tunnels, bruggen, liften, vliegen, rijden, afgesloten ruimtes.
- Overig: verstikking, overgeven, ruimte.
Criteria:
- Opvallende angst of vrees voor een specifieke situatie/object.
- Het fobische object/situatie veroorzaakt bijna altijd onmiddellijke vrees of angst.
- Het fobische object/situatie wordt actief ontweken of verdragen met enorme intense angst/vrees.
- De angst/vrees is boven proportie als je kijkt naar het echte gevaar van het fobische object/situatie.
- De angst/vrees is hardnekkig, vaak langer dan 6 maanden aanwezig.
- Het veroorzaakt klinisch significant ongemak of aantasting op sociale of beroepsmatige gebieden van
functioneren.
- De stoornis kan niet beter worden uitgelegd door de symptomen van andere mentale stoornissen.

Sociale fobieën
Een sociale fobie is kenmerkend door uitschakelende angsten voor een of meerdere specifieke sociale situaties.
Iemand met een sociale fobie is bang dat hij blootgesteld wordt aan een kritisch/negatief oordeel van een ander of
dat hij op een gênante/vernederende manier handelt.
Als de situatie oncontroleerbaar en onvoorspelbaar is kan dat bij mensen zorgen voor onderdanig gedrag. Je durft
dan niet voor jezelf op te komen. Iemand met een sociale fobie voelt dat bijna altijd. Ze hebben een verminder
gevoel van controle over hun leven.
Mensen met een sociale fobie hebben cognitieve biases, want ze verwachten dat andere mensen hen afwijzen. Dit
leidt tot kwetsbaarheid. Mensen krijgen hier lichamelijke reacties van.
12% van de mensen krijgt te maken met een sociale fobie. 60% daarvan zijn vrouwen. 2/3 daarvan krijgt in zijn leven
te maken met een andere angststoornis. 50% heeft gelijktijdig een depressie. 1/3 gebruikt alcohol om de angst te
verminderen. Patiënten hebben vaak een lagere SES en een heftige beschadiging op andere vlakken van het leven.
Subtypes:
- Prestatie gebonden situaties
- Algemener, dus ook bij situaties zonder prestatie.
Criteria:
- Opvallende angst voor een of meer sociale situaties.
- Angst om op de een of andere manier symptomen te laten zien die negatief zullen worden beoordeeld.
- De sociale situatie ontlokt bijna altijd angst of vrees.
- De sociale situatie wordt vermeden of ondergaan met intense vrees/angst.
- De vrees/angst is boven proportie als je kijkt naar de werkelijke bedreiging door de sociale situatie.
- De vrees/angst is hardnekkig, vaak langer dan 6 maanden aanwezig.
- De fobie veroorzaakt significante distress en beperkingen in het sociale of beroeps functioneren.
- De fobie is niet toe te schrijven aan de fysiologische effecten van drugs of medicijnen.
- De fobie is niet beter te beschrijven door symptomen van andere mentale stoornissen.
- Als een andere medische conditie aanwezig is, is de fobie overmatig of niet-gerelateerd.

Agorafobieën
Iemand met een agorafobie is bang voor situaties op straat en drukke plekken. Mensen zijn bang om op plekken te
staan waar je niet makkelijk weer wegkomt. Ze zijn bang voor hun eigen lichaamsgevoelens, ze vermijden elke vorm
van arousal.
1,4% van de mensen krijgt te maken met een agorafobie. Vaak begint de fobie als je net iets boven de 20 bent. Bij
vrouwen ontwikkelt deze vaak iets later. Het is een chronische stoornis. 80%-90% zijn vrouwelijk. 83% heeft
minstens een andere fobie ernaast. 50%-70% heeft ooit een depressie. Er is een verhoogd risico op het plegen van
zelfmoord.

,Criteria:
- Een opvallende vrees/anxiety voor: (minstens 2)
 Openbaar vervoer
 Open ruimtes
 Afgesloten ruimtes
 In de rij staan, in een menigte zijn
 Buiten het huis
- De gedachte van niet kunnen vluchten of geen hulp zorgt voor paniekachtige symptomen.
- De situatie veroorzaakt vrees of angst.
- De situaties worden vermeden of doorstaan met intense vrees of angst.
- De vrees/angst is boven proportie als je kijkt naar het echte gevaar.
- Het is hardnekkig en duurt vaak langer dan 6 maanden.
- Het zorgt ervoor dat die persoon niet meer goed kan functioneren in bijvoorbeeld sociaal of beroepsopzicht.
- Het is niet te relateren aan een eventuele andere medische conditie.
- Het kan niet beter worden uitgelegd door symptomen van een andere mentale stoornis.


Wat veroorzaakt een fobie? Hoe ontstaat een fobie? (etiological
models)
Specifieke fobieën
Psychologische factoren als oorzaak van specifieke fobieën:
- Psychoanalytische theorie (Freud): er ontstaat een angst door het onderdrukken van het id. De fobie
representeert een verdediging tegen deze angst.
- Learning theorie (Wolpe en Rachman):
Klassieke conditionering – de angstreactie wordt geconditioneerd meteen neutrale stimulus. De stimulus
wordt dus geconditioneerd. Voor 58% van de mensen met een fobie geldt dat ze die op hebben gelopen
door een traumatische ervaring.
Vicarious conditionering – een fobie kan ontstaan door te kijken naar iemand met een fobie. Degene die
iemand ziet reageren op zijn fobie kan deze fobie overnemen.
Individuele verschillen hebben invloed op het ontstaan van een fobie. Eerdere levenservaringen beïnvloeden of
mensen een fobie ontwikkelen of niet. Ook tijdens de gebeurtenissen zijn er verschillende invloeden. Als de situatie
bijvoorbeeld oncontroleerbaar of als er geen kans is om te vluchten zal er sneller een fobie ontwikkeld worden.
Inflation effect: een persoon die een milde angst heeft ontwikkeld na een klein ongeluk, kan een volwaardige fobie
ontwikkelen als hij later fysiek wordt aangevallen. Ervaringen na het conditioneren hebben dus ook invloed op de
ontwikkeling van een fobie. Ook verbale informatie achteraf, kan de angst vergroten. Prepared learning: volgens de
evolutietheorie zijn mensen voorbereid om angst aan te leren. Het is een voordeel van de mens om angsten te
hebben, omdat het verstandig is te vluchten waar dreiging aanwezig is.

Biologische factoren als oorzaak:
De genetische opmaak heeft invloed op het wel of niet ontwikkelen van angst. Support van tweelingonderzoeken.
Behaviorally inhibited toddlers: kinderen die timide, verlegen, makkelijk gestrest etc. zijn op de leeftijd van 21
maanden. Deze kinderen hebben een grotere kans op het ontwikkelen van specifieke fobieën rond hun 7 e/8e jaar.

Sociale fobieën
Psychologische factoren als oorzaak van specifieke fobieën:
Learning theorie: een sociale fobie ontwikkelt door voorbeelden of conditioneren. Het conditioneren gebeurt vaker
als de situatie sociaal relevant is (56%-58%). 92% heeft een geschiedenis van heftig pesten. Vaak hebben mensen
met een sociale fobie ouders die niet stimulerend zijn in sociaal contact.
Evolutietheorie: Het is raar dat mensen bang zijn voor mensen, want dieren zijn nooit bang voor hun eigen soort,
maar wel voor een andere diersoort. Er zijn mensen die zeggen dat angst komt door de sociale rangorde. Mensen
hebben vooral angst voor diegene die dominant of agressief zijn.

Biologische factoren als oorzaak:
Behaviorally inhibited people: mensen die last hebben van introversie en neurotisch handelen. Ze zijn daardoor
vatbaarder om een sociale fobie te ontwikkelen. Er is een genetische bijdrage aan de ontwikkeling van een sociale
fobie, maar de ontwikkeling is wel bijna alleen maar omgevingsbepaald.

, Agorafobieën
Psychologische factoren als oorzaak:
Learning theory: situaties worden geassocieerd met paniek. Comprehensive learning theory: paniekaanvallen
worden geassocieerd met neurale interne en externe aanwijzingen door interoceptive en exteroceptive
conditioning. Er ontstaat een angst voor de situaties waarin je een keer een paniekaanval hebt gehad.
Cognitive theory: lichamelijke sensaties zijn negatief.
Anxiety sensitivity: lichamelijke sensaties hebben bepaalde consequenties.
Safety behavior: als je een paniekstoornis hebt ben je bang om flauw te vallen of een hartaanval te krijgen. Dit
gebeurt niet door hun eigen gedrag.

Biologische factoren als oorzaak:
Erfelijkheid. De amygdala speelt een grote rol bij paniek en angst.


Hoe worden fobieën behandeld?
Specifieke fobieën
Exposure therapy: het is de beste behandeling voor specifieke fobieën. Mensen worden geplaatst in real-life
condities en worden zo blootgesteld aan hun fobie. Patiënten worden aangemoedigd om zich een bepaalde tijd
bloot te stellen aan hun fobie, zodat de angst af zal nemen. Participant modelling: de therapeut laat verschillende
kalme manieren zien hoe je om zou kunnen gaan met de situatie. Hierdoor gaan cliënten leren dat de situatie niet zo
beangstigend is als hij/zij dacht dat het was. Voor fobieën voor insecten, claustrofobie en bloed-injectie-weefsel
fobieën is exposure therapie erg effectief. Een sessie van 3 uur is vaak al voldoende.

Sociale fobieën
Exposure therapy: mensen moeten zich steeds langer in een sociale situatie begeven waar ze angstig voor zijn.
Cognitieve herstructurering: de therapeut probeert te helpen de negatieve gedachten te herkennen die zich
voordoen bij een angstige situatie. Hierdoor gaat de cliënt begrijpen dat zijn gedachten verdraaiingen zijn. Er volgt
vervolgens een logische analyse.
Medicatie: effectief en meest gebruik – SSRI’s en antidepressiva.

Agorafobieën
Cognitieve gedragstherapie is effectiever dan medicatie.


Artikel Bürkner, etc. D-closerine augmentation of behavior therapy for
anxiety and obsessive-compulsive disorders: A meta-analysis (2017)
Doel: Ondersteunt D-closerine (DCS) gedragstherapie?
Resultaat: de effecten zijn klein, maar groot bij patiënten met een sociale fobie/angst. Effecten van DCS zijn kleiner
dan gedacht.
Introductie: Angststoornissen komen vaak voor. Er wordt vaak gebruik gemaakt van cognitieve gedragstherapie om
deze te behandelen.
4 analyses:
- Norberg: DCS zorgt voor een verbetering van de therapie. Het is het meest effectief bij toediening net voor
of na de blootstelling.
- Bentempo: DCS verbetert de werking van cognitieve gedragstherapie.
- Rodrigues: DCS verbetert de werking van cognitieve gedragstherapie, maar wel minder dan van tevoren
gedacht werd.
- Mataix-Cols: DCS heeft een klein effect. De behandeling wordt niet beter, maar het doel wordt eerder
behaald.
Discussie: DCS heeft een klein effect. Waarschijnlijk versnelt het tijdelijk de effecten van de therapie. De voordelen
van DCS zijn persoonsafhankelijk. DCS helpt niet bij therapieën voor specifieke fobieën.
Onderzoeken van lage kwaliteit vinden grote effecten van DCS. Dit onderzoek, van grote kwaliteit, vindt kleine
effecten van DCS. De frequentie, timing en dosis van DCS heeft ook invloed op het resultaat.
Conclusie: Het effect van DCS is klein. Voor mensen met een sociale fobie is er een klein effect. Voor anderen
eigenlijk geen.

Documentinformatie

Geüpload op
8 juni 2020
Aantal pagina's
39
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING
€5,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
psychologieeur Erasmus Universiteit Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
66
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
57
Documenten
18
Laatst verkocht
2 jaar geleden

4,4

7 beoordelingen

5
3
4
4
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen