§1 Kenmerkende aspecten:
- de verdeling van de wereld in twee ideologische blokken in de greep van een
wapenwedloop en de daaruit voortvloeiende dreiging van een atoomoorlog.
- de dekolonisatie die een eind maakte aan de westerse hegemonie in de wereld.
- de eenwording van Europa.
- de toenemende westerse welvaart die vanaf de jaren zestig van de twintigste eeuw
aanleiding gaf tot ingrijpende sociaal-culturele veranderingsprocessen.
- de ontwikkeling van pluriforme en multiculturele samenlevingen.
Hoofdvraag:
Waardoor veranderden de maatschappelijke verhoudingen in NL van 1948 - 1978?
1) Je kunt beschrijven waarom en hoe na de Tweede Wereldoorlog de verzuiling
werd hersteld.
Voor WOII:
- confessionelen (christelijk)
- socialisten (gelijkheid, VARA)
- liberalen (vrijheid voor individu, neutraal)
Tijdens WOII:
Einde aan verzuiling door nazificering en gevoel van nationale eenheid.
Na WOII:
- wilde terug naar oude vertrouwde
- oprichting eigen partijen (voorbeeld: confessionele waarschuwen voor socialisme ->
oprichting KVP)
2) Je kunt beschrijven hoe na 1945 de Nederlandse economie zich herstelde,
welke rol de overheid hierbij speelde en welke verschillen er waren tussen de
vooroorlogse en de naoorlogse Nederlandse economie.
Nederland profiteerde van de Marshallhulp.
Voor WOII: Nederland hield vast aan de neutraliteit -> door geen partij te kiezen hoopte NL
zo veel mogelijk buiten internationale conflicten te kunnen blijven.
Na WOII: neutraliteitspolitiek was niet langer houdbaar, voortaan werd gekozen voor
samenwerking met andere West-Europese landen en de VS.
Babyboom: aantal geboortes lag heel hoog (1946)
Industrialisatiepolitiek:
- 'Wet van vraag en aanbod’ zou zorgen voor economisch herstel -> niet gelukt->
overheid bemoeide zich actief met de economie.
- Zwaartepunt voor WOII lag bij landbouw, handel en scheepvaart, na WOII minister
Economische zaken actief stimuleren industrie.
3) Je kunt beschrijven hoe Nederland een verzorgingsstaat werd.
Rooms-rode regeringen: Katholieken (KVP) en socialisten (PvdA) vormden samen een
coalitie (1948 tot 1958)
Geleide loonpolitiek: economisch beleid waarin de overheid een grote invloed heeft op de
hoogte van de lonen. Lonen laag -> NL producten goedkoper -> toename export.
1947 eerste stap richting verzorgingsstaat-> Willem Drees (premier van rooms-rode
regeringen) Noodwet die garandeerde dat alle ouderen een minimuminkomen konden
krijgen. 10 jaar later: AOW
1965 Algemene Bijstandswet.