Nutrition 3.1
Pathologie I – overgewicht en obesitas
Inleiding
- 80% van diabetes type 2 wordt veroorzaakt door overgewicht/obesitas.
- 35% van ischemische (zuurstof tekort) hartzieketen (hartaanval) is gerelateerd aan obesitas.
- 55% van de hypertensie is gerelateerd aan obesitas.
- Mondiaal (steeds stijgend) groeiend probleem, stijging van 0,4-0,5 BMI per 10 jaar en dus
epidemisch.
- Mondiaal 475 miljoen mensen obees, 1,5 miljard hebben overgewicht.
WHR:
Waist-hip ratio (aka middel-heup ratio)
- Bij vrouwen <08, bij mannen < 1,0
o Middel bij smalste punt meten, heupen op het wijdste punt:
Ratio = middel/heupen
Grootte van de epidemie:
Epidemiologie: leer van de zieken en hoevaak het voor komt.
Sinds 1975 verdrievoudiging in westerse landen, mondiaal >1,9 miljard mensen ouder dan 18 jaar
met overgewicht of obesitas (minimaal 650 miljoen obees).
- 39% van volwassenen mondiaal overgewicht en 13% obees (2016)
- 41 miljoen kinderen jonger dan 5 jaar hebben overgewicht of zijn obees.
- 340 miljoen kinderen tussen de 5 en 19 jaar hebben overgewicht of zijn obees.
In Ethiopië gemiddeld BMI van 20,6.
In Nauru is 71% obees -> gemiddeld BMI 31,6
In EU 150 miljoen overgewicht, waarvan 15 miljoen kinderen.
- 6-8% gezondgeidsbudget naar obesitas en overgewicht in EU (mondiaal 0,7-2,8%)
o In NL gemiddeld BMI 25,9
Mondiaal is het niet overal het zelfde. Alle getallen hoef je niet te leren.
Epidemie is een ziekte die zich verspreid over de hele wereld. Obesitas begon in Amerika.
De hoeveelheid mensen met obesitas is in de afgelopen jaren gigantisch gestegen.
USA heeft het grootste aantal inwoners met obesitas. Met name rondom het zuiden.
Risicofactoren bij kinderen.
- Genetische predispositie (zeldzaam). Niet de belangrijkste oorzaak.
- Dieet met veel calorieën (vet/suiker).
- Lage mate van beweging.
- Lafe sociaal economische klasse, zie je ook veel bij volwassenen.
- Overgewicht of obesitas bij moeder voor zwangerschap.
- Zwangerschapsdiabetes, suikerziekte alleen tijdens de zwangerschap.
- Flesvoeding ipv borstvoeding na de geboorte. Borstvoeding schijnt preventief te zijn.
- Ouders die als kind overgewicht hadden.
Met name de lager opgeleiden hebben vaker obesitas en overgewicht dan de hoger opgeleiden
,Overgewicht bij volwassenen:
Mannen zijn zwaarder dan vrouwen, maar vrouwen hebben vaker obesitas.
Vrouwen hebben over het algemeen hoger vetpercentage. Hoe ouder hoe dikker.
Conclusie: mannen meer overgewicht, vrouwen meet obees. Hoe ouder je wordt des te hoger de
kans op obesitas.
Overgewicht bij kinderen:
Het gewicht (overgewicht) gaat omhoog.
Overgewicht en obesitas bij kinderen kan je niet met volwassenen vergelijken. Tabellen gebruiken in
plaats van BMI.
Als kind al te dik:
Als je obesitas op 5 jarige leeftijd dan heb je 80% kans dat je als volwassene ook obesitas hebt.
Rond je 10e begin je met de pubertijd: groeispurt. Dus je wordt langer, alles wat je eet wordt
omgezet in spier.
Als je overgewicht hebt als kind zijnde, kan je het nog kwijtraken in de pubertijd omdat je nog zo veel
groeit. Als je na de pubertijd overgewicht hebt of obesitas, is de kans groot dat je als volwassene ook
obesitas/overgewicht hebt.
Wat is de rede van deze obesitas epidemie?
Basis disbalans tussen energie inname en verbruik.
- Genetische veranderingen duren het langst: niet de hoofdrede.
- Zittende banen: minder beweging
- Welvaart: je kan je helemaal vol eten.
- Disbalans tussen wat erin gaat en wat er verbrand wordt.
- Te weinig verbruik van energie
- Veranderde voedselgewoontes
o Multifactoraal
Genetica van obesitas:
- Primair genetisch: 1%
- 6 syndromen waarvan het Prader Willi syndroom de meest voorkomende is (1-3:30000)
- Laatste 15 jaar genen ontdekt die relatie hebben met honger/verzadiging controle en
energrie verbruik controle
o Vb: leptine, gheline en melancortine pathway.
- FTO gene: fat tissue and obesity
o Kan zorgen boot hoog ghreline en laag leptine
- Variaties in receptor genen van dopamine
- Schatting minimaal 250 genen hierbij betrokken
- Deze afwijkingen verklaren niet waarom we allemaal dikker worden want dit was er vroeger
ook al.
- Schatting minimaal 250 genen hierbij betrokken.
Prader willi syndrome:
Meest voorkomende afwijking waarbij overgewicht een rol speelt
Leptine:
Hormoon geproduceerd in de vetcellen is ook een gen, kunnen we uitschakelen bij muizen.
Gen uitgeschakeld: muizen blijven maar eten, worden steeds dikker.
Bij mensen werkt dit niet zo.
Leptine is dus de rem op je eetgedrag.
, Veranderde eetgewoonten:
- Wordt door dieetleer besproken
Minder verbruik van energie:
- Zittende banen
- Bewegen nauwelijks
- Liever lui dan moe.
Obesogene omgeving:
We eten meer calorien en we verbranden het niet.
Obesitas wordt door heel veel factoren beïnvloedt:.
- Sport & vrije tijd
- Hoog energetisch voedsel
- Opleiding en informatie
- Familie
Mensen met obesitas gaan veel eerder dood. Iemens met een BMI van 44 of hoger hebben 7-8 jar
minder te leven.
Complicaties bij obesitas:
- Kanker
- Hart- en vaat ziekten
- Diabetes
- Nog vele andere.
Verhoogde morbiditeit (ziektes) bij obesitas:
- Hart- en vaatziekten:
o Hypertensie en dislipedemie (hoog cholesterol)
Klinisch: wordt nog behandeld
Coronaire hartziekten:
RR van 1,7-4,4
20-30% van de hartinfarcten is obesitas een RF
Overleving is lager bij obesitas
o Cerebrovasculair accident (beroerte)
RR 2
- Diabetes II
o Veroorzaakt door insuline (bloedglucose daalt) resistentie
Vooral bij appelvormige obesitas
Vaak onderdeel van metabool syndroom
Hoog risico voor HVZ
Bij obesitas zeer hoge kans
Zie college diabetes
o Hoe hoger je BMI des te hoger de kans op diabetes II
- Sommige vormen van kanker
o Oesofagus
o Borst
o Endometrium
o Nieren
Pathologie I – overgewicht en obesitas
Inleiding
- 80% van diabetes type 2 wordt veroorzaakt door overgewicht/obesitas.
- 35% van ischemische (zuurstof tekort) hartzieketen (hartaanval) is gerelateerd aan obesitas.
- 55% van de hypertensie is gerelateerd aan obesitas.
- Mondiaal (steeds stijgend) groeiend probleem, stijging van 0,4-0,5 BMI per 10 jaar en dus
epidemisch.
- Mondiaal 475 miljoen mensen obees, 1,5 miljard hebben overgewicht.
WHR:
Waist-hip ratio (aka middel-heup ratio)
- Bij vrouwen <08, bij mannen < 1,0
o Middel bij smalste punt meten, heupen op het wijdste punt:
Ratio = middel/heupen
Grootte van de epidemie:
Epidemiologie: leer van de zieken en hoevaak het voor komt.
Sinds 1975 verdrievoudiging in westerse landen, mondiaal >1,9 miljard mensen ouder dan 18 jaar
met overgewicht of obesitas (minimaal 650 miljoen obees).
- 39% van volwassenen mondiaal overgewicht en 13% obees (2016)
- 41 miljoen kinderen jonger dan 5 jaar hebben overgewicht of zijn obees.
- 340 miljoen kinderen tussen de 5 en 19 jaar hebben overgewicht of zijn obees.
In Ethiopië gemiddeld BMI van 20,6.
In Nauru is 71% obees -> gemiddeld BMI 31,6
In EU 150 miljoen overgewicht, waarvan 15 miljoen kinderen.
- 6-8% gezondgeidsbudget naar obesitas en overgewicht in EU (mondiaal 0,7-2,8%)
o In NL gemiddeld BMI 25,9
Mondiaal is het niet overal het zelfde. Alle getallen hoef je niet te leren.
Epidemie is een ziekte die zich verspreid over de hele wereld. Obesitas begon in Amerika.
De hoeveelheid mensen met obesitas is in de afgelopen jaren gigantisch gestegen.
USA heeft het grootste aantal inwoners met obesitas. Met name rondom het zuiden.
Risicofactoren bij kinderen.
- Genetische predispositie (zeldzaam). Niet de belangrijkste oorzaak.
- Dieet met veel calorieën (vet/suiker).
- Lage mate van beweging.
- Lafe sociaal economische klasse, zie je ook veel bij volwassenen.
- Overgewicht of obesitas bij moeder voor zwangerschap.
- Zwangerschapsdiabetes, suikerziekte alleen tijdens de zwangerschap.
- Flesvoeding ipv borstvoeding na de geboorte. Borstvoeding schijnt preventief te zijn.
- Ouders die als kind overgewicht hadden.
Met name de lager opgeleiden hebben vaker obesitas en overgewicht dan de hoger opgeleiden
,Overgewicht bij volwassenen:
Mannen zijn zwaarder dan vrouwen, maar vrouwen hebben vaker obesitas.
Vrouwen hebben over het algemeen hoger vetpercentage. Hoe ouder hoe dikker.
Conclusie: mannen meer overgewicht, vrouwen meet obees. Hoe ouder je wordt des te hoger de
kans op obesitas.
Overgewicht bij kinderen:
Het gewicht (overgewicht) gaat omhoog.
Overgewicht en obesitas bij kinderen kan je niet met volwassenen vergelijken. Tabellen gebruiken in
plaats van BMI.
Als kind al te dik:
Als je obesitas op 5 jarige leeftijd dan heb je 80% kans dat je als volwassene ook obesitas hebt.
Rond je 10e begin je met de pubertijd: groeispurt. Dus je wordt langer, alles wat je eet wordt
omgezet in spier.
Als je overgewicht hebt als kind zijnde, kan je het nog kwijtraken in de pubertijd omdat je nog zo veel
groeit. Als je na de pubertijd overgewicht hebt of obesitas, is de kans groot dat je als volwassene ook
obesitas/overgewicht hebt.
Wat is de rede van deze obesitas epidemie?
Basis disbalans tussen energie inname en verbruik.
- Genetische veranderingen duren het langst: niet de hoofdrede.
- Zittende banen: minder beweging
- Welvaart: je kan je helemaal vol eten.
- Disbalans tussen wat erin gaat en wat er verbrand wordt.
- Te weinig verbruik van energie
- Veranderde voedselgewoontes
o Multifactoraal
Genetica van obesitas:
- Primair genetisch: 1%
- 6 syndromen waarvan het Prader Willi syndroom de meest voorkomende is (1-3:30000)
- Laatste 15 jaar genen ontdekt die relatie hebben met honger/verzadiging controle en
energrie verbruik controle
o Vb: leptine, gheline en melancortine pathway.
- FTO gene: fat tissue and obesity
o Kan zorgen boot hoog ghreline en laag leptine
- Variaties in receptor genen van dopamine
- Schatting minimaal 250 genen hierbij betrokken
- Deze afwijkingen verklaren niet waarom we allemaal dikker worden want dit was er vroeger
ook al.
- Schatting minimaal 250 genen hierbij betrokken.
Prader willi syndrome:
Meest voorkomende afwijking waarbij overgewicht een rol speelt
Leptine:
Hormoon geproduceerd in de vetcellen is ook een gen, kunnen we uitschakelen bij muizen.
Gen uitgeschakeld: muizen blijven maar eten, worden steeds dikker.
Bij mensen werkt dit niet zo.
Leptine is dus de rem op je eetgedrag.
, Veranderde eetgewoonten:
- Wordt door dieetleer besproken
Minder verbruik van energie:
- Zittende banen
- Bewegen nauwelijks
- Liever lui dan moe.
Obesogene omgeving:
We eten meer calorien en we verbranden het niet.
Obesitas wordt door heel veel factoren beïnvloedt:.
- Sport & vrije tijd
- Hoog energetisch voedsel
- Opleiding en informatie
- Familie
Mensen met obesitas gaan veel eerder dood. Iemens met een BMI van 44 of hoger hebben 7-8 jar
minder te leven.
Complicaties bij obesitas:
- Kanker
- Hart- en vaat ziekten
- Diabetes
- Nog vele andere.
Verhoogde morbiditeit (ziektes) bij obesitas:
- Hart- en vaatziekten:
o Hypertensie en dislipedemie (hoog cholesterol)
Klinisch: wordt nog behandeld
Coronaire hartziekten:
RR van 1,7-4,4
20-30% van de hartinfarcten is obesitas een RF
Overleving is lager bij obesitas
o Cerebrovasculair accident (beroerte)
RR 2
- Diabetes II
o Veroorzaakt door insuline (bloedglucose daalt) resistentie
Vooral bij appelvormige obesitas
Vaak onderdeel van metabool syndroom
Hoog risico voor HVZ
Bij obesitas zeer hoge kans
Zie college diabetes
o Hoe hoger je BMI des te hoger de kans op diabetes II
- Sommige vormen van kanker
o Oesofagus
o Borst
o Endometrium
o Nieren