Kernprobleem: gebrekkige inhibitie (niet kunnen remmen van gedrag)
Het filter van prikkels functioneert minder goed en daardoor komen alle
prikkels binnen moeite om relevante informatie te filteren.
* Minder goede emotieregulatie
Minder goed in staat om emoties bij anderen te herkennen
* Bewegingsdrang
Moeilijk op 1 plaats blijven zitten
* Impulsiviteit
Kunnen binnenkomende impulsen niet remmen (door gebrekkige inhibitie)
* Lage frustratietolerantie
Snel gefrustreerd omdat iets niet lukt
* Korte spanningsboog
Door gebrekkig werkende executieve functies.
* Lagere leerprestaties
Door slechtere aandacht en minder goed functionerend werkgeheugen
wordt er minder leerstof onthouden
* Slechtere emotieregulatie
De interne spraak is minder ontwikkeld waardoor ze sneller voor een
verkeerde oplossing kiezen.
* Lage eigenwaarde
Door alle negatieve sociale interacties, is er een slechter zelfbeeld
* Taak vermijdend gedrag
Er is een afkeer tegen taken die langdurige geestelijke inspanning vereisen
* Risicogedrag
Kinderen met ADHD kunnen opzoek gaan naar sterkere prikkels OF doen
gevaarlijke dingen om stoer te doen.
* Motivatie
Door verminderde afgifte van dopamine is de innerlijke motivatie kleiner
* Slechte tijdsbesef
De tijd die nodig is om een taak te volbrengen wordt onderschat
Interventies
Interventie 1: Bied het kind duidelijke en korte instructies
Kinderen met ADHD hebben moeite met het vasthouden van
aandacht en kunnen complexe instructies niet goed verwerken.
,Interventie 2: Gebruik een time timer om de tijd zichtbaar te maken
Kinderen met ADHD hebben vaak een slechter tijdsbesef. Dit kan
leiden tot problemen bij het voltooien van taken.
Interventie 3: Geef het kind een plek met zo min mogelijk afleiding
Kinderen met ADHD worden snel afgeleid door externe prikkels
OF
Geef het kind een strategische plek in de klas om het bord en de
leerkracht goed te zien
Kinderen met ADHD hebben moeite met het richten en vasthouden
van hun aandacht door de gebrekkige functionerende executieve
functies.
OF
Geef het kind een plek die ze zonder veel hinder kunnen bereiken.
Kinderen met ADHD worden snel afgeleid. Door de looproute vrij te
houden, zonder veel hinder, is er minder afleiding en dit zorgt voor
minder conflicten.
Interventie 4: laat het kind regelmatig bewegen, bijvoorbeeld door een
loopje te geven
Kinderen met ADHD hebben vaak een sterke bewegingsdrang, wat
hun concentratie kan verstoren
Interventie 5: Herhaal de gedragsverwachtingen en regels
Kinderen met ADHD vergeten snel wat er van hen verwacht wordt
door hun gebrekkige werkgeheugen.
Interventie 6: Hang het dagprogramma zichtbaar op
Kinderen met ADHD vinden het fijn om te weten wat er komt. Dit
schept veiligheid.
Interventie 7: Pas werkbladen
Kinderen met ADHD zijn snel afgeleid. Door alleen de kern op het
werkblad te zetten, raakt de leerling minder snel afgeleid.
, H4. ADD Kenmerken
Kernprobleem: aandacht te kort maar zonder hyperactiviteit.
* Snellere afbraak dopamine
Dopamine wordt sneller afgebroken waardoor er een gebrek is aan
motivatie
* Niet optimaal functionerend werkgeheugen
De leerling kan hierdoor niet altijd vertellen wat er net geleerd is
* Hyperfocus
De leerling kan in hyperfocus raken als het onderwerp ze erg interesseert
* Dagdromen
* Niet opletten
* Te laat komen
* Niet opruimen
* Spullen kwijtraken
* Moeite met overzicht houden
* Onzeker zijn meisjes
Innerlijke chaos wordt gecompenseerd door perfectionisme en
overconcentratie
* Ontwikkeling motoriek is langzamer
* Fantasierijk
Groot voorstellingsvermogen
* Humor
* Creatieve talenten
* groot probleemoplossend vermogen
* Gevoelig
Emotioneel en erg betrokken. Groot inlevingsvermogen
* Rustig
Hierdoor vallen ze niet op in de klas