HOORCOLLEGE 1
DEEL I
Functies van belastinghe@ing
- Budgettaire of financieringsfunctie: ter bekostiging van overheidsuitgaven
- Herverdelende functie: inkomensherverdeling tussen personen, personen en bedrijven,
generaties
- Instrumentele of regulerende functie: sturen van gedrag van burgers en ondernemingen ten
behoeve van beleidsdoelstellingen, bv. op gebied van economie, klimaat, gezondheid, kunst en
cultuur (fiscalisten: nevendoelstellingen)
Materiële definitie belastingen
Gedwongen financiële bijdragen van burgers en bedrijven aan de overheid zonder individuele
tegenprestatie, ter financiering van collectieve uitgaven die geheven worden volgens democratisch tot
stand gekomen regels (belastingwetten en -verordeningen).
Formele definitie belastingen
Belasting is elke heFing die door de wet zo wordt genoemd.
Legaliteitsbeginsel belastingen
Art. 104 GW: belastingen mogen slechts uit kracht van een wet worden geheven.
Welke belastingen leveren het meeste op?
1. Loon- en inkomensbelasting
2. Omzetbelasting (btw)
3. Zorgpremies
4. Premies volksverzekeringen
5. Vennootschapsbelasting
6. Premies werknemersverzekeringen
Algemene beginselen
De vraag hoe de ‘belastingdruk’ verdeeld over de burgers à bijdrage ‘fair share’ aan overheidsuitgaven.
Primair is dit politieke keuze. Algemene beginselen eisen i.i.g. dat belasting (vanuit rechtsperspectief)
rechtvaardig is (volgens maatschappelijke opvattingen op het moment); en (vanuit economisch
perspectief) eFectief en eFiciënt (belasting moet niet meer kosten dan dat die oplevert). Dat kan met
elkaar botsen; er is balans nodig.
Draagkrachtbeginsel
De sterkste schouders moeten de zwaarste lasten dragen.
Fiscale afrondingsregel
Altijd in het voordeel van belastingplichtige afronden. Dus te betalen belasting naar beneden, te
ontvangen uitkering of toeslag naar boven. Altijd afronden naar hele euro’s.
Systematische berekening (voorbeeld)
Inkomen uit werk en woning bedraagt € 76.817 (Box I, tabel art. 2.10 Wet IB toepassen).
Gecombineerd tarief 1e schijf 35,82% (inclusief 27,65% premie volksverzekeringen)
Inleiding fiscaal recht 2025 1
Hoorcollege 1
, Antwoord:
Tarief I bedrag + premie volksverzekeringen
(0,0817 x 38.441 = 3140.6297 = 3140) + (0,2765 x 38.441 = 10.628,9365 = 10.682) = € 13.768
Tarief II bedrag
(76.817 – 38.441 = 38.376) = 14.383,3248 = € 14.383
Totaal (tarief I + tarief II = pvv)
13.768 + 14.383 = € 28.151
*Als je in eerste schijf premies niet afzonderlijk van belasting berekent, kun je afrondingsverschil krijgen. In tussenstappen dus
afronden in voordeel van belastingplichtige (belasting en premies apart).
Snelle berekening (voorbeeld)
Inkomen uit werk en woning bedraagt € 76.817 (Box I, tabel art. 2.10 IB Wet toepassen).
Gecombineerd tarief 1e schijf 35,82% (inclusief 27,65% premie volksverzekeringen)
Antwoord:
Tarief I + II bedrag
17.523 (tabel III vermeld) + pvv (0,2765 x 38.441 = 10.628) = € 28.151
Belastingdruk berekening (voorbeeld)
Burger A: inkomen van € 96.817 (waarvan € 20.000 hypotheekrenteaftrek), dus Box I berekening voor
belasting bedraagt € 76.817
Burger B: inkomen van € 76.817 (geen aftrekposten), dus Box I berekening voor belasting bedraagt €
76.817
Antwoord A (o.b.v. voorgaande berekening belasting + pvv):
€ 28.151 / € 96.817 = 0,29
0,29 x 100 = 29%
Belastingdruk van burger A is 29%
Antwoord B (o.b.v. voorgaande berekening belasting + pvv):
€ 28.151 / € 76.817 = 0,37%
0,37 x 100 = 37%
Belastingdruk van burger B is 37%
Inleiding fiscaal recht 2025 2
Hoorcollege 1
DEEL I
Functies van belastinghe@ing
- Budgettaire of financieringsfunctie: ter bekostiging van overheidsuitgaven
- Herverdelende functie: inkomensherverdeling tussen personen, personen en bedrijven,
generaties
- Instrumentele of regulerende functie: sturen van gedrag van burgers en ondernemingen ten
behoeve van beleidsdoelstellingen, bv. op gebied van economie, klimaat, gezondheid, kunst en
cultuur (fiscalisten: nevendoelstellingen)
Materiële definitie belastingen
Gedwongen financiële bijdragen van burgers en bedrijven aan de overheid zonder individuele
tegenprestatie, ter financiering van collectieve uitgaven die geheven worden volgens democratisch tot
stand gekomen regels (belastingwetten en -verordeningen).
Formele definitie belastingen
Belasting is elke heFing die door de wet zo wordt genoemd.
Legaliteitsbeginsel belastingen
Art. 104 GW: belastingen mogen slechts uit kracht van een wet worden geheven.
Welke belastingen leveren het meeste op?
1. Loon- en inkomensbelasting
2. Omzetbelasting (btw)
3. Zorgpremies
4. Premies volksverzekeringen
5. Vennootschapsbelasting
6. Premies werknemersverzekeringen
Algemene beginselen
De vraag hoe de ‘belastingdruk’ verdeeld over de burgers à bijdrage ‘fair share’ aan overheidsuitgaven.
Primair is dit politieke keuze. Algemene beginselen eisen i.i.g. dat belasting (vanuit rechtsperspectief)
rechtvaardig is (volgens maatschappelijke opvattingen op het moment); en (vanuit economisch
perspectief) eFectief en eFiciënt (belasting moet niet meer kosten dan dat die oplevert). Dat kan met
elkaar botsen; er is balans nodig.
Draagkrachtbeginsel
De sterkste schouders moeten de zwaarste lasten dragen.
Fiscale afrondingsregel
Altijd in het voordeel van belastingplichtige afronden. Dus te betalen belasting naar beneden, te
ontvangen uitkering of toeslag naar boven. Altijd afronden naar hele euro’s.
Systematische berekening (voorbeeld)
Inkomen uit werk en woning bedraagt € 76.817 (Box I, tabel art. 2.10 Wet IB toepassen).
Gecombineerd tarief 1e schijf 35,82% (inclusief 27,65% premie volksverzekeringen)
Inleiding fiscaal recht 2025 1
Hoorcollege 1
, Antwoord:
Tarief I bedrag + premie volksverzekeringen
(0,0817 x 38.441 = 3140.6297 = 3140) + (0,2765 x 38.441 = 10.628,9365 = 10.682) = € 13.768
Tarief II bedrag
(76.817 – 38.441 = 38.376) = 14.383,3248 = € 14.383
Totaal (tarief I + tarief II = pvv)
13.768 + 14.383 = € 28.151
*Als je in eerste schijf premies niet afzonderlijk van belasting berekent, kun je afrondingsverschil krijgen. In tussenstappen dus
afronden in voordeel van belastingplichtige (belasting en premies apart).
Snelle berekening (voorbeeld)
Inkomen uit werk en woning bedraagt € 76.817 (Box I, tabel art. 2.10 IB Wet toepassen).
Gecombineerd tarief 1e schijf 35,82% (inclusief 27,65% premie volksverzekeringen)
Antwoord:
Tarief I + II bedrag
17.523 (tabel III vermeld) + pvv (0,2765 x 38.441 = 10.628) = € 28.151
Belastingdruk berekening (voorbeeld)
Burger A: inkomen van € 96.817 (waarvan € 20.000 hypotheekrenteaftrek), dus Box I berekening voor
belasting bedraagt € 76.817
Burger B: inkomen van € 76.817 (geen aftrekposten), dus Box I berekening voor belasting bedraagt €
76.817
Antwoord A (o.b.v. voorgaande berekening belasting + pvv):
€ 28.151 / € 96.817 = 0,29
0,29 x 100 = 29%
Belastingdruk van burger A is 29%
Antwoord B (o.b.v. voorgaande berekening belasting + pvv):
€ 28.151 / € 76.817 = 0,37%
0,37 x 100 = 37%
Belastingdruk van burger B is 37%
Inleiding fiscaal recht 2025 2
Hoorcollege 1