Hoofdstuk 7 (Deel 3): Praktijkgericht juridisch bachelor
onderzoeksverslag
Samenvatting
Planning:
Zijn er deadlines?
Wat zijn de criteria waarop mijn onderzoeksverslag beoordeeld
wordt?
Wanneer en hoe vaak kan ik mijn begeleiders spreken?
Wie leest kritisch met mij mee en wie geeft mij bruikbare
feedback?
Schrijfstof:
Onderzoeksonderwerp
Methode van onderzoek
Onderzoeksdoel
Probleemstelling of: hoofdvraag; theorievragen; praktijkvragen;
analysevragen
Tekstdoelen van een onderzoeksverslag zijn vooral:
Informatief; de tekstschrijver geeft feitelijke informatie,
bijvoorbeeld over wetgeving.
Opiniërend; de tekstschrijver geeft een mening onderbouwd met
argumenten, bijvoorbeeld conclusies naar aanleiding van
verschillen en overeenkomsten tussen x en y.
Persuasief; de tekstschrijver overtuigt de lezer iets te doen,
bijvoorbeeld aanbevelingen volgen.
Kenmerken van een praktijkgericht juridisch bachelor-
onderzoeksrapport zijn onder andere:
Het onderzoeksrapport is qua omvang het grootste schrijfproduct
of een van de grootste schrijfproducten van de opleiding.
Het rapport is overwegend in formele, academische taal
geschreven.
Het rapport is deels in juridische taal geschreven (het theoretisch
of juridisch gedeelte van het verslag).
Het rapport is bestemd voor meerdere lezers, namelijk voor de
opdrachtgever (de praktijk) en de docent (de opleiding).
Het rapport moet te voldoen aan de eisen en conventies voor
rapportage bij jouw opleiding.
CCC-model voor de analyse van tekstkwaliteit (blz. 163):
Correspondentie;
Consistentie;
Correctheid
onderzoeksverslag
Samenvatting
Planning:
Zijn er deadlines?
Wat zijn de criteria waarop mijn onderzoeksverslag beoordeeld
wordt?
Wanneer en hoe vaak kan ik mijn begeleiders spreken?
Wie leest kritisch met mij mee en wie geeft mij bruikbare
feedback?
Schrijfstof:
Onderzoeksonderwerp
Methode van onderzoek
Onderzoeksdoel
Probleemstelling of: hoofdvraag; theorievragen; praktijkvragen;
analysevragen
Tekstdoelen van een onderzoeksverslag zijn vooral:
Informatief; de tekstschrijver geeft feitelijke informatie,
bijvoorbeeld over wetgeving.
Opiniërend; de tekstschrijver geeft een mening onderbouwd met
argumenten, bijvoorbeeld conclusies naar aanleiding van
verschillen en overeenkomsten tussen x en y.
Persuasief; de tekstschrijver overtuigt de lezer iets te doen,
bijvoorbeeld aanbevelingen volgen.
Kenmerken van een praktijkgericht juridisch bachelor-
onderzoeksrapport zijn onder andere:
Het onderzoeksrapport is qua omvang het grootste schrijfproduct
of een van de grootste schrijfproducten van de opleiding.
Het rapport is overwegend in formele, academische taal
geschreven.
Het rapport is deels in juridische taal geschreven (het theoretisch
of juridisch gedeelte van het verslag).
Het rapport is bestemd voor meerdere lezers, namelijk voor de
opdrachtgever (de praktijk) en de docent (de opleiding).
Het rapport moet te voldoen aan de eisen en conventies voor
rapportage bij jouw opleiding.
CCC-model voor de analyse van tekstkwaliteit (blz. 163):
Correspondentie;
Consistentie;
Correctheid