Hoofdstuk 1: werkveld kinderopvang
Paragraaf 1.1: verschillende soorten opvang:
Paragraaf 1.6: functies binnen de kinderopvang:
Paragraaf 1.9: voor- en vroegschoolse educatie
Paragraaf 1.11: ondersteuning bij ontwikkeling
Paragraaf 1.13: oudercommissie
Hoofdstuk 2: kwaliteit in de kinderopvang
Paragraaf 2.1: kwaliteit meten binnen de kinderopvang
Paragraaf 2.3: kwaliteitsmonitor
Paragraaf 2.9: toezicht op kwaliteit door de overheid
Paragraaf 2.16: organisatievisie
Paragraaf 2.18: PDCA-cyclus
Hoofdstuk 3: protocollen en wetten
Paragraaf 3.1: protocollen of procedure?
Paragraaf 3.3: verschillende protocollen
Paragraaf 3.19: wetten voor de kinderopvang en het onderwijs
Hoofdstuk 4: samenwerken, vergaderen en plannen
Paragraaf 4.1: professionele werkhouding:
Paragraaf 4.5: samenwerken met anderen
Paragraaf 4.12: teamrollen van Belbin
Paragraaf 4.17: hoe herkent u de teamcultuur van uw huidige team?
Paragraaf 4.18: vergaderen
Paragraaf 4.28: werken met programma’s en plannen
Hoofdstuk 5: deskundigheidsbevordering
Paragraaf 5.1: uzelf blijven ontwikkelen als professional
Paragraaf 5.15: kennis delen
Hoofdstuk 6: Reflecteren, POP en PAP
Paragraaf 6.1: wat is reflecteren?
Paragraaf 6:7: POP en PAP
1
,Hoofdstuk 1: werkveld kinderopvang
Paragraaf 1.1: verschillende soorten opvang:
Werkveld bestaat uit verschillende soorten opvang
• Peuteropvang → ook peuterspeelzaal genoemd, gericht op ontwikkeling peuters belangrijk is =
vast aanbod van dagdelen aan de ouders/peuters gedurende schoolweken.
• Kinder(dag)opvang → vangt kinderen 0-4 jaar op: vaak enkele dagen/dagdelen in week. Binnen
kinderopvang verticale en horizontale groepen. Belangrijk is begeleiding, zorgt voor stimulering
van ontwikkeling.
• Buitenschoolse opvang →opvang voor schoolgaande kinderen, ook BSO genoemd. Hierin:
voorschoolse, tussen schoolse en naschoolse opvang.
• Gastouderopvang → vangt kinderen in huis op, hierdoor huiselijk, gastouder aangesloten bij
kinderopvangorganisatie.
• Brede school/integraal kind centrum → zelfstandige organisaties die richten op opvang kinderen,
met samenkomst verschillende organisaties.
• Schippersinternaat → wonen kinderen met ouders die schippers zijn, 24/7 zorgtaak voor ped.
Medewerkers. Meer sprake van zorgtaak.
• Tieneropvang → vervolg buitenschoolse opvang voor jongeren 10/17. Beschikbaar voor opvang en
beschikbaar voor opvang en begeleiding. Gekoppeld aan jongerencentrum
Paragraaf 1.6: functies binnen de kinderopvang:
Centraal persoon in kinderopvang = het kind, alles draait om het kind en de begeleiding ervan. In
begeleiden verschillende functies:
- Groepshulp/huishoudelijke hulp → helpt pedagogisch medewerkers bij dagelijkse taken/
werkzaamheden. Telt niet mee in beroepskracht/kind ratio!
- Pedagogisch medewerker → medewerker voert alle taken binnen opvanggroep uit, met
belangrijkste taak, begeleiden kinderen. Hiernaast ook:
✓ Ontwikkeling in gaten houden
✓ Uitdagen met activiteiten
✓ Contact met ouders voor evaluaties
✓ Schoonhouden groep
✓ Overleg met andere medewerkers
- Gespecialiseerd pedagogisch medewerker → opgeleid naast normale taken een
middenkaderfunctie te vervullen/leidinggevende taken, taken hierin kunnen zijn: onderhouden
contacten en voeren kind bespreking met externe instanties, actueel houden veiligheid en
gezondheidsbeleid, maken/ actueel houden kin planning en aanspreekpunt werknemers.
- Pedagogisch coach → bevorderd pedagogisch beleid op groep, controleert of deze goed
uitgevoerd wordt. Controlefunctie op gebied kwaliteit. Pedagogisch medewerkers begeleiden ook
centraal. Richten op verbeteren pedagogische en dictische vaardigheden van ped. Medewerkers.
2
, - Pedagogisch beleidsmedewerker → verantwoordelijk voor ontwikkelen van pedagogisch beleid
binnen organisatie, ook bijdrage leveren aan ontwikkeling kind
- Locatiemanager → verantwoordelijk voor zorg op de opvang, aannemen nieuwe medewerkers en
functioneringsgesprekken, administratie en pedagogisch beleid maken. Ook onderhouden
contacten met externe organisaties
- Rayonmanager → stuurt locatiemanager aan, controleert kwaliteit op afstand
Paragraaf 1.9: voor- en vroegschoolse educatie
Vve = voor en vroegschoolse educatie, gericht op ontwikkeling kinderen. Kinderen worden op jonge leeftijd
begeleid door gekwalificeerde mensen zodat achterstanden ingehaald worden op gebied van
Nederlandse taal. Hiervoor meerdere methoden. Hiervoor 16 uursregeling.
Paragraaf 1.11: ondersteuning bij ontwikkeling
Bij problemen in ontwikkeling kunnen verschillende instanties ingezet worden:
Gemeente → verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdhulp
Veilig thuis → bij vermoeden kind opgroeien in onveilige omgeving contact opnemen of bij duidelijkheid
melding maken.
Centrum jeugd en gezin → hulp bij opvoedingsvraagstukken.
Jeugdzorg → kinderen met ontwikkelingsproblemen en/of opgroeien in onveilige situatie, onder kern vallen
alle instanties die zorg bieden/organiseren.
Orthopedagoog → houdt zich bezig met problematische opvoedingsvraagstukken.
Paragraaf 1.13: oudercommissie
In wet kinderopvang(wikk) staat dat verplicht dat elke organisatie een oudercommissie moet hebben.
Oudercommissie heeft een adviesrecht, betekend dat commissie gevraagd en ongevraagd advies mag
geven aan opvang organisatie, dit mag volgens de wet over:
-Uitvoering kwaliteitsbeleid, in bijzonder pedagogisch beleid - algemeen beleid van voeding,
opvoeding, veiligheid en gezondheid - beleid voorschoolse educatie -prijs - klachtenregeling
Oudercommissie heeft om deze taak goed te kunnen volbrengen, informatierecht.
BOinK → landelijke organisatie, belangenvereniging voor ouders in de kinderopvang, uitgangspunten zijn:
• Oudercommissie is het essentiële orgaan in de organisatie om gezamenlijk te werken aan opvang
van goede kwaliteit en waar mogelijk de kwaliteit van de opvang te vergroten.
• Waarborgen van kwalitatief goede en betaalbare kinderopvang.
• Heldere, eenduidige regelgeving door de overheid en een effectieve handhaving.
• Een goede spreiding van verschillende soorten opvang binnen steden en op het platteland.
3