Werkgroepen inleiding strafrecht:
Rode boekje markeren: blz 1376 1377 helemaal
Simone Monquil-
HR 12 april 1897, W 1897, 6954 (Muilkorf).check
HR 14 februari 1916, NJ 1916/681 (Melk en water). check
HR 15 oktober 1923, NJ 1923/1329 (Opticien). check
HR 20 december 1926, NJ 1927/85 (De auditu). check
HR 20 februari 1933, NJ 1933/918 (Veearts) ceck
HR 2 december 1935, NJ 1936/250 (Geweer).cehck
HR 19 februari 1963, NJ 1963/512 (Verpleegster). check
HR 24 oktober 1978, NJ 1979/52 (Uitzendbureau Cito). check
HR 2 februari 1988, NJ 1988/820 (Stormsteeg).check
HR 19 september 1988, NJ 1989/379 (Parkeerwachter).check
HR 15 oktober 1996, NJ 1997/199 (Porsche).
HR 10 oktober 2000, NJ 2001/4 (Schieten in de kroeg).
HR 23 maart 2003, NJ 2003/554 (HIV I).
HR 20 januari 2004, NJ 2004/214 (Bumperkleven).
HR 16 september 2008, NJ 2010/05 (Medicinale Cannabis).
HR 22 maart 2016, NJ 2016/316 (Overzichtsarrest noodweer(exces).
HR 29 mei 2018, NJ 2019/103 (Aanmerkelijke kans II).
,Week 1:
Materiele strafrecht: wat is strafbaar? (WBSr)
Formele strafrecht: regels over de procedure (WB Sv)
Sr:
1 e boek: Algemene bepalingen
2 e boek: Misdrijven
3 e boek: overtredingen
Sv:
1e boek: Strafvordering in het algemeen
2de boek: opsporingsonderzoek
3e boek: rechtsmiddelen (hoger beroep, in cassatie)
4de + 5de boek minder van belang
6de boek: ten uitvoerlegging van straffen
Commuun strafrecht: wetboeken Sv Sr
Bijzonder strafrecht: strafrecht in andere wetten> bv. Opiumwet, wegenverkeerswet, apv, wet
wapens en munitie.
Opbouw van de strafbepaling:
1) Delictsomschrijving (welk gedrag de wetgever strafbaar stelt)
2) Kwalificatieaanleiding (juridische naam)
3) Strafbedreiging (max straf en welke soort straf)
Voorwaarden voor strafbaarheid:
1. menselijke gedraging (wat hoort er niet onder: menselijke gedachte, dier) wel kan het een nalating
zijn. Onder menselijke gedraging vallen natuurlijke en rechtspersonen art 51 Sr.
2. wettelijke delictsomschrijving
3. wederrechtelijkheid (in strijd met het recht) HR: Veearts, wel in strijd met de wet> niet in strijd
met het recht> rechtvaardigingsgrond.
4. schuld: in zin van verwijtbaarheid. HR: melk en water
Misdrijf: boek 2
Overtredingen: boek 3
Geprivilegieerde delicten: lichter tov gronddelict
-Gronddelicten-
Gekwalificeerde delicten: zwaarder tov gronddelict
Comissie delicten: doen/handelen
Omissie delicten: door nalaten
,Opdrachten week 1:
1. D
2. B> zie art. 91 Sr
3. D
4. C
5. C
6. D
7. D
8. C
9. B
10. C
11. D
12. D
13. D
, Week 2:
HR: HIV I:
RO 3.6: Er is geen grond de inhoud van het begrip "aanmerkelijke kans" afhankelijk te stellen van de
aard van het gevolg.>dit los van elkaar zien
HR HIV 2:
Man had honden die andere honden beten. Dit gebeurde nog een keer bij de hond van een vrouw
die haar hond moest laten inslapen. Was er sprake van voorwaardelijke opzet? Ja, ook van
aanmerkelijke kans.
Ro. 5.3.2 en 5.4
HR: Bumperkleven:
Auto voorop remde hard door bumperklever, de bumperklever is tegen een boom gereden en
overleed.
Is er sprake van voorwaardelijk opzet? De bestuurder was zo geirriteerd, dat hij maar op de koop
toenam dat de bumperklever was overleden
Subjectief: opzet en culpa (altijd sprake bij misdrijven, een vd twee)
Objectief: niet gericht op de geestesgesteldheid van de dader
HR: Porsche:
Iemand die had gedronken reed te hard en door rood, en wilde inhalen en was in een andere auto
ingereden. Deze persoon in de auto overleed en de bijrijder ook
Is er sprake van voorwaardelijk opzet? Nee, hij nam met het inhalen ook zelf het risico dat hij kon
overlijden, hij nam het niet op de koop toe.
Objectiveren: wat voor gedrag vertoont deze persoon, omdat hij de eerdere inhaalmanoeuvres heeft
afgebroken, dacht hij met de laatste keer dat het wel zou kunnen.
Normaliseren: wat wilt een normaal mens > hij nam met het inhalen ook zelf het risico dat hij kon
overlijden, hij nam het niet op de koop toe.
Opzet:
-willens en wetens handelen
-verschijningsvormen in de wet:
>opzettelijk (in delictsomschrijving) >bv, art 287 Sr
>wetende dat (bv art 363 Sr)
> wist (bv art 416 Sr)
>oogmerk (bv 310 Sr)
>ingeblikt opzet, vb: mishandeling art. 300 Sr
Hoofdregel: alle delictsbestanddelen na het woord ‘opzettelijk’ worden hierdoor bestreken
Uitzondering: geobjectiveerde bestanddelen vb art 300 lid 3 / art. 248 b, ontucht met minderjarige
leeftijd is geobjectiveerde bestanddeel
Gradaties van opzet: (vereisten)
Willens en wetens handelen (definitie opzet)
Gradaties:
-opzet met bedoeling/vol opzet: enige doel/streven is het verrichten van de strafbare handeling,
hetgeen wat je doet is echt je enige doel
Rode boekje markeren: blz 1376 1377 helemaal
Simone Monquil-
HR 12 april 1897, W 1897, 6954 (Muilkorf).check
HR 14 februari 1916, NJ 1916/681 (Melk en water). check
HR 15 oktober 1923, NJ 1923/1329 (Opticien). check
HR 20 december 1926, NJ 1927/85 (De auditu). check
HR 20 februari 1933, NJ 1933/918 (Veearts) ceck
HR 2 december 1935, NJ 1936/250 (Geweer).cehck
HR 19 februari 1963, NJ 1963/512 (Verpleegster). check
HR 24 oktober 1978, NJ 1979/52 (Uitzendbureau Cito). check
HR 2 februari 1988, NJ 1988/820 (Stormsteeg).check
HR 19 september 1988, NJ 1989/379 (Parkeerwachter).check
HR 15 oktober 1996, NJ 1997/199 (Porsche).
HR 10 oktober 2000, NJ 2001/4 (Schieten in de kroeg).
HR 23 maart 2003, NJ 2003/554 (HIV I).
HR 20 januari 2004, NJ 2004/214 (Bumperkleven).
HR 16 september 2008, NJ 2010/05 (Medicinale Cannabis).
HR 22 maart 2016, NJ 2016/316 (Overzichtsarrest noodweer(exces).
HR 29 mei 2018, NJ 2019/103 (Aanmerkelijke kans II).
,Week 1:
Materiele strafrecht: wat is strafbaar? (WBSr)
Formele strafrecht: regels over de procedure (WB Sv)
Sr:
1 e boek: Algemene bepalingen
2 e boek: Misdrijven
3 e boek: overtredingen
Sv:
1e boek: Strafvordering in het algemeen
2de boek: opsporingsonderzoek
3e boek: rechtsmiddelen (hoger beroep, in cassatie)
4de + 5de boek minder van belang
6de boek: ten uitvoerlegging van straffen
Commuun strafrecht: wetboeken Sv Sr
Bijzonder strafrecht: strafrecht in andere wetten> bv. Opiumwet, wegenverkeerswet, apv, wet
wapens en munitie.
Opbouw van de strafbepaling:
1) Delictsomschrijving (welk gedrag de wetgever strafbaar stelt)
2) Kwalificatieaanleiding (juridische naam)
3) Strafbedreiging (max straf en welke soort straf)
Voorwaarden voor strafbaarheid:
1. menselijke gedraging (wat hoort er niet onder: menselijke gedachte, dier) wel kan het een nalating
zijn. Onder menselijke gedraging vallen natuurlijke en rechtspersonen art 51 Sr.
2. wettelijke delictsomschrijving
3. wederrechtelijkheid (in strijd met het recht) HR: Veearts, wel in strijd met de wet> niet in strijd
met het recht> rechtvaardigingsgrond.
4. schuld: in zin van verwijtbaarheid. HR: melk en water
Misdrijf: boek 2
Overtredingen: boek 3
Geprivilegieerde delicten: lichter tov gronddelict
-Gronddelicten-
Gekwalificeerde delicten: zwaarder tov gronddelict
Comissie delicten: doen/handelen
Omissie delicten: door nalaten
,Opdrachten week 1:
1. D
2. B> zie art. 91 Sr
3. D
4. C
5. C
6. D
7. D
8. C
9. B
10. C
11. D
12. D
13. D
, Week 2:
HR: HIV I:
RO 3.6: Er is geen grond de inhoud van het begrip "aanmerkelijke kans" afhankelijk te stellen van de
aard van het gevolg.>dit los van elkaar zien
HR HIV 2:
Man had honden die andere honden beten. Dit gebeurde nog een keer bij de hond van een vrouw
die haar hond moest laten inslapen. Was er sprake van voorwaardelijke opzet? Ja, ook van
aanmerkelijke kans.
Ro. 5.3.2 en 5.4
HR: Bumperkleven:
Auto voorop remde hard door bumperklever, de bumperklever is tegen een boom gereden en
overleed.
Is er sprake van voorwaardelijk opzet? De bestuurder was zo geirriteerd, dat hij maar op de koop
toenam dat de bumperklever was overleden
Subjectief: opzet en culpa (altijd sprake bij misdrijven, een vd twee)
Objectief: niet gericht op de geestesgesteldheid van de dader
HR: Porsche:
Iemand die had gedronken reed te hard en door rood, en wilde inhalen en was in een andere auto
ingereden. Deze persoon in de auto overleed en de bijrijder ook
Is er sprake van voorwaardelijk opzet? Nee, hij nam met het inhalen ook zelf het risico dat hij kon
overlijden, hij nam het niet op de koop toe.
Objectiveren: wat voor gedrag vertoont deze persoon, omdat hij de eerdere inhaalmanoeuvres heeft
afgebroken, dacht hij met de laatste keer dat het wel zou kunnen.
Normaliseren: wat wilt een normaal mens > hij nam met het inhalen ook zelf het risico dat hij kon
overlijden, hij nam het niet op de koop toe.
Opzet:
-willens en wetens handelen
-verschijningsvormen in de wet:
>opzettelijk (in delictsomschrijving) >bv, art 287 Sr
>wetende dat (bv art 363 Sr)
> wist (bv art 416 Sr)
>oogmerk (bv 310 Sr)
>ingeblikt opzet, vb: mishandeling art. 300 Sr
Hoofdregel: alle delictsbestanddelen na het woord ‘opzettelijk’ worden hierdoor bestreken
Uitzondering: geobjectiveerde bestanddelen vb art 300 lid 3 / art. 248 b, ontucht met minderjarige
leeftijd is geobjectiveerde bestanddeel
Gradaties van opzet: (vereisten)
Willens en wetens handelen (definitie opzet)
Gradaties:
-opzet met bedoeling/vol opzet: enige doel/streven is het verrichten van de strafbare handeling,
hetgeen wat je doet is echt je enige doel