Jr 1 - OWE 1.2 Bloed (wk 11-12)
Verstoorde hematopoëse (stamcellen)
Erfelijke borstkanker (borstkanker)
Jr 2 - OWE 2.2 Benauwd en moe (wk 6-12) & OWE 2.3 Tractus digestivus en
Nieuwvormingen (wk 13-15)
Basisprincipes oncologie
Leukemie
Lymfoom
Vlekje op de long
Palliatieve zorg en de dood
Slikken
Zuurbranden
Geelzucht
Extra OWE 2.3 (wk 16-17)
Bloed bij de ontlasting
Huidkanker
,Jaar 1.2 – Endocriene regulatie, bloed en nieuwvorming
1.2.11 Stamcellen – Intro 13/11/2024
Somatische mutaties in het DNA
- Puntmutaties, deleties, inserties
- Chromosomale alteraties (numeriek of structureel)
- Epigenetische alteraties
Proto-oncogen: dominant, gain of function (GOF)
Tumor-suppressor genen: recessief, loss of function (LOF)
Cyclinen controleren de fase van de celcyclus transitie, geregeld per post translationele
modificaties (vaak (de)fosforylering).
Checkpoint genen (p53) inhiberen cyclus regulatoren wanneer DNA beschadigd is en herstel
nodig is vòòr replicatie en deling.
Numerieke chromosomale veranderingen (afwijkende mitose/misseggregatie). De meeste
van dergelijke chromosoomwinst leiden tot celdood, maar blijkbaar wordt trisomie 7
getolereerd.
Structurele chromosomale veranderingen (chromosoom breuk en misherstel) geeft activatie
van oncogenen zoals tyrosine-kinase in CML.
Activering van oncogen H-Ras (betrokken bij gereguleerde groei en migratie) zoals G12D-
mutatie is aanwezig in 35% van alle pancreaskankers.
Retinoblastoom (pRb) kan door meerdere oorzaken muteren en weefselspecifieke
uitkomst/risico’s geven, zoals virale infecties in HPV.
Er zijn 20.000 DNA veranderingen /cel/dag = genotoxische stress, zoals ook O2
Replicatie stress, UV-schade, ioniserende radiatie, chemische stoffen
DNA-replicatie fouten komen voor op 1 per 107 nucleotiden, wat wordt verminderd door
proeflezen tijdens replicatie tot 1 per 10 9 nucleotiden en tot nog minder na door mismatch-
reparatie. Mutaties in MMR leiden tot verhoogde risico’s op erfelijke niet-polyposis
colorectale kanker (HNPCC), dit komt vooral omdat darmcellen elke 4 dagen delen (= snelle
deling).
UV-geïnduceerde DNA-schade (en andere)
- Thymine-dimeren
- 6-4 Fotoproducten
- Base wijzigingen
Gerepareerd door base of nucleotide excisieherstel. Mutaties in NER kunnen b.v. leiden tot
verhoogde risico’s van huidkanker (Xeroderma Pigmentosa)
DNA-strengbreuken (ioniserende straling)
Enkel- of dubbelstrengige breuken gerepareerd door niet-homoloog uiteinde samenvoegen
(foutgevoelig) of homologe recombinatie (foutvrij). Mutaties in DSB-reparatie veroorzaken
verhoogde risico's op verschillende vormen van kanker, immunodeficiëntie en
neurodegeneratie evenals overgevoeligheid voor kankertherapie (Ataxie Teleangiëctasie).
Kanker is niet erfelijk, alleen de kans op kanker krijgen is erfelijk. Dit kan door het erven van
mutatie in cyclus controle genen of DNA-herstel genen.
Stamcel: moedercel die in staat is zelf te vernieuwen en te delen. Kan differentiëren en
beschikt over plasticiteit (kan ontwikkelen tot verschillende typen bloedcellen). Bevindt zich in
het beenmerg. Een fout in de stamcel veroorzaakt beenmerg falen.
,Anemie: vermoeidheid, hartkloppingen, bleek
Leukopenie: koorts, transpiratie
Trombocytopenie: ecchymosen, petechiën/hematomen, purpura
Ziektebeelden verstoord hematopoëse
Aplastische anemie – remming van groei van stamcellen of progenitoren
Leeg beenmerg met weinig cellen
- Congenitale ziekten
- Auto-immuun: infecties zoals hepatitis en EBV
- Zwangerschap
Myelodysplastisch syndroom (MDS) – groei van afwijkende stamcellen of progenitoren
Vol beenmerg welke hypercellulair is. Hypo/agranulatie, abnormale celkernen, meerkernige
erytrocyten, micromegakaryocyten, dysplasie van RBC
- Stamceltoxiciteit: chemicaliën (benzeen), medicijnen (chemo), straling
AA MDS
Klonale stamcelaandoening Ja Ja
Hematopoëse Geen Niet effectief, afwijkende rijping
Beenmerg Hypocellulair Hypercellulair
Perifeer bloed Pancytopenie Pancytopenie
Cytogenetica Normaal Afwijkend
Risico op transformatie naar AL +/- +++
1.2.11 Stamcellen – Ontwikkeling van kanker 15/11/2024
Neoplasma = abnormale weefselmassa = tumor
Monoklonaal = vanuit 1 cel
Maligniteit = weefselgroei (met schade) met potentie tot metastase
Kanker = maligne neoplasma, maligne transformatie = cellulaire verandering
Sarcoma/carcinoma = malignant
Kanker is altijd monoklonaal.
Het duurt een aantal jaar tussen de eerste DNA-schade en het optreden van symptomen.
Leukemie Borstkanker
Type origine cellen Stamcellen Stamcellen
Groei Externe GF Externe GF
Types 4 (>40) 2 (ductaal/lobulair)
Type genetische Translocatie Puntmutatie
verandering
1.2.11 Stamcellen – Analytisch redeneren 19/11/2024
Pancytopenie
Verlaagde productie
- Beenmergdepressie: maligniteit, malignante infiltratie
- Infectie (HIV, hepatitis, ParvoB19)
- Toxische stoffen (chemo, alcohol)
- Voedingsstoftekorten (koper, vitB12)
Verhoogde afbraak
- Aplastische anemie
- Auto-immuun ziekte
- Hemofagocytose
Beenmergaspiratie/biopsie
AA: vooral vetcellen met weinig bloedcellen, laag Hb/WBC/trombocyten
MDS: vorm van bloedcellen afwijkend
, ParvoB19: vooral effect op RBC = pure red cell aplasia, leidt tot anemie waarbij grote RBC
zorgen voor rode wangen
Oncologisch: minder ruimte voor aanmaak
Hemafagocytose: bloedcellen (macrofagen) worden aangezet om eigen bloed op te eten
1.2.12 Erfelijke borstkanker – Intro 20/11/2024
Risicofactoren: leeftijd (> 60 jaar), genetica (BRCA-mutatie), vroege menarche en late
menopauze, orale anticonceptiva, nooit zwanger geweest zijn, voorgaande radiotherapie op
de thorax, hoge densiteit.
Zonder klachten: door screening (> 50 jaar), erfelijk risico, na Hodgkin lymfoom
Klachten: palpabele knobbels, tepel afscheiding of retractie, verandering van de huid /
eczeem van de tepel, peau d’orange.
Inflammatoire borstkanker is agressief
Triple diagnose: klinisch, radiologisch, pathologisch (99.6% accuraat)
Mammografie (2D, 88% sensitiviteit in oudere vrouwen), echo (85% sensitiviteit)
Tumor is grillig, cyste rond en scherp begrenst
84% stadium I/II, 16% stadium III/IV
Operatief: lokale controle, curatief/palliatief, herstellen / symptomen verminderen
Radiotherapie: lokale controle, adjuvant/palliatief, genezen / symptomen verminderen
Systemisch: systemische controle, (neo-)adjuvant/palliatief, genezen / symptomen
verminderen / overleving vergroten.
35-45% krijgt lymfe oedeem bij het verwijderen van alle lymfeklieren. Poortwachtersklier
verwijderen voor sentinel node procedure. MARI procedure na neo-adjuvante behandeling
waarbij radioactief iodine marker om behandeling te volgen.
Borstkanker karakteristieken
- ER (oestrogeen receptor): endocriene therapie
- HER2: targeted therapie
- Proliferatie: chemo
1.2.12 Erfelijke borstkanker – Erfelijke borstkanker
20/11/2024
Erfelijkheid: in 5-10% de hoofdoorzaak voor borstkanker. (Familie) anamnese bepaalt
inschatting erfelijkheid. DNA-onderzoek geeft grote consequenties voor patiënt èn familie. De
risicogetallen verschillen per gen. Erfelijkheidsonderzoek zorgt voor minder (sterfte aan)
kanker en minder onnodige controles / ingrepen. In veel patiënten / families is erfelijke
oorzaak nog niet te vinden. Genoom-diagnostiek is belangrijk voor de behandeling.
Erfelijke aanleg maakt DNA gevoeliger voor beschadiging of minder gevoelig voor goede
reparatie. Men wordt geboren met een mutatie in een gen betrokken bij bescherming of
reparatie. Vaak zijn dit kiemlijn mutaties, oftewel 50% kans op overerving.
Algemene kenmerken bij erfelijke kanker