Aantekeningen hoorcolleges
Encyclopedie criminologie B2
Hoorcollege 1
Spanning tussen instrumentaliteit en rechtsbescherming: als we door middel van juridische
maatregelen problemen in de samenleving willen oplossen, lopen we soms tegen morele of
feitelijke grenzen aan.
Uitgangspunt van mens als een verantwoordelijk persoon, stelt grenzen aan het recht als
beleidsinstrument.
Fuller schema 3 basisfuncties van het recht:
1. Rechtszekerheid
a. Sociale vrede, status quo
b. Dwang: geweldsmonopolie, verbod eigenrichting
c. Duidelijke wetten en betrouwbare rechters
2. Rechtvaardigheid
a. Gelijkheid voor de wet
b. Emancipatie: vrijheid, gelijkheid, broederschap
c. Rechtvaardige wetten en wijze rechters
3. Doelmatigheid
a. Maatschappelijk nut
b. Sturing d.m.v. prikkels
c. Efficiënte en pragmatische rechtsbedeling
Rechtspositivisme ( rechtszekerheid):
- Recht is wat er in de rechtsbronnen staat.
- M.b.v. de rechtsbronnen kunnen we identificeren wat geldend recht is.
- Kan geldend recht onwenselijk of immoreel zijn? Ja.
- Rechters moeten voorspelbaar zijn; blijven in de regel dicht bij de letter van de wet.
Natuurrecht ( rechtvaardigheid):
- Recht is wat in overeenstemming is met wat onveranderlijk goed en rechtvaardig is.
- Een wet die strijdig is met fundamentele eisen van gerechtigheid is geen geldend
recht.
Constructivisme ( rechtvaardigheid):
- Er is meer recht dan in de rechtsbronnen staat; ook achterliggende waarden, idealen
en beginselen behoren tot het geldende recht.
- Recht is een dynamisch fenomeen; de idealen van de samenleving ontvouwen zich in
het recht.
- Rechters zijn actief betrokken bij de rechtsontwikkeling; zij kijken niet alleen naar de
letter van de wet, maar ook naar achterliggende doelen.
, Juridisch pragmatisme ( doelmatigheid):
- Recht is wat rechters en andere juridische ambtsdragers doen (o.b.v. hun common
sense), wat zij onder specifieke omstandigheden nuttig voor de samenleving vinden.
- Rechters gebruiken de wet vooral als een hulpmiddel om een sociaal en
maatschappelijk wenselijk antwoord te kunnen geven, niet als een doel op zich.
Vergelijk: juridische termen
- Meldpunt kliklijn
- Genetische modificatie genetische manipulatie
- Sociaal leenstelsel schuldstelsel
- Prominent mastodont
- Kritisch cynisch, zuur
- Vrijheidsstrijder terrorist
- Recht van de patiënt kiezen marktwerking in de zorg
- Klassieke opvattingen ouderwetse opvattingen
Ideologie = systeem van met elkaar samenhangende ideeën/inzichten/waarden.
- Groepen mensen begrijpen zichzelf en hun positie in de samenleving aan de hand
van dit systeem van ideeën.
- Sommige inzichten/begrippen binnen dit systeem zijn pertinent onjuist/vertekening
van de wereld.
- Ideologie heeft verborgen functies.
Ideologisch frame ‘retirement’ i.p.v. execution maskerende functie (bepaalde morele
keuzes worden van het tapijt geveegd)
Hoorcollege 2
2 manieren van filosofen bestuderen:
1. Historisch = hoe kunnen wij de filosofie van deze denker begrijpen vanuit zijn tijd?
2. Ahistorisch = wat zijn de ideeën van deze denker waard nu?
Vertrekpunt natuurtoestand:
- Gedachte-experiment
- Hoe zou de wereld eruitzien zonder positief recht en de staat?
o Wat er mis zou gaan is de reden waarom de staat er is en tot hoever de macht
moet reiken.
Natuurtoestand verlaten maatschappelijk/sociaal contract sluiten
- Over uitgangspunten van de staat
- Instemming vormt legimitatie van overheidsoptreden
o Fictief
Absolute macht (gekregen van god) sociaal contract tussen vorst en burgers
(wederkerigheid)
Encyclopedie criminologie B2
Hoorcollege 1
Spanning tussen instrumentaliteit en rechtsbescherming: als we door middel van juridische
maatregelen problemen in de samenleving willen oplossen, lopen we soms tegen morele of
feitelijke grenzen aan.
Uitgangspunt van mens als een verantwoordelijk persoon, stelt grenzen aan het recht als
beleidsinstrument.
Fuller schema 3 basisfuncties van het recht:
1. Rechtszekerheid
a. Sociale vrede, status quo
b. Dwang: geweldsmonopolie, verbod eigenrichting
c. Duidelijke wetten en betrouwbare rechters
2. Rechtvaardigheid
a. Gelijkheid voor de wet
b. Emancipatie: vrijheid, gelijkheid, broederschap
c. Rechtvaardige wetten en wijze rechters
3. Doelmatigheid
a. Maatschappelijk nut
b. Sturing d.m.v. prikkels
c. Efficiënte en pragmatische rechtsbedeling
Rechtspositivisme ( rechtszekerheid):
- Recht is wat er in de rechtsbronnen staat.
- M.b.v. de rechtsbronnen kunnen we identificeren wat geldend recht is.
- Kan geldend recht onwenselijk of immoreel zijn? Ja.
- Rechters moeten voorspelbaar zijn; blijven in de regel dicht bij de letter van de wet.
Natuurrecht ( rechtvaardigheid):
- Recht is wat in overeenstemming is met wat onveranderlijk goed en rechtvaardig is.
- Een wet die strijdig is met fundamentele eisen van gerechtigheid is geen geldend
recht.
Constructivisme ( rechtvaardigheid):
- Er is meer recht dan in de rechtsbronnen staat; ook achterliggende waarden, idealen
en beginselen behoren tot het geldende recht.
- Recht is een dynamisch fenomeen; de idealen van de samenleving ontvouwen zich in
het recht.
- Rechters zijn actief betrokken bij de rechtsontwikkeling; zij kijken niet alleen naar de
letter van de wet, maar ook naar achterliggende doelen.
, Juridisch pragmatisme ( doelmatigheid):
- Recht is wat rechters en andere juridische ambtsdragers doen (o.b.v. hun common
sense), wat zij onder specifieke omstandigheden nuttig voor de samenleving vinden.
- Rechters gebruiken de wet vooral als een hulpmiddel om een sociaal en
maatschappelijk wenselijk antwoord te kunnen geven, niet als een doel op zich.
Vergelijk: juridische termen
- Meldpunt kliklijn
- Genetische modificatie genetische manipulatie
- Sociaal leenstelsel schuldstelsel
- Prominent mastodont
- Kritisch cynisch, zuur
- Vrijheidsstrijder terrorist
- Recht van de patiënt kiezen marktwerking in de zorg
- Klassieke opvattingen ouderwetse opvattingen
Ideologie = systeem van met elkaar samenhangende ideeën/inzichten/waarden.
- Groepen mensen begrijpen zichzelf en hun positie in de samenleving aan de hand
van dit systeem van ideeën.
- Sommige inzichten/begrippen binnen dit systeem zijn pertinent onjuist/vertekening
van de wereld.
- Ideologie heeft verborgen functies.
Ideologisch frame ‘retirement’ i.p.v. execution maskerende functie (bepaalde morele
keuzes worden van het tapijt geveegd)
Hoorcollege 2
2 manieren van filosofen bestuderen:
1. Historisch = hoe kunnen wij de filosofie van deze denker begrijpen vanuit zijn tijd?
2. Ahistorisch = wat zijn de ideeën van deze denker waard nu?
Vertrekpunt natuurtoestand:
- Gedachte-experiment
- Hoe zou de wereld eruitzien zonder positief recht en de staat?
o Wat er mis zou gaan is de reden waarom de staat er is en tot hoever de macht
moet reiken.
Natuurtoestand verlaten maatschappelijk/sociaal contract sluiten
- Over uitgangspunten van de staat
- Instemming vormt legimitatie van overheidsoptreden
o Fictief
Absolute macht (gekregen van god) sociaal contract tussen vorst en burgers
(wederkerigheid)