Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

COMPLETE SAMENVATTING FORMEEL STRAFRECHT

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
172
Geüpload op
08-04-2026
Geschreven in
2024/2025

Complete samenvatting van het vak Formeel Strafrecht. De samenvatting bevat de stof voor de onderwijsgroepen, jurisprudenties, hoorcollege-aantekeningen en eventuele stappenplannen! Deze samenvatting bevat de complete inhoud die nodig is om het tentamen met een voldoende af te sluiten. P.S. met deze samenvatting heb ik een 7,8 behaald!

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Inhoudsopgave
Probleem 1 2
Probleem 2 12
Probleem 3 26
Probleem 4 41
Probleem 5 54
Probleem 6 66
Probleem 7 82
Hoorcollege 97
Jurisprudentie hoorcolleges 158




1

,Samenvatting Formeel strafrecht

Probleem 1 leerdoelen

1. Wat is opsporing/opsporingsonderzoek, wie is/zijn daarmee belast en waarom kennen we
een dergelijke wettelijke taaktoedeling?
2. Wanneer begint en eindigt opsporing?
3. Wanneer kan iemand als verdachte worden aangeduid en wat zijn de rechten van de
verdachte tijdens de opsporing?

Het vooronderzoek (voorbereidend onderzoek) (art. 132 Sv)
Art. 132 Sv geeft een definitie van ‘het voorbereidend onderzoek’. Daaronder moet worden verstaan:
‘het onderzoek hetwelk aan de behandeling ter terechtzitting voorafgaat’. Dit wordt ook wel
het vooronderzoek genoemd. Aan deze (definitie)verandering hebben een aantal ontwikkelingen
meegedaan. Een eerste ontwikkeling is de verschuiving die is opgetreden in de verhouding tussen
het vooronderzoek en het eindonderzoek op de zitting (vroeger voorbereidend onderzoek een tijd
waarin eigenlijke onderzoek naar de waarheid op de terechtzitting werd gedaan, tegenwoordig moet
de zaak in het vooronderzoek zoveel mogelijk tot klaarheid worden gebracht). Een tweede
ontwikkeling is dat het gerechtelijk vooronderzoek, dat steeds meer terrein verloor aan het
opsporingsonderzoek, in 2013 is afgeschaft (de zaak moest ‘panklaar’ gemaakt worden voor de
zitting). Dat wordt versterkt door een derde ontwikkeling, namelijk de verbreding van de taak van de
opsporingsambtenaar. Als vierde en laatste ontwikkeling kan worden genoemd de hoge vlucht die
de buitengerechtelijke afdoening heeft genomen. (Van een onderzoek dat aan de zitting voorafgaat,
is dus vaak geen sprake).
Het voorbereidend onderzoek bestaat onder andere uit het opsporingsonderzoek. Ingevolge art.
132a Sv is dit ‘het onderzoek in verband met strafbare feiten onder gezag van de OvJ met als doel het
nemen van strafvorderlijke beslissingen’.

Doel vooronderzoek
Onder vooronderzoek valt alle onderzoek naar mogelijk gepleegde strafbare feiten dat voorafgaat
aan de terechtzitting of aan de buitengerechtelijke sanctionering. Het doel van het onderzoek is
verbreed. Het gaat niet meer (in de eerste plaats) om het voorbereiden van het onderzoek ter zitting,
maar veeleer om het leggen van een deugdelijke basis voor gerechtelijke of buitengerechtelijke
afdoening. Daarnaast is het doel van het onderzoek te bezien of strafrechtelijk ingrijpen wel
aangewezen is. Het vooronderzoek is gericht op strafrechtelijke sanctionering (art. 132a Sv).

De opsporing: taken en verantwoordelijkheden
Wettelijke taaktoedeling
Het algemene legaliteitsbeginsel uit art. 1 Sv brengt mee dat al het overheidsoptreden dat belastend
is voor burgers, direct of indirect dient te berusten op een wet in formele zin. Het lijdt weinig twijfel
dat opsporingsactiviteiten die door of vanwege de overheid worden ondernomen, belastend zijn
voor de burgers op wie die activiteiten betrekking hebben. Daarvoor kunnen drie redenen worden
aangevoerd:
1. De eerste reden hiervoor is dat bij die opsporing niet zelden gebruik wordt gemaakt van methoden
(dwangmiddelen) die diep ingrijpen in rechten van burgers (telefoon afluisteren, vrijheidsberoving)
2. De tweede reden is dat het systematisch verzamelen en registreren door de overheid van
gegevens omtrent personen op zich al een privacygevoelige aangelegenheid is.
3. De derde reden is gelegen in het doel van het onderzoek: de strafrechtelijke sanctionering van
wetsovertredingen. Een onderzoek met verstrekkende consequenties (straf) is belastend voor de
(positie van de) burger.

2

,De conclusie kan zijn dat de opsporing die door of vanwege de overheid wordt verricht om de
strafwet te handhaven, steeds moet berusten op een wet in formele zin, dus ook als de gebezigde
opsporingsmethoden zelf geen inbreuk maken op de (grond)rechten van de burger. Het gaat daarbij
uitdrukkelijk om opsporing die door of vanwege de overheid wordt verricht.

Een nauwkeurige taaktoedeling vormt de basis van de wettelijke regeling van de opsporing. Als in de
wet is vastgelegd welke personen mogen opsporen, kunnen eisen worden geformuleerd waaraan die
personen moeten voldoen. Ook kan worden geregeld wie voor de activiteiten van deze
opsporingsambtenaren verantwoordelijk is, wie daarover het gezag uitoefent. Bovendien kunnen
regels worden geformuleerd waaraan deze ambtenaren bij hun opsporing zijn gebonden. Ten slotte
kunnen aan deze ambtenaren bevoegdheden worden toegekend waarvan zij bij de uitoefening van
hun taak gebruik kunnen maken.

Afbakening van de opsporingstaak (opsporingsbegrip)
Historische ontwikkeling
Op het punt van de afbakening van de opsporingstaak heeft het recht een snelle ontwikkeling
doorgemaakt. Op historische gronden viel goed te verdedigen dat ‘opsporing’ in het Wetboek van
Strafvordering beperkt moest worden uitgelegd. De gedachte lijkt te zijn geweest dat de in het
wetboek geregelde strafvordering begint op het moment waarop een strafzaak zich aandient, dat wil
zeggen op het moment waarop het vermoeden rijst dat een strafbaar feit is begaan. Het speuren
naar mogelijke wetsovertredingen (i.p.v. wachten op aangifte) werd een vorm van ‘opsporing’ die
tegenwoordig algemeen als noodzakelijk wordt geaccepteerd (vb. georganiseerde criminaliteit).

De tekst van art. 132a Sv luidt: ‘onder opsporing wordt verstaan het onderzoek in verband met
strafbare feiten onder gezag van de OvJ met als doel het nemen van strafvorderlijke beslissingen’.
Alle onderzoek dat in verband staat met strafbare feiten behoort tot de opsporingstaak indien het
doel van het onderzoek het nemen van strafvorderlijke beslissingen is. Dat doel is daarmee het
onderscheidend criterium geworden. Zodra het onderzoek zich richt op de vraag of strafrechtelijk
moet worden ingegrepen, is sprake van opsporing.

Vijf typen opsporingsonderzoek
1. De klassieke opsporing: Type opsporing dat de wetgever aanvankelijk voor ogen had.
Uitgangspunt van het onderzoek is hier een vermoedelijk gepleegd strafbaar feit.
Kenmerkend is dat het 1) plaatsheeft naar aanleiding van een vermoedelijk gepleegd
strafbaar feit; en dat het 2) gericht is op de opheldering van dat feit. 3) Die opheldering is
geen doel op zich, maar is gericht op het nemen van strafvorderlijke beslissingen.
2. De repressieve controle: Deze vorm van onderzoek bestaat uit het speuren naar mogelijk
gepleegde strafbare feiten. Het kenmerkende verschil met de klassieke opsporing is, dat nog
geen sprake is van een redelijk vermoeden dat een strafbaar feit is gepleegd. Een belangrijk
kenmerk van repressieve controle is dat zij gericht is op de strafrechtelijke handhaving van
de wet. Het doel van het onderzoek is de eventuele vervolging en berechting van de
‘opgespoorde’ feiten, waardoor repressieve controle tot opsporing moet worden gerekend.
3. De proactieve opsporing: Het gaat daarbij om de opsporing van toekomstige feiten, om
feiten die nog gepleegd moeten worden. Het zogenaamde proactieve onderzoek blijkt zich in
de praktijk bijna zonder uitzondering te richten op personen die ervan worden verdacht zich
bezig te houden met ernstige vormen van criminaliteit, zoals handel in drugs. Het verschil
met de klassieke opsporing is dat het onderzoek zich niet richt op dat reeds gepleegde feit
maar op een strafbaar feit dat in de toekomst zal worden gepleegd.
4. Het inlichtingenwerk: Van elk politiekorps maakt een Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE)
deel uit. De kern van het werk van de CIE bestaat uit het runnen van informanten. Deze

3

, informanten zijn voor het merendeel verklikkers die uit het criminele milieu zelf afkomstig
zijn. Deze informatie is bruikbaar als sturingsinformatie (politie kan o.b.v. info
opsporingsonderzoek instellen). Het verschil met de klassieke opsporing is maar zeer ten
dele dat nog geen sprake is van een vermoedelijk begaan strafbaar feit. Het doel is niet het
verzamelen van bewijsmateriaal, maar het opbouwen van een informatiepositie. (hele
intelligence afdeling politie)
5. Het verkennend onderzoek: Hierbij gaat het om het verkrijgen van een beeld van een
bepaalde sector in de samenleving (vb. horeca). De sector wordt ‘doorgelicht’ teneinde de
aard en omvang van de zich voordoende criminaliteit te kunnen vaststellen. De resultaten
kunnen opsporingsprioriteiten bepalen en aanleiding geven tot gerichte
opsporingsonderzoek. Het verkennend onderzoek heeft met het werk van de CIE gemeen dat
het gaat om het verzamelen van sturingsinformatie. Bij het verkennend onderzoek worden
hoofdzakelijk gegevens uit openbare bronnen verzameld die vervolgens vergeleken worden
met de gegevens uit de politieregisters. Doel van verkennend onderzoek is volgens art. 126gg
Sv ‘de voorbereiding van opsporing’.

Opsporing (begin)
De strafvordering begint met de opsporing. De kern van het vooronderzoek bestaat tegenwoordig in
alle gevallen uit een opsporingsonderzoek. Dat onderzoek wordt verricht onder het gezag van de OvJ
(art. 132a Sv). De eerste titel van Boek II is aan de opsporing gewijd. Een moeilijke vraag is wanneer
de opsporing precies begint (art. 132 Sv). Het staat vast dat vanaf het moment waarop het
vermoeden rijst dat een strafbaar feit is begaan, de opsporing begint. Vanaf dat moment kan het
optreden van de politiële en justitiële autoriteiten in elk geval als opsporing worden aangemerkt. Het
kan zijn dat het feit onder de aandacht van de autoriteiten is gebracht doordat aangifte gedaan is, of
dat de autoriteiten het zelf ontdekken. Art. 141 en 142 Sv geven een opsomming van de personen
die met opsporing belast zijn. De bevoegdheden die zij hebben staan in de artt. 53, 54, 56, 57 en 95
e.v. Sv. Opsporing beperkt zich niet tot het voorbereidend onderzoek. (vb. art. 148c Sv)

Personen met opsporing belast
Het opsporingsonderzoek is geregeld in titel I van Boek II. Die titel bevat een opsomming van
personen die met opsporing belast zijn. Art. 127 Sv definieert opsporingsambtenaren als ‘alle
personen met de opsporing van het strafbare feit belast’. Als in het wetboek van
‘opsporingsambtenaar’ wordt gesproken, is daaronder ook de buitengewoon opsporingsambtenaar
begrepen. (vb. aanhoudingsbevoegdheid van art. 53 en 54 Sv komt ook aan buitengewone
opsporingsambtenaren toe) O.b.v. art. 141 en 142 Sv zijn er twee soorten opsporingsambtenaren
 Algemene opsporingsambtenaren – art. 141 Sv:
In art. 141 Sv worden personen genoemd die als ‘gewone opsporingsambtenaar’ (politie)
kunnen worden aangemerkt. Algemene opsporingsambtenaren zijn bevoegd tot opsporing
van alle strafbare feiten. Hierbij kan worden gedacht aan de officieren van justitie,
ambtenaren van de politie, bepaalde militairen en de opsporingsambtenaren van de
bijzondere opsporingsdiensten, te weten: de financiële inlichtingen- en opsporingsdienst,
Inspectie Leefomgeving en Transport, Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit en inspectie
Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
 Buitengewone opsporingsambtenaren – art. 142 Sv:
In art. 142 Sv staan de buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s). Deze categorie
(‘buitengewone’) wordt gevormd door een bonte verzameling van personen. Zij kunnen hun
opsporingsbevoegdheid ontlenen aan een bijzondere wet, maar ook aan een akte van
opsporing die hun is verleend; vb. leerplichtambtenaren, conducteurs of boswachters.


4

Documentinformatie

Geüpload op
8 april 2026
Aantal pagina's
172
Geschreven in
2024/2025
Type
SAMENVATTING
€15,96
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
lieswijnen

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
lieswijnen Erasmus Universiteit Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
-
Lid sinds
11 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen