5.2 Auteurswet
De auteurswet beschermt de maker van een werk tegen inbeuk daarop.
De officier van justitie is de enige in ons land die strafrechtelijke procedures kan beginnen
2 Eisen waar een werk aan moet voldoen (om origineel te zijn):
1. Er moet sprake zijn van een oorspronkelijk karakter
2. Er moet sprake zijn van een persoonlijke stempel van de maker
Kenmerk van bewerking: er wordt aan een bestaand werk nieuwe creatieve elementen toegevoegd.
Een bewerking is als zelfstandig werk beschermd. Er is toestemming nodig van de maker van het
oorspronkelijke werk.
Ideeën, concepten en formats zijn auteursrechtelijk niet bescherm. De uitwerking wel.
De maker van een werk heeft 2 belangrijke exclusieve rechten:
1. Het recht te verveelvoudigen
2. Het recht om het werk openbaar te maken
De Auteurswet geeft de maker van een werk het exclusieve recht het werk openbaar te maken en te
verveelvoudigen.
Een aantal beperkingen van het exclusieve recht:
Het recht op vrije nieuwsvergaring
Het recht om te citeren
Het recht om incidenteel te verwerken
De parodie
Voorwaarden aan nieuwsmedia om actuele nieuwsberichten, zonder toestemming en vergoeding over te
nemen:
Er moet worden aangegeven wie de maker is
Er moet worden aangegeven uit welke bron ze komen
Er moet worden aangegeven dat het auteursrecht niet is voorbehouden
Er moet worden aangegeven dat het gaat om het overnemen van nieuwsberichten
Er moet worden aangegeven dat het overnemende medium een zelfde functie vervult
Het is geoorloofd om een kort gedeelte van het werk van een ander over te nemen. Vereiste zijn:
Het werk is rechtmatig openbaar gemaakt
De persoonlijkheidsrechten van de maker worden gerespecteerd
De bron en de maker worden vermeld
In een film-, radio- of tv-reportage mag een korte opname, weergave of mededeling van een auteursrechtelijk
beschermd werk gegeven worden. (artikel 16a Aw)
Indien een werk wordt verwerkt als onderdeel van een ander werk en daarvan een ondergeschikt onderdeel is, is
er geen sprake van inbreuk op het auteursrecht. (artikel 18a Aw)
5.3 Verzilverbare populariteit
Verzilverbare populariteit: de manier waarop een sporter geld kan verdienen aan zijn sportprestatie.
Bij een portret gaat het om de herkenbare afbeelding van iemands gezicht (foto, tekening, spotprent)
De fotograaf heeft het exclusieve recht zich tegen openbaar maken en verveelvoudigen te verzetten.
,Portret in opdracht
- Betaling aan de maker van het portret.
- Exploitatierecht ligt bij geportretteerde.
Portret niet in opdracht
De maker van een portret niet in opdracht heeft vooraf geen toestemming nodig voor de openbaarmaking.
De geportretteerde kan zich verzetten tegen de publicatie indien hij een redelijke belang uit art. 21 Aw kan
aantonen. Anders niet.
Redelijk belang kan zijn in zedelijke sfeer of commerciële sfeer:
Zedelijke sfeer: inbreuk op privacy
Commerciële sfeer: had de sporter geld kunnen verdienen aan het gebruik van de foto?
3 Mogelijkheden voor een sporter om geld te verdienen met zijn portret:
1. Gebruik van portret op een product of voor een dienst
Een sporter heeft een zelfstandig recht om hier een vergoeding voor te vragen. Niet relevant is of het om
een individuele sport of teamsport gaat.
2. Gebruik van een portret in een reclame voor een product of dienst
3. Gebruik van een portret van een sporter op tv, tijdschriften/krant
Normaal gebruik van het portret kan de sporter niet verbieden
Het recht op vrijheid van meningsuiting gaat bij het gebruik van het portret in een krantenartikel boven het
portretrecht van de sporter.
5.4 Gebruik van naam sporter
Kan een topsporter verbieden dat zijn naam wordt gebruikt op een product of dienst?
In art. 8 EVRM is het recht op privacy geregeld. Hierdoor kan een sporter ervoor zorgen dat het publiceren van
zijn portret onrechtmatig is.
Beperking: niet ieder eenmalig aanhaken van een reclameboodschap bij actuele gebeurtenissen met gebruik
van de naam van een sporter is onrechtmatig. Ook vereist dat de indruk wordt gewekt dat de sporter, door
gebruik van zijn naam het product aanprijst.
De rechter kijkt dus uiteindelijk of het gebruik van de naam gebeurde met het doel er geld mee te
verdienen. In dit geval is het gebruik onrechtmatig.
5.5 De handelsnaam handelsnaamwet
Handelsnaam: de naam waaronder een onderneming wordt gedreven.
Het handelsnaamrecht wordt verkregen door de onderneming te drijven onder een bepaalde naam.
Een handelsnaam kan ook een merk zijn (Nike), maar hoeven niet dezelfde te zijn (Unilver en Calve).
Er bestaat vrijheid in het kiezen van de handelsnaam. Er zijn alleen begrenzingen:
Er mag geen sprake zijn van een conflicterende handelsnaam
Er mag geen sprake zijn van een verboden handelsnaam
Er is sprake van een conflicterende handelsnaam als het publiek in verwarring wordt gebracht of als het merk van
een ander wordt gebruikt.
Verwarring ontstaat door 2 omstandigheden
1. De aard van de onderneming
2. De plaats van de vestiging
Een merkhouder die wil optreden tegen een handelsnaam kan dat alleen als de handelsnaam jonger is dan het
merk. (een beroep doen op Art. 5A HNW als art. 2.20 lid 1 sub d BVIE)
De omgekeerde situatie kan ook, dan moet er een beroep gedaan worden op art. 6.162 BW onrechtmatige daad.
, Misleidende handelsnamen
Art. 3 HNW verbiedt misleiding met betrekking tot het eigendom van de onderneming.
Het is niet verboden een naam te gebruiken van een persoon als duidelijk is dat de persoon niet de eigenaar is.
5.6 Het merkenrecht
In Nederland kan een merk beschermd worden op grond van het Benelux-verdrag inzake de intellectuele
eigendom. (BVIE).
Merk: alle tekens die een product of dienst onderscheiden van andere producten of diensten.
Bijv. logo’s, bijnamen, handtekeningen, het portret van een sporter.
De kern van een merk is het onderscheidend vermogen ervan: het onderscheidt een product of dienst van een
ander product of andere dienst. De merkhouder zal, in een juridische procedure waarin hij zich beroept op een
portretmerk, bewijs moeten leveren van het gebruik voor de producten of diensten waarvoor het portretmerk is
ingeschreven.
Als een merk gedurende vijf jaar niet normaal gebruikt wordt voor de klassen waarvoor het is ingeschreven,
vervalt het merkenrecht.
Voordeel portretmerk:
Eenvoudige exploitatie van het merk
Een merk eeuwigdurend te beschermen
Een merk wordt verkregen door inschrijving in het merkenregister bij het Benelux-Bureau voor de intellectuele
eigendom (BBIE) in Den-Haag. Het merk is dan beschermd in de Benelux (artikel 2.2 BVIE). Het is ook mogelijk
om een merk Europees te beschermen, door het te deponeren bij het Europees merkenbureau in Alicante. Het
merk is dat binnen de EU beschermd.
Voordeel Europees deponeren van een merk:
Met een aanvraag is het merkenrecht voor de gehele EU verkregen.
Nadelen Europees aanvragen merkenrecht:
Duurder
Als later in een juridische procedure de rechter uitspreekt dat er al een ouder merkenrecht bestaat in
een ander EU land, het later gedeponeerde merk in de gehele EU vernietigd wordt.
Het BBIE mag inschrijving weigeren als de aanvraag geen onderscheidend vermogen heeft, misleidend is of in
strijd is met de openbare orde of goede zeden (artikel 2.11 BVIE).
Een merk onderscheidt producten en diensten van elkaar. Tekens die beschrijvend zijn hebben geen
onderscheidend vermogen.
Ambush marketing: bij ambush marketing probeert een producent die een evenement niet sponsort met een actie
daar toch bij aan te haken.
Een beroep op een huisregel kan alleen als het om een stadion gaat en een beroep op algemene voorwaarden
gaat alleen op als er een overeenkomst is. Het aanhaken bij een evenement is in Nederland niet verboden. Er
zijn bijkomende omstandigheden nodig die maken dat een reclameactie van een niet-sponsor verboden is.
Nietig: bij een nietig merk stelt de rechter vast dat een merk juridisch nooit bestaan heeft.
Vervallen: een vervallen merk heeft wel bestaan, maar is door een bepaalde omstandigheid vervallen.
Er zijn 4 nietigheidsgronden:
1. Vlaggen, wapens en andere staatemblemen (artikel 2.28 lid 1 sub a BVIE)
2. Geen onderscheidend vermogen (artikel 2.28 lid 1 sub b BVIE)
3. Het depot is niet het eerste depot (artikel 2.28 lid 3 BVIE)